Home

‘Ik heb meer dan eens in zijn gezicht gezegd: jij bent niet de liefde van mijn leven, dat weet je toch?’

Marieke trouwt omdat ze naar een gezin verlangt – niet naar haar man. Ze leven 25 jaar samen zonder bij elkaar te passen, totdat de kinderen het huis uit zijn en de hond is begraven.

is journalist. Voor Volkskrant Magazine interviewt ze wekelijks mensen over liefde en relaties.

Marieke (63)

‘Het was februari, ik stond voor het huiskamerraam en keek de tuin in. De heg was bruin en vaal in deze tijd van het jaar, de bomen waren kaal, de lage wolken zagen er zwaar uit. Het was een sombere dag, maar in mijn hoofd werd het steeds lichter. Ook al was de hond net dood en waren de kinderen allemaal de deur uit – ik had de jongste nog maar een paar weken ervoor helpen verhuizen. Ik stond voor het raam en dacht: iedereen is weg en nu is het mijn beurt, nu kan ik eindelijk gaan.

We waren 25 jaar getrouwd. Het woord scheiding speelde nog niet eens door mijn hoofd, zover was het allemaal nog niet. Als ik maar weg kon, een wens die ik al koesterde sinds het begin van mijn huwelijk.

De liefde van nu is een rubriek in Volkskrant Magazine over seks en relaties.

Mijn man was niet onaardig. In het begin van ons huwelijk hadden we vaak ruzie gehad, maar de laatste jaren gebeurde dat steeds minder. Hij sloeg me niet, was geen narcist of op een andere manier een slechte man, we pasten gewoon niet bij elkaar. In zoveel opzichten niet, dat het moeilijk is er een in het bijzonder te noemen.

Geen nieuwsgierigheid

In al die jaren huwelijk heb ik nooit aan hem kunnen wennen. Niet aan de seks, die altijd erg op hem gericht was, en ook niet aan onze gesprekken waarin we elkaar nooit hebben kunnen begrijpen, want voor nieuwsgierigheid is aantrekkingskracht nodig. Natuurlijk hoopte ik dat het huwelijk soepeler zou worden naarmate we langer samen waren, dat we die geoliede machine zouden worden waar je weleens over hoort. Maar eigenlijk wist ik al bij de eerste date dat dat er niet in zat. Na onze eerste nacht stapte ik uit bed en ik hoor mezelf nog denken: dit is het dus niet. Maar de volgende dag belde hij, en hij bleef maar bellen. Toen gaf ik toch weer toe.

Ik bleef hem zien zonder dat mijn beeld van hem veranderde. Waarom? Waarom gaf ik toe aan een man voor wie ik niets voelde? Ik trouwde met hem alsof het niets was, in het volle bewustzijn dat hij me niet wezenlijk raakte. Geen gesprek maakte iets los, geen aanraking deed me huiveren. Mijn onbehagen daarover duwde ik weg, maar ik ontkende het niet. Ik wist dat hij second best was en hij wist het ook.

Zelfs meerdere malen heb ik in zijn gezicht gezegd: jij bent niet de liefde van mijn leven, dat weet je toch? Dat zei ik niet eens uit wreedheid, maar omdat ik wilde dat hij wist waar hij aan begonnen was. Ik wilde benoemen wat ik voelde en benoemen wat ik niet voelde. Maar ik beloofde hem mijn volledige commitment aan het gezin dat we samen zouden stichten.

Een normaal leven

Want dat was mijn eigenlijke wens, dat was waarom ik voor hem koos. Ik verlangde naar een normaal leven, zo’n leven dat iedereen had. Ik was eind twintig, de jongste uit een traditioneel gezin. Ik had een verhouding met een getrouwde man en daarvoor had ik veel vriendjes gehad, maar dat los-vaste interesseerde me niet langer. Net als mijn broers en zussen wilde ik een andere kant van het leven leren kennen: de schoonheid van vroeg naar bed gaan en vroeg opstaan, een bestaan gevuld met het zorgen voor anderen, voor kinderen. En deze man, die ik kalm en waardig met collega’s en vrienden had zien omgaan, leek me heel geschikt hiervoor.

Hij en ik zijn als stel nooit een match geweest, maar als ouders werden we dat wel. We kregen geweldige kinderen, voor wie we ieder onze eigen verantwoordelijkheden hadden. We organiseerden gezellige avonden met onze vrienden. Wanneer we met zijn tweeën waren, keken we series op de bank. Dat was de flinter waar we elkaar vonden: in Engelse detectives. Ik was niet gelukkig, maar ook niet alleen maar ongelukkig. Leven is zoveel gecompliceerder dan dat.

Ik bleef dus, maar om mezelf trouw te blijven maakte ik iedere vijf jaar de balans op. Elke vijf jaar vroeg ik me af: wat ga ik doen, blijven of vertrekken? Ik stelde me vragen als: doe ik mijn kinderen niet een enorm verdriet als ik ga? Waar ga ik wonen? Hij is niet mijn grote liefde, maar bestaat die grote liefde wel?

‘Ik stik’

Mijn gezin bestond. Dat wist ik zeker. En hoe. Mijn werk bestond ook. Onze gezamenlijke vrienden. En zo tekende ik als het ware toch telkens vijf jaar bij. Het gezin floreerde, het huwelijk kalfde af, en waar iets afbrak, groeide niets meer aan. Na twaalf jaar kon ik de intimiteit die bij getrouwd zijn hoort niet meer opbrengen. ‘Als ik die moet volhouden, stik ik’, zei ik op een dag. Wat hij precies antwoordde, weet ik niet meer, maar daarna hebben we nooit meer seks gehad. We zetten ons leven voort zoals we gewend waren.

Dat gezin waarnaar ik zo had verlangd, was het kader waarbinnen ik me bewoog, als ik weg zou gaan was alles voor niets geweest. Maar toen, nog eens twaalf jaar later, kwam ineens dat moment in februari en drong het tot me door: het gezin zoals ik dat kende bestaat niet meer, want de kinderen zijn het huis uit en de hond is begraven.

Ik kon de teugels laten vieren, er was nog maar één horde te gaan. Ik staarde naar buiten en voelde me plotseling licht worden. Ik wist dat de mededeling die ik mijn man straks zou gaan doen geen grote verrassing zou zijn. Ik waarschuwde hem immers al 25 jaar, hij wist waar hij aan was begonnen. En vader en moeder bleven we voor altijd.

Deel twee

Als voorproefje van de vrijheid begon ik wat door Facebook te scrollen, ik wilde weten hoe mijn klasgenoten het ervan af hadden gebracht. En zo ontmoette ik nog voor de scheiding Chris, met wie ik op de middelbare school een blauwe maandag verkering had gehad. Hij was verrast, wilde weten hoe het met me ging. Hij vroeg door, laag voor laag pelde hij me af, en om maar één reden: de wens me te leren kennen, want dit keer was de aantrekkingskracht er wel.

Ik wist al wat het gezinsleven was, en nu weet ik ook wat grote liefde is: elkaar aankijken en willen weten wat de ander denkt. Spijt van mijn keuzen heb ik geenszins. Maar alsjeblieft, laat deel twee ook 25 jaar duren.’

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Marieke ­gefingeerd. Wil je meer van deze verhalen horen? Luister dan ook naar onze podcast De liefde van nu.

OPROEP

Van eenmalige avonturen tot langlopende relaties: Corine Koole is voor deze rubriek en de gelijknamige podcast op zoek naar verhalen over álle soorten liefde en bijzondere ervaringen die (ook bij jongere lezers) tot nieuwe inzichten hebben geleid.

Meedoen? Mail een korte ­toelichting naar: deliefdevannu@volkskrant.nl.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next