Home

‘Nederland heeft een rechtssysteem dat plegers van huiselijk geweld nauwelijks begrenst’

Ariane Hendriks en Ingrid Vledder | experts familierecht Nederland telt zo’n 200.000 slachtoffers van intieme terreur. De hulpverlening en rechtspraak laten hen in de kou staan en leggen plegers geen strobreed in de weg, constateren twee familierechtexperts. „Er zijn nog veel te weinig rechters die intieme terreur herkennen.”

Oud-advocaat Ariane Hendriks en advocaat Ingrid Vledder.

Om te laten zien waar het systeem faalt, pakt familierechtadvocaat Ingrid Vledder halverwege het gesprek met NRC een „schoolvoorbeeld van een slachtoffer van intieme terreur die vastloopt in het rechtssysteem” erbij. „Buitenstaanders zullen verbaasd zijn als ze deze uitspraak van het gerechtshof lezen”, vult familierechtexpert Ariane Hendriks (Tilburg University) aan. „Wij zijn die verbazing al lang voorbij.”

De zaak draait om een moeder van twee jonge kinderen. Drie jaar geleden werd ze in het bijzijn van de kinderen mishandeld door hun vader.

Ze verbrak de relatie. Hij werd gearresteerd, veroordeeld en kreeg een tijdelijk contact- en locatieverbod. Tegenover politie en hulpverlening verklaarde de moeder dat hij haar vaker mishandelde, bedreigde en vernederde. Een buurman bevestigde zelfs dat hij haar tijdens de zwangerschap had mishandeld.

Voor fout gedrag van de man zijn veel meer aanwijzingen, leert de uitspraak. Verschillende mensen omschrijven hem bij de politie als „verbaal agressief, iemand die niet luistert en alleen zijn zin wil doordrijven”. Een eerdere ex-partner deed aangifte van stalking.

Ook na de relatiebreuk gaat zijn foute gedrag door. In 2023 zet hij een foto van de moeder online met de tekst #borderline. Bij een ontmoeting grijpt hij haar naar de keel. Meermalen houdt hij de kinderen langer bij zich dan afgesproken.

De moeder vraagt Veilig Thuis om hulp, maar daar benadrukken hulpverleners het belang van co-ouderschap. Daarop stapt ze naar de rechter met het verzoek het gezamenlijk gezag te beëindigen. De Raad voor de Kinderbescherming, die zwaarwegende adviezen aan de rechtbank geeft in familierechtszaken, stelt echter dat sprake is van een„ toxische relatie” en dat „beide ouders dader en slachtoffer zijn”. Vervolgens oordeelt de rechtbank Noord-Nederland dat de ouders het gezag moeten blijven delen.

Twee vechten, twee schuld

„Dit is hoe het heel vaak gaat”, zegt Vledder. „Nederland kent een hulpverlenings- en rechtssysteem dat plegers van intieme terreur en huiselijk geweld nauwelijks begrenst en ervoor zorgt dat zij ook na een scheiding met door kunnen gaan met hun gedrag.”

Familierechtexperts Hendriks en Vledder wijten dat aan het ‘vechtscheidingsframe’ dat de afgelopen decennia wijdverbreid raakte binnen rechtspraak en hulpverlening. Er wordt vanuit gegaan dat waar twee ouders vechten, twee ouders schuld hebben.

De kiem voor dit systeem ligt in 1998, toen gezamenlijk gezag na scheiding het uitgangspunt werd. „Sindsdien is er steeds meer nadruk komen te liggen op samenwerking tussen de gescheiden ouders”, vertelt Hendriks. „Dat het kind contact met beide ouders heeft, is het allerbelangrijkste. Interesse in wat er tussen de ouders is voorgevallen, wie dat veroorzaakte en wat dit voor de kinderen betekent is er nauwelijks. Ouders krijgen steeds te horen dat ze naar de toekomst moeten kijken.”

Volgens Hendriks en Vledder hangt dit samen met een gebrek aan kennis van intieme terreur: een eenzijdige vorm van partnergeweld die zich uit in een patroonmatige dwang en controle die erop gericht is de partner in de relatie gevangen te houden. Met hun boek Met liefde heeft het niets te maken; over het herkennen en stoppen van intieme terreur – dat zaterdag verschijnt – hopen zij het wijdverbreide ‘vechtscheidingsframe’ binnen rechtspraak en hulpverlening te doen kantelen.

Dat is broodnodig, benadrukken de twee. Volgens het CBS, dat in 2024 voor het eerst cijfers over intieme terreur verzamelde, telt Nederland zo’n 200.000 slachtoffers. Femicide, het doden van een vrouw door een (ex-) partner, komt in Nederland tientallen keren per jaar voor en wordt in de meeste gevallen voorafgaan door een patroon van intieme terreur.

Uit hoe Hendriks en Vledder hun verhaal doen, blijkt dat ze elkaar lang kennen. Ze spreken in het zelfde tempo en vullen elkaar automatisch aan. In het twee uur durende interview valt nauwelijks een stilte. De twee ontmoeten elkaar in de collegebanken in Maastricht, waar ze vanaf 1994 cultuurwetenschappen studeerden. Na een rechtenstudie in de avonduren, rolden ze vervolgens allebei als advocaat bij verschillende kantoren het familierecht in.

Kunnen jullie het proces van intieme terreur beschrijven?

Hendriks: „Het begint vaak met ‘love bombing’ waarbij het slachtoffer overladen wordt met extreme aandacht en genegenheid om snel een diepe emotionele band en afhankelijkheid te creëren. Vervolgens worden alle mogelijke middelen ingezet om haar in de relatie te houden. Ze wordt geïsoleerd van haar omgeving, minutieus in de gaten gehouden – ook met technische hulpmiddelen zoals camera’s in de woning en gps-trackers. Ze wordt gemanipuleerd, bedreigd en vernederd – vaak ook seksueel. Fysiek geweld kan onderdeel zijn van intieme terreur, maar dat hoeft niet. Als je iemand genoeg manipuleert en isoleert, hoef je haar helemaal niet te slaan.”

Vledder: „Intieme terreur is niet voorbij als een slachtoffer de relatie beëindigt. Als er kinderen in het spel zijn, kan een pleger via het rechtssysteem eindeloos doorgaan met zijn dwangmatige gedrag richting zijn ex-partner en kinderen.”

Hoe wordt het rechtssysteem daarvoor misbruikt?

Vledder: „Met gezamenlijk gezag over een kind kun je je ex-partner eindeloos frustreren, door bijvoorbeeld niet in te stemmen met de inschrijving op een nieuwe school, hulpverlening of een vakantie in het buitenland. Met sommige cliënten die ik al jaren heb, moeten we voor iedere gezagsbeslissing naar de rechter.”

„Die man weet ook wel dat de rechter uiteindelijk toestemming geeft voor bijvoorbeeld een vakantie in Spanje, maar het is hem om het frustreren van de vrouw te doen. En omdat de rechter alleen maar over dit specifieke punt een beslissing neemt, kan hij doorgaan en doorgaan.”

Hendriks: „Terwijl zo’n rechter er paal en perk aan zou kunnen stellen door na de tweede onnodige vakantieweigering te zeggen: bij de derde keer stoppen we met het gezamenlijk gezag.”

Waarom doet zo’n rechter dat niet?

Hendriks: „Gezamenlijkheid zit ingebakken in het familierecht. Rechters zijn getraind om ouders hun conflicten samen op te laten lossen.”

Vledder: „Van Groningen tot Maastricht worden ouders met dezelfde techniek benaderd. ‘U wilt toch ook samen naar de musical in groep 8?’, horen we. Terwijl rechters ook op intieme terreur getraind zouden moeten worden. Zet een opleidingsdag op en laat rechters oefenen met trainingsacteurs.”

Hendriks: „Het begint met het herkennen van intieme terreur. Ik sprak laatst een rechter die zei: ‘Als je het één keer tegenkomt, kan je het niet meer níet zien’.”

Vledder: „Er zijn nog veel te weinig rechters die intieme terreur herkennen. De zaak van die moeder met twee kinderen uit Noord-Nederland die ik eerder aanhaalde, is een positieve uitzondering. Daar heeft het gerechtshof de rechtbank teruggefloten en benadrukt dat de rechter uit het oog is verloren dat er huiselijk geweld was waar kinderen de dupe van zijn.”

Over het familierecht klinkt van ouders geregeld de kritiek dat niet aan waarheidsvinding gedaan wordt. Zou dat wel moeten?

Hendriks: „Pontius Pilatus vroeg aan Jezus: ‘wat is waarheid?’ En die vraag is sindsdien niet beantwoord. Het gaat om aannemelijkheid. In het strafrecht moet je onomstotelijk vaststellen dat iemand schuldig is, maar in het civiele recht – waar familierecht toe behoort – gaat het om wat op basis van het dossier aannemelijk is.”

Vledder: „Wij merken dat er onvoldoende interesse in feiten is. Wij maken geregeld mee dat de Raad voor de Kinderbescherming weigert om bewijs in ontvangst te nemen van cliënten waarmee een patroon van intieme terreur wordt aangetoond. Als mijn cliënt met duizenden appjes aan komt zetten waarin zij als slet en hoer wordt neergezet door haar ex, dan weigert de Raad die. Vervolgens luidt de conclusie van het Raadsonderzoek: ‘moeder kan de breuk heel slecht verwerken en moet zich richten op de toekomst’.”

Hendriks: „Dat komt door het vechtscheidingsframe. Daarbij past niet dat de Raad negatief is over een van de twee ouders. Met als gevolg dat die kinderen geconfronteerd worden met een vader die misschien wel superonveilig en gevaarlijk is, zonder dat iemand daar goed naar heeft gekeken.”

Familierechtzittingen zijn besloten. Ligt in meer openbaarheid een oplossing voor de problemen die jullie aankaarten?

Vledder: „Ik ben ervan overtuigd dat rechters bij intieme terreur niet meer zullen zeggen dat moeder weerbaarder moet worden en voor een positief vaderbeeld bij de kinderen moet zorgen, indien NRC of Saskia Belleman van de Telegraaf in de zaal zit.

„Dat geldt ook voor de Raad voor de Kinderbescherming. Vorig jaar had ik een rechtszaak waarbij de vader mijn cliënte had geprobeerd te wurgen. Dus ik maakte tijdens de zitting het punt: ‘wat zegt dat over de ouderschapskwaliteiten als je dat doet? Wat is het effect hiervan op het kind?’ De Raadsmedewerker wuifde dat weg en zei enkel dat het kind nog te jong was om daar iets van mee te krijgen.”

Hendriks: „Stel dat daar een journalist had gezeten die er verslag van deed. Dan zou die Raadsmedewerker de volgende dag een gesprek met een leidinggevende hebben. Binnen een half jaar zouden de grootste misstanden voorbij zijn. Natuurlijk heb je te maken met privacy en minderjarigen, maar in Engeland heb je gewoon geaccrediteerde journalisten die bij familierechtszaken aanwezig mogen zijn. Daar heeft de rechtspraak gekozen voor meer transparantie en gezegd: ‘Als van buitenaf meegekeken wordt, doen wij ons werk beter’.”

Familierechtadvocaten zeggen dat zij intieme terreur van de vader soms niet benoemen omdat het tegen ze kan werken. Hoe is dat mogelijk?

Vledder: „Omdat je dan als niet constructief kan worden bestempeld door hulpverleners en rechters omdat je niet naar de toekomst wilt kijken. Ik heb het recent nog een cliënte daarvoor gewaarschuwd, maar zij wilde het heel graag ter sprake brengen in het kader van empowerment. De uitkomst is dat de kinderen nu meer tijd bij de vader mogen doorbrengen, dan bij haar.”

Hendriks: „Je loopt dus als advocaat tegen bizarre afwegingen aan. Ik heb zaken gehad waarbij ik dacht: ‘als wij nu gaan praten over dat geweld van de vader, gaat het hoofdverblijf van de kinderen naar hem toe’.”

Was dat voor jou de reden eind 2023 de advocatuur vaarwel te zeggen?

Hendriks: „Een van de redenen. Ik heb altijd met veel plezier in de advocatuur gewerkt, maar ik trok het niet meer dat ik de onzekerheid bij mijn cliënten niet kon wegnemen. Het gaat over de veiligheid van hun kinderen en henzelf. Het gaat over hun levensgeluk.”

„Normaal kun je als advocaat op basis van de wet en jurisprudentie ongeveer schetsen wat cliënten kunnen verwachten, maar bij dit soort zaken kan dat niet vanwege de mate van willekeur. Je moet als slachtoffer geluk hebben. Als je een goede Raadsmedewerker of rechter treft, sta je met een positieve beslissing buiten en ziet je leven er heel anders uit dan wanneer je pech hebt. Bij de Rechtbank Amsterdam ging het meestal redelijk goed, maar bij de Rechtbank Den Haag ging ik met knikkende knieën naar binnen .”

Vledder: „Deze week overhandigde onze uitgever ons het eerste boekexemplaar en dat emotioneerde me. Ik dacht na over de reden en kwam uit bij een gevoel dat ik de afgelopen jaren zo vaak heb gehad: dat ik tekortgeschoten ben en niet genoeg voor mijn cliënt heb betekend, terwijl ik mijn uiterste best deed. Met dit boek proberen we in een breder verband iets te verbeteren. Omdat het op dat individuele niveau soms wel, maar vaak niet gelukt is.”

CV

Ingrid Vledder (49) is sinds 2009 familierechtadvocaat in Amsterdam en heeft en cliënten door heel Nederland. Ze studeerde cultuur- en wetenschapsstudies aan de Universiteit Maastricht en rechten aan de Universiteit Leiden. Ze is getrouwd en heeft twee zoons.

Ariane Hendriks (49) was van 2007 tot 2023 familierechtadvocaat in Amsterdam. Sinds 2024 is ze docent familierecht aan Tilburg University. Ze studeerde cultuur- en wetenschapsstudies aan de Universiteit Maastricht en rechten aan de Universiteit Leiden. Ze is getrouwd en heeft een zoon.

Source: NRC

Previous

Next