De oplossing voor overvolle gevangenissen ligt al jaren voor de hand: maak de enkelband tot volwaardige hoofdstraf. Toch is daar nooit serieus werk van gemaakt.
In 2009 noemde toenmalig Tweede Kamerlid Fred Teeven het ‘te triest voor woorden’ dat mensen met een enkelband en een krat bier op de bank zouden zitten. Slechts vier jaar later liet hij als staatssecretaris zien hoe wispelturig politieke principes kunnen zijn. In zijn ‘Masterplan detentie’ presenteerde hij draconische bezuinigingsmaatregelen, waarbij tientallen gevangenissen de deuren zouden sluiten en gedetineerden eerder vrij zouden komen met een enkelband.
Over de auteur
Jordi L’Homme is strafrechtadvocaat bij Kötter, L’Homme & Plasman Advocaten. In de maand september is hij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
De kwaliteit van het gevangeniswezen zou daar volgens hem niet onder lijden. ‘Straffen moeten ten uitvoer worden gebracht en we gaan geen mensen heenzenden. Er komt geen cellentekort en we gaan niet morrelen aan de veiligheid van medewerkers en gedetineerden’, beloofde hij de Kamer. Voor het plan van de enkelband bleek echter onvoldoende steun. De invoering hiervan als vervanging van gevangenisstraf werd geschrapt.
Waar Teeven destijds nog meende dat er geen cellentekort zou ontstaan, is anno 2025 het tegendeel waarheid geworden. Het gevangeniswezen verkeert in ‘code zwart’, met een nijpend tekort aan zowel cellen als bewaarders. De bezettingsgraad is opgelopen tot 99,5 procent.
Dat hangt samen met een bredere trend: Nederlandse rechters zijn de afgelopen twintig jaar steeds strenger gaan straffen. Strafmaxima worden verhoogd – zoals bij doodslag, van 15 naar 25 jaar –, terwijl langgestraften door de in 2021 in werking getreden Wet straffen en beschermen nog maar maximaal 2 jaar voor het einde van hun straf vrijkomen en daardoor langer vastzitten. Waar gedetineerden in 2022 gemiddeld 450 dagen vastzaten, was dat in 2024 al 600 dagen.
De politieke wens om zwaarder te straffen ging gepaard met een blindheid voor de gevolgen in het gevangeniswezen. Dat blijft niet zonder consequenties: volgens EenVandaag ontlopen momenteel 4.000 veroordeelden hun straf, waaronder 1.158 in zaken met slachtoffers en nabestaanden. Dat betekent concreet dat slachtoffers hun dader niet achter slot en grendel zien verdwijnen, en dat rechters straffen opleggen die de staat niet kan uitvoeren.
Sinds eind vorig jaar werden gedetineerden door het capaciteitstekort al tot vijf dagen eerder vrijgelaten. Begin dit jaar escaleerde de situatie toen toenmalig PVV-staatssecretaris Ingrid Coenradie in conflict raakte met partijleider Geert Wilders, omdat zij zich genoodzaakt zag gevangenen twee weken voor het einde van hun straf vrij te laten. Voor 146 gedetineerden betekende dit dat zij tot een week eerder op vrije voeten kwamen.
Momenteel kan de rechter kiezen uit vier hoofdstraffen: gevangenisstraf, hechtenis, taakstraf of geldboete. Gelet op de capaciteitsproblemen is de tijd rijp om daar een vijfde aan toe te voegen, namelijk de enkelband (formeel: elektronische detentie).
Ook het CDA heeft dat ingezien. In het verkiezingsprogramma pleit de partij ervoor de rechter meer mogelijkheden te geven om slimmer te straffen – met de enkelband als volwaardige hoofdstraf. Dat sluit aan bij het initiatiefwetsvoorstel Slimmer straffen, ingediend door de Kamerleden Joost Sneller (D66), Jesse Six Dijkstra (NSC) en Derk Boswijk (CDA). Zij stellen voor dat rechters bij delicten met een maximale gevangenisstraf van zes maanden de mogelijkheid krijgen om in plaats daarvan een enkelband als straf op te leggen.
Een aanzienlijk deel van de gevangeniscellen wordt momenteel ingenomen door mensen met korte vrijheidsstraffen. Jaarlijks leggen rechters 20 duizend onvoorwaardelijke celstraffen op, waarvan 70 procent korter is dan drie maanden. Zo raken de gevangenissen vol met kortgestraften. Dit draagt weinig bij aan veiligheid, maar neemt wel kostbare celruimte in.
In 2013 sneuvelde een wetsvoorstel in de Eerste Kamer, omdat de enkelband volgens critici ‘geen echte straf’ zou zijn en te weinig vergelding zou bieden. We moeten af van het idee dat de enkelband slechts ‘bier drinken op de bank’ is. Elektronisch toezicht is in de praktijk vaak ingrijpender dan een korte celstraf: de veroordeelde wordt dag en nacht gevolgd en heeft slechts beperkte bewegingsvrijheid. In Zweden en Denemarken wordt bijvoorbeeld gewerkt met een gepersonaliseerd urenschema, waarin per dag per activiteit staat waar een veroordeelde zich moet bevinden en wat die moet doen.
Bovendien is straffen met een enkelband goedkoper én effectiever. Onderzoek in Nederland laat zien dat de kans op recidive bij enkelbandgebruik bijna de helft lager is dan na een korte gevangenisstraf. Ook elders in Europa – in landen als Zweden en Frankrijk – wordt de enkelband al jaren succesvol toegepast, met lagere kosten en zonder toename van recidive.Dat is deels te verklaren doordat de enkelband detentieschade voorkomt. Een korte gevangenisstraf leidt vaak tot verlies van werk, inkomen of huisvesting en tot stigmatisering.
Zoals de verlichtingsdenker Cesare Beccaria al stelde, moet straf niet zwaarder zijn dan strikt noodzakelijk. Het is hoog tijd dat de politiek niet langer stoere taal, maar verstandige keuzes laat prevaleren. Het CDA heeft in zijn verkiezingsprogramma al een voorzet gedaan. Nu is het aan de gehele politiek om door te pakken.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns