Goed beter beest Het atlasturkooisblauwtje heeft een groot aantal minichromosoompjes: maar liefst 229 paar.
Op het oog is er niet veel bijzonders aan het blauwtje dat in de hoge bergen van de Atlas rondvliegt, van Algerije tot Marokko. Maar in de cellen van het vlindertje zit een verrassing. Het dna in iedere celkern van het atlasturkooisblauwtje (Polyommatus atlantica) omvat maar liefst 229 paar chromosomen, een zeldzaam record in het dierenrijk. Het is ook bijna tien keer zoveel als het chromosoomaantal van een naast familielid, het icarusblauwtje, dat 23 chromosooparen heeft.
Sommige plantensoorten hebben nog meer chromosomen dan het atlasturkooisblauwtje , maar dat is altijd te herleiden tot een verdubbeling van bestaande chromosomen. Het bijzondere is dat het hoge aantal bij dit vlindertje is ontstaan door het opbreken van zijn chromosomen.
Wat is hier gebeurd, vroegen Britse genetici zich af. Ze namen de moeite om het hele genoom van het vlindertje in kaart te brengen.
Ze hoopten dat het onderzoek hen ook iets kon leren over de genetica van kanker. Ook in tumorcellen raken chromosomen vaak gefragmenteerd, schrijven ze. Maar ondanks hun diepgravende genetische kennis hebben ze niet kunnen achterhalen waardoor het genetische materiaal van het atlasturkooisblauwtje in kleine stukjes is opgehakt. Wat hen wel opviel is dat al die minichromosoompjes ongeveer dezelfde lengte van 2.000 basenparen hebben. Zou dat het biologisch minimum zijn voor een levensvatbare chromosoomlengte?
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin
Source: NRC