Energietransitie Nu de windsector onder meer door gestegen kosten onder hoge druk staat, wil demissionair minister Hermans (VVD, Klimaat en Groene Groei) extra geld besteden aan offshore windparken. Dit in het kader van het ‘Actieplan windenergie op zee’. Een stimuleringssubsidie voor de industrie wordt verlengd.
Een schip dat wordt gebruikt om windmolens op de Noordzee te bouwen.
Het kabinet trekt de portemonnee om te voorkomen dat de offshore windsector stilvalt. Het komend jaar maakt het kabinet bijna één miljard euro vrij uit het Klimaatfonds voor de ontwikkeling van windparken. Ook houdt het kabinet een subsidieregeling langer in de lucht om vraag naar stroom uit wind te stimuleren.
Dat schrijft demissionair minister Hermans (VVD) van Klimaat en Groene Groei dinsdag in een brief over het ‘Actieplan windenergie op zee’, die zij dinsdag naar de Kamer stuurde.
Nederland moet elektrificeren om klimaatdoelen te halen en om onafhankelijker te worden van andere landen voor energie. Alleen windparken op zee kunnen de benodigde energie tijdig en op grote schaal leveren, schrijft de minister.
De windsector staat echter onder grote druk. Door hoge kosten, gestegen rentes en inflatie is de businesscase voor het ontwikkelen voor offshore windparken vaak niet meer rond te rekenen. De uitrol van windplannen dreigt daardoor te stokken. Dat wil het kabinet voorkomen. Het Actieplan is een belangrijk onderdeel van het begrotingspakket voor 2026 dat het ministerie van Klimaat en Groene Groei deze dinsdag presenteert.
Met de 948,5 miljoen euro die het kabinet uittrekt wordt in 2026 2 GW aan windparken op zee met subsidie vergund. Dit bedrag is bedoeld als een soort noodverband, tot een meer definitieve oplossing vorm krijgt. Prijszekerheid voor windproducenten moet op langere termijn komen van zogeheten Contracts for Difference. Dit is zijn tweerichtingscontracten: zakt de elektriciteitsprijs onder een minimum dan ontvangt de producent subsidie, stijgt de prijs boven een maximum dan draagt de producent opbrengst af aan de overheid. Het kabinet wil dit invoeren maar de benodigde wetswijziging is waarschijnlijk pas in 2027 geregeld.
Windmolens worden niet gebouwd om mooi te zijn, uiteindelijk moet er vraag naar stroom zijn. Vraag en aanbod op elkaar afstemmen blijkt weerbarstig. Deze zomer maakte Hermans bekend de ambities voor windenergie op zee op de lange termijn terug te schroeven van 50 GW in 2040 naar 30 tot 40 GW, vanwege de achterblijvende vraag naar elektriciteit vanuit de industrie.
Onder het kopje ‘vraagstimulering’ maakt de minister nu 150 miljoen euro beschikbaar om de Indirecte Kosten Compensatie (IKC)-regeling met een jaar te verlengen, tot 2028. Dit is een regeling voor de industrie die elektriciteitskosten concurrerend moet houden. Nederland kent vergeleken met andere landen hoge elektriciteitskosten, voor bedrijven een veelgenoemde reden om te treuzelen met elektrificeren.
„Windparken zijn projecten van de lange adem, bouwen duurt jaren”, zegt Olof van der Gaag, voorzitter van de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie. „Als je nu zou stoppen met ontwikkelen en wacht op de vraag, is er straks weer te weinig. De aanname was dat de vraag vanuit de energie sneller zou toenemen, maar dit kost meer tijd dan verwacht. De subsidie is nodig om die tijd te overbruggen.”
Over de maatregel die het kabinet inzet om die vraag te stimuleren is hij kritischer. „Het IKC langer in stand houden is in mijn ogen geen verduurzamingsmaatregel maar voortzetting van bestaand beleid en gericht om de Nederlandse industrie te beschermen tegen concurrentie. Echte vraag stimuleer je door strengere eisen te stellen aan eindproducten. Als de afzetmarkt er is dan moet de industrie wel verduurzamen, dat levert sneller serieuze vraag naar duurzame stroom op.”
Het geld voor de maatregelen in het Actieplan windparken op zee komt uit het klimaatfonds, en gaat ten koste van andere posten. Een eerder aangekondigde bijmengsubsidie en -verplichting voor gascentrales om de CO2-uitstoot te verminderen komt onder meer te vervallen.
Demissionair minister Hermans erkende tijdens een persmoment dat het een moeilijke afweging was om geld voor CO2-vrije gascentrales in te ruilen om nu geld vrij te maken voor windparken. „Het is echt een dilemma. Want ik geloof dat die maatregel [subsidie voor CO2-vrije gascentrales] goed was. Maar ik accepteert die afruil. Wind op zee dreigt stil te vallen en niet even één windpark, maar een hele sector die je niet zomaar weer aan de gang krijgt.” Ze wil in gesprek met de sector over hoe de CO2-vrije gascentrales dan wel geregeld moeten worden.
Ondertussen meldt het kabinet in de begrotingsplannen ook een andere tegenvaller op het gebied van elektrificatie. Dit voorjaar bleek uit een ambtelijke studie dat er de komende vijftien jaar zo’n 200 miljard euro nodig is om het elektriciteitsnet te verzwaren en dat dit resulteert in fors hogere nettarieven voor huishoudens en bedrijven. Het kabinet hoopte dat dit effect gedempt zou kunnen worden door de investering uit te smeren over vele jaren via een leningsconstructie voor netbeheerders. Nu blijkt dat deze constructie maar heel beperkt kan bijdragen aan lagere tarieven, en ligt dit vraagstuk opnieuw helemaal open. Het is aan een nieuw kabinet om hier keuzes over te maken.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC