Home

‘Geschenkwo­ningen’ kunnen rijksmo­nument worden: ‘Het waren net Ikea-bouwpaketten’

De internationale gemeenschap schoot Nederland te hulp na de Watersnoodramp van 1953. Scandinavische landen en Oostenrijk leverden honderden zogenoemde Geschenkwoningen aan gezinnen die hun huis kwijt waren geraakt. Ruim veertig daarvan kunnen in één klap rijksmonument worden.

is regioverslaggever Zuid-Nederland van de Volkskrant.

‘In onze straat zijn meer dan zestig mensen verdronken, maar ons hele gezin heeft het overleefd.’ Nelly Kats-de Korte maakte als 2-jarig meisje op 1 februari 1953 de Watersnoodramp mee. ‘Van ons huis was alleen een muurtje over; alles was weggespoeld.’ De ramp is altijd in haar gedachten, zegt ze 72 jaar later. ‘Dat verhaal neem je je hele leven mee.’

Nu wóónt ze in dat verhaal. Met haar man Dick kocht ze in 1994 in Nieuwe-Tonge, op het Zuid-Hollandse Goeree-Overflakkee, een bijzonder huis: een Geschenkwoning uit Finland. Kort na de ramp kwam het in onderdelen per boot aan om slachtoffers een dak boven hun hoofd te bieden. ‘Ons gezin werd in ’53 in een vergelijkbare woning opgevangen.’ De gevoelens van dankbaarheid van haar ouders toen heeft Kats-de Korte nu als ze door haar houten huis loopt. ‘Daarom vind ik ‘Geschenkwoning’ zo’n mooie naam.’

Haar huis is een van de negen Finse chalets rondom het Finlandplein, waar in het midden een standbeeld aan de Watersnoodramp herinnert. De negen huizen staan op een lijst van groepjes van in totaal 43 Geschenkwoningen die de Raad voor Cultuur heeft genomineerd om rijksmonument te worden. Als de eigenaren er geen bezwaar tegen hebben, is Nederland binnen een jaar in één klap ruim veertig rijksmonumenten rijker. Ze zijn bedoeld als tastbare herinneringen aan ’s lands grootste naoorlogse ramp én aan de uitingen van Europese solidariteit die daarop volgden.

Hulp uit ruim zestig landen

In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 zetten stormen en vloedgolven delen van Zeeland, Zuid-Holland en Noord-Brabant onder water. Meer dan 1.800 mensen zouden de ramp niet overleven. Maandenlang stond het zuidwesten van Nederland blank, inclusief vele dorpen en steden. Enkele tienduizenden slachtoffers waren hun huis kwijt.

Meteen na de ramp begon de hulp te komen uit ruim zestig landen in de vorm van geld en goederen. Zweden, Noorwegen, Finland, Denemarken en Oostenrijk pakten het grondig aan en besloten het getroffen gebied 849 bouwpakketten van complete houten woningen te schenken – ter plekke in elkaar te zetten op een bakstenen fundering.

Op basis van het aantal onbewoonbare huizen per provincie werden de Geschenkwoningen verdeeld; ruim 400 voor Zeeland en circa 200 voor zowel Zuid-Holland als Noord-Brabant. De Noren verscheepten 326 prefab woningen, uit Zweden kwamen er 230, Oostenrijk zette er 206 op de trein, Denemarken 72 stuks en Finland schonk vijftien woningen, waaronder het stevige en comfortabele exemplaar waarin de zeventigers Dick en Nelly Kats nu met intens genoegen ruim dertig jaar wonen.

‘We hebben alles zoveel mogelijk origineel gelaten’, vertelt Nelly terwijl ze haar bezoek geroutineerd rondleidt. ‘De indeling keuken, woon-, slaap en badkamer is precies zoals die bij de bouw was.’ Wel zijn de dubbele ramen, één naar buiten en één naar binnen draaiend, vervangen door dubbel glas. De keuken en badkamer zijn nieuw. De hoge kruipruimte vormt een droge kelder waar je deels rechtop kunt staan. ‘Wel ijskoud in de winter’, zegt Dick Kats.

Hét bewijs voor ongereptheid is te vinden op de bovenverdieping, te bereiken via de oorspronkelijke en modern aandoende trap. Kats-de Korte opent een lage deur met daarachter een ongekende luxe voor die tijd, maar standaard in de meeste Geschenkwoningen: een apart toilet met spoelbak. ‘Bij al onze buren op het plein is die weggehaald, maar wij hebben dat niet gedaan.’ Een soort eerbetoon? Dat gaat haar wat ver. Wel zegt ze: ‘Die ramp mag nooit worden vergeten en daarom moet dit huis altijd blijven.’

Met destijds twee studerende kinderen had het echtpaar bijna slapeloze nachten toen Finlandplein 2 te koop stond. Ze wilden het zó graag hebben, maar het was financieel krap. Toch waagden ze de sprong en daarmee was voor Kats-de Korte, het 2-jarige slachtoffer van De Ramp, de cirkel rond.

Nog over: 682 Geschenkwoningen

Om en nabij de 65 jaar, zo lang dachten de schenkers van de woningen dat hun duurzame huizen mee zouden gaan. Per slot hadden ze niet op bouwmaterialen bespaard. Nu, zo’n zeven jaar over de houdbaarheidsdatum, tellen de drie provincies nog 682 Geschenkwoningen. Een vijfde ging in de loop der tijd verloren door brand, verval en vooral sloop om plek te maken voor nieuwbouw.

Om te voorkomen dat nog meer exemplaren verdwijnen, drongen de drie provincies er op 1 februari 2023, zeventig jaar na de Watersnoodramp, bij het kabinet op aan ‘karakteristieke ensembles’ van goedbewaarde Geschenkwoningen uit Noorwegen, Zweden en Finland als rijksmonument aan te wijzen. Oostenrijkse en Deense huizen vielen buiten de boot; daar zijn geen intacte groepjes meer van. Met hun verzoek willen de provincies genoeg bewustwording creëren om alle 682 symbolen van de Watersnoodramp te beschermen en op zijn minst behoeden voor sloop.

Aanvankelijk zaten de ontheemde kandidaten voor de Geschenkwoningen niet te wachten op de houten, voorgeproduceerde huisjes. Aardig dat die Scandinaviërs en Oostenrijkers hun een dak boven het hoofd boden, dacht menig toekomstig bewoner, maar zo’n houten keet kon nooit wat zijn. Hun veronderstelling was: de mensen wonen in steen, de beesten in hout.

Maar de argwanende daklozen woonden nog maar een paar weken in hun nieuwe onderkomen, of ze waren om. De Geschenkwoningen bleken in Nederland hun tijd ver vooruit. Hier en daar werd gefluisterd dat ze in het schenkland waren afgekeurd als ongeschikt voor het barre, koude klimaat. Voor de Nederlandse winters waren ze in elk geval ruimschoots genoeg geïsoleerd, dus behaaglijk. En ze waren stevig; het dak moest een zware sneeuwlast kunnen dragen.

Comfortabel waren ze ook, met een prettig grote keuken, wc’s, aparte slaapkamers en vaak een douche. Dat laatste was uitzonderlijk voor die tijd; sommige gezinnen bleven zich wassen in een teil, omdat ze een douche maar verspilling van water vonden. De prefab-woningen uit Denemarken kwamen zelfs met centrale verwarming én Deens behang.

De bouwpakketten bevatten verschillende modellen – vrijstaand, twee-onder-een-kap – en in formaten die geschikt waren voor grote en iets kleinere gezinnen. In elk huis hing een naar het land van herkomst refererend geschenk om de bewoners te herinneren aan welk vrijgevig volk ze hun nieuwe onderkomen te danken hadden – een geschenk in een Geschenkwoning.

De donorlanden wilden ook wat te zeggen hebben over het uiterlijk en de plaatsing van hun huizen. Ze drongen erop aan dat elke woning op een ruim perceel kwam te staan, om aldus ruimte te bieden aan een zelfvoorzienende moestuin.

Noorwegen en Zweden wilden dat hun Geschenkwoningen in groepen van hetzelfde type werden geplaatst, zodat de huizen goed tot hun recht kwamen. De ene donateur wilde dat zijn Geschenkwoningen allemaal dezelfde kleur kregen, het andere vond het belangrijk ze juist verschillende bonte tinten te geven om eentonigheid te voorkomen. Alle landen hadden dezelfde eis: elke vier jaar moesten de houten gevelwanden opnieuw worden geverfd.

Als vanzelf werden nieuwe straatnamen aan de gulle gevers gekoppeld. Vijf gemeenten kennen sinds de Watersnoodramp een Koning Haakonstraat, drie een Zweedsestraat, twee een Frederikstraat. Met ’t Noorse Plein, het Zweedseplein, het Weenseplein, de Oslostraat, de Sandströmstraat en de Edvard Griegstraat worden de donorlanden blijvend geëerd, al staan aan de Deensestraat op Tholen Oostenrijkse woningen.

Fins voor ‘leuke, fijne plek’

Op het Finlandplein in Nieuwe-Tonge staat ‘Bart van nummer 7’ – ‘da’s wel genoeg’ – onkruid weg maait. Hij groeide twee deuren verderop op en bemachtigde twaalf jaar geleden tot zijn grote vreugde een identieke Finse woning. ‘Toen een fijne plek en nu woon ik er weer.’ Hij heeft een bord met ‘Kiva Paikka’ op de gevel geschroefd. ‘Dat is Fins voor leuke, fijne plek.’

Meteen na de koop ging Bart zijn huis verbouwen. ‘Het bleek oerdegelijk, vooral het dak. Ik kon ook goed zien dat dit als bouwpakket hier naartoe is gekomen.’ Aan de uiteinden van op elkaar aangesloten balken zag hij overeenkomstige nummers. ‘Het deed mij erg aan die bouwpakketten van Ikea denken.’

Destijds had hij geen aarzelingen om zijn huis te verbouwen. Er kwam een dakkapel en de ruimtevretende schoorsteen verdween. Nu ligt de zaak anders, want zijn woning krijgt naar alle waarschijnlijkheid de status van rijksmonument. ‘Begrijp me niet verkeerd: ik ben daar zeker niet op tegen. Mijn huis staat voor een mooi iets, een mooi verhaal van medemenselijkheid. Het is goed om het te bewaren, maar als bewoner ben je lijdend voorwerp. Ik heb geen idee waar ik aan toe ben.’

Samen met Dick en Nelly Kats van Finlandplein 2 ging Bart naar een informatiebijeenkomst voor toekomstige bewoners van een rijksmonument. ‘De meesten zaten er niet op te wachten’, hoorde Dick Kats. ‘Ze zeiden: het voegt niets toe en misschien daalt de waarde wel.’

Buurman Bart hoorde daar van meerdere bewoners dat ze hun verbouwplannen naar voren halen. ‘Ik heb zelf ook vaart gezet achter de plaatsing van een warmtepomp.’ Een oudere dame op het plein heeft volgens Nelly slapeloze nachten sinds het in de buurt over rijksmonumenten gaat.

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, horend bij het ministerie van Onderwijs, moet de zorgen wegnemen. Zonnepanelen kunnen gewoon blijven liggen, stelt een woordvoerder, en dakkapellen hoeven niet te worden afgebroken. Eigenaren die niet willen dat hun huis de status van rijksmonument krijgt, moeten beargumenteren waarom hun object geen monumentale waarde bezit. Eenmaal een rijksmonument is een vergunning verplicht voor grote veranderingen. Onderhoud door vakmensen wordt voor 38 procent gesubsidieerd.

‘Ik mag zelf niks meer aan m’n huis veranderen en dat heb ik tot dusver altijd gedaan’, zegt Dick Kats. ‘Wonen in een rijksmonument klinkt leuk, maar ik zie alleen maar nadelen.’ Bart van Finlandplein 7 vreest dat hij straks als eigenaar van een rijksmonumument van alles moet. ‘Nu hebben we maar één verplichting: onze huizen mogen we alleen in de kleur bruin verven.’

Genomineerd als rijksmonument

Ensemble van tien vrijstaande en drie twee-onder-een-kapwoningen
Koning Gustaaf Adolfstraat, Lage Zwaluwe (gemeente Drimmelen), Noord-Brabant

Donorland: Zweden

WOZ-waarde: tussen de 285.000 en 463.000 euro

De eigenaar, woningbouwcorporatie Woonvizier, is blij met de mogelijke status van Rijksmonument omdat dit de toekomst van de woningen waarborgt. ‘Leuk’, vindt de bewoner van nummer 10. ‘Krijg ik dan zo’n blauw-wit schildje op mijn gevel?’ De woningen zijn volgens Woonvizier recentelijk gerenoveerd. Het volgende groot onderhoud is over 25 jaar, regulier onderhoud is om de vijf jaar.

Opvallend zijn de twee-onder-eenkappers. De Zweden adviseerden een lichte kleur voor de begane grond en donker voor de verdieping, zodat de woningen platter leken. In Lage Zwaluwe is dat omgedraaid. Naast enkele voordeuren hangt nog altijd een bordje met de tekst: ‘Dit huis is geschonken door het Zweedse Rode Kruis, daartoe in staat gesteld door het Zweedse volk - Watersnood 1953.’

Ensemble van zes vrijstaande woningen
Europastraat, Hansweert (gemeente Reimerswaal), Zeeland

Donorland: Noorwegen

WOZ-waarde: tussen de 197.000 en 284.000 euro

De Noren leverden de meeste Geschenkwoningen, de eerste al vier dagen na de Watersnoodramp en de eerste honderd binnen twee weken. Ze konden zo snel handelen omdat Noorwegen meteen na de Tweede Wereldoorlog was begonnen met de productie voor eigen gebruik. In elk donorhuis, ontworpen voor 20 graden vorst, hing een foto van een Noorse stad of landschap en eronder een plaatje met ‘Geschenk van het Noorse volk.’ De Noren eisten dat het minstens tien jaar zou blijven hangen. In het Zeeuwse Burgh-Haamstede, waar vijf Noorse woningen rijksmonument kunnen worden, hebben de eigenaren de woningen vernoemd naar Noorse steden. In Hansweert hangen op enkele woningen gefiguurzaagde elanden.

Ensemble van negen vrijstaande woningen
Finlandplein, Nieuwe-Tonge (gemeente Goeree-Overflakkee), Zuid-Holland

Donorland: Finland

WOZ-waarde: tussen de 355.000 en 440.000 euro

Meest opvallend aan deze vrij ruime Finse Geschenkwoningen is de entree, een oorspronkelijk volledig glazen veranda-achtige aanbouw bij de voordeur. In Finland bedoeld voor ski’s en een slee, in Nederland gebruikt voor klompen, laarzen en kinderwagens. De Finse donor schonk bij elk huis een originele aquarel van een Finse kunstenaar.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next