De zonen van voormalig topspits Patrick Kluivert dromen groot. Bournemouth-regisseur Justin (26) is Oranje-international, Ruben (24) klom in één jaar op van Dordrecht naar Lyon en Shane (17) speelt in de jeugd van FC Barcelona. Ooit drie broers in Oranje? Het is niet ondenkbaar.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Daar zat ineens Gary Lineker een paar maanden geleden op het fonkelnieuwe trainingscomplex van de Engelse club AFC Bournemouth. Het voetbalicoon was speciaal afgereisd naar de zuidkust om met Justin Kluivert te praten voor zijn goedbeluisterde podcast The Rest Is Football.
Een ronkende introductie volgde: ‘Hier een man die in alle vijf de Europese topcompetities speelde, hij had een geweldig seizoen in een indrukwekkend Bournemouth-team en staat in het Guinness Book of Records. Wow!’
Justin Kluivert was immers de jongste speler die in de vijf grootste Europese competities scoorde, en hij hoorde ook dat hij de voetballer is die in de meeste competities en bekertoernooien doel heeft getroffen (‘dertien of veertien’). Daarnaast was hij de eerste speler die drie strafschoppen benutte in één Premier League-wedstrijd.
Terugkijkend op dat gesprek straalt hij. ‘Lineker is echt een legende, maar zo ontzettend aardig. Het was een heel relaxed, leuk gesprek.’
Hij is bekend met grote voetbalnamen. Zijn vader Patrick was spits van Oranje, Ajax en FC Barcelona, en zelf speelde de 26-jarige middenvelder annex buitenspeler bij Ajax, AS Roma, RB Leipzig, OGC Nice en Valencia onder coaches als Claudio Ranieri, Julian Nagelsmann en Gennaro Gattuso.
En toch, Gary Lineker die voor hem naar Bournemouth afreist, dat vond hij ‘best een eer’. Kluivert zat aan het einde van een uitstekend seizoen, hij scoorde makkelijk, gaf assists en keerde zelfs terug in het Nederlands elftal, na zeven jaar afwezigheid. Voor Oranje speelde hij in maart prima in de Nations League-krakers tegen Spanje.
Als gevolg van een lichte blessure in de voorbereiding kwam hij dit seizoen nog maar een paar minuten in actie voor Bournemouth en het Nederlands elftal.
‘Maar ik ben nu weer fit, ik ben klaar voor nog een topseizoen’, zegt hij begin september langs de rand van het trainingsveld van de KNVB Campus in Zeist, waar Oranje zich voorbereidt op de interlands tegen Polen en Litouwen.
Dat hij nog bij Bournemouth speelt, is voor velen een verrassing. Ploeggenoot Dean Huijsen werd ingelijfd door Real Madrid, Milos Kerkez door Liverpool. ‘Maar ik ben er op mijn plek; ik wilde niets forceren, we hebben een goed team en de trainer (Andoni Iraola, red.) is gebleven. Hij is de belangrijkste pion. Als een club zich meldt, moet ik het gevoel hebben dat ze me heel graag willen hebben. Op de laatste dag van de transfermarkt hoef je me sowieso niet te bellen.’
Het is een van de lessen die hij leerde tijdens zijn al behoorlijk lange voetbalreis. Kluivert debuteerde op zijn 17de bij Ajax, op bezoek bij Heracles. Na die wedstrijd toonde hij zich al een vrolijke spraakwaterval. Hij vertelde dat hij ‘leefde voor de steekpass’ en dat hij het niet ondenkbaar achtte om op zijn 18de de Champions League-finale te beslissen, net als zijn vader. ‘Waarom niet?’
Zover kwam het niet, maar ruim een jaar later was hij al wel international. Vanaf zijn 20ste volgde een tocht langs alle topcompetities, op zoek naar een vaste stek, naar erkenning.
Had hij niet langer bij Ajax moeten blijven, is de vraag die boven zijn hoofd blijft hangen. ‘Misschien wel. Als ik nu foto’s zie van hoe ik er toen uitzag, denk ik: ik was te jong om weg te gaan. En nadat ik was vertrokken bij Ajax hadden ze dat gruwelijke jaar waarin ze bijna de Champions League-finale haalden. Maar goed, Dusan Tadic kwam, wie weet had ik helemaal niet gespeeld.’
Hij werd door zijn nieuwe club AS Roma vaak uitgeleend, kende zware momenten. ‘Het ging op en neer, het was pittig, zigzaggend. Ik heb gebaald op de bank, maar altijd keihard gewerkt. Ik wilde dat Nederlands elftal-shirt weer dragen. Want ik wil per se op een EK of WK spelen.’
Hij lacht. ‘Ik wist dat ik het kon, ben echt hard voor mezelf geweest, echt hard. ‘Kom op, kom op, je kan het’, zei ik als het tegenzat. Ik heb het geloof nooit opgegeven – en je ziet het!’
De positivo gelooft dat Nederland kans maakt op het komende WK. ‘We hebben na Frankrijk de meeste spelers in de Premier League, dat is de zwaarste competitie. Ik kan het weten, hè, ik heb overal gespeeld.’
Zijn familie is er trots op dat Justin uitgerekend in die competitie op eigen kracht naam aan het maken is; hij scoorde er al vaker dan zijn vader, die bij Newcastle United (2004-2005) speelde.
Zijn achternaam gaf hem vroeger altijd druk. ‘Je hoorde: laat maar zien of je een echte Kluivert bent. Maar daardoor kan ik nu beter met obstakels omgaan.’
Zijn oudste broer Quincy ging hem voor in de jeugdopleiding van Ajax. Hem viel de vergelijking zwaarder. ‘Hij was altijd het grootste talent van ons, leek het meest op mijn vader qua bouw, was ook spits. Hij heeft het uiteindelijk niet gehaald, je moet een beetje geluk hebben. Nu is hij dj en gaat-ie goed, hij gaat ook meedoen aan Boxing Influencers (een boksevenement, red.), lachen toch?’
Wederzijdse steun is er in overvloed, vertelt Justin, wiens jongere broer Ruben (24) en halfbroer Shane (17) ook aan de weg timmeren als voetballer. ‘We hebben een appgroep met de broers, mijn vader en opa. Zo houden we contact. We vertellen hoe het gaat, waar we zijn. Opa stuurt elke dag gebedjes door.’
Zijn vader Patrick, die momenteel bondscoach van Indonesië is, belt soms na wedstrijden. ‘Laatst zei hij: hoe kan je nu geen basisplaats hebben? Zei ik: rustig nou, pap, ik kom van een blessure, we hebben een goed team. Rustig aan, maak je geen zorgen, ik kom terug. Ik kom altijd terug.’
Toch is er een Kluivert met een nóg groter leeuwenhart, vindt hij. ‘Ruben! Dat is helemaal een ongelooflijk verhaal. In één jaar tijd van Dordrecht naar Lyon, hè! Gruwelijk toch? Ik ben zo trots op die gozer.’
Daar zat in 2015 ineens Ruud Gullit enthousiast op zijn stoel te wippen op het gare jeugdcomplex van Feyenoord. Hij was toeschouwer bij een jeugdwedstrijd tussen Feyenoord en de Amsterdamse amateurclub AFC, waar zijn 14-jarige zoon Maxim basisspeler was. Er was een late wissel aanstaande. Gullit: ‘O, lachen, dít wordt lachen. Nu komt Ruben erin, let op, hoor. Die gaat schoppen.’
En inderdaad, Ruben Kluivert ging meteen schoppen. Niet naar de bal, maar naar ledematen van tegenstanders. Gullit, gierend: ‘Moet je kijken, ze zijn allemaal bang voor hem. Nee, die heeft weinig van zijn vader weg, hoor.’
Tien jaar later moet Ruben Kluivert hard lachen als de herinnering wordt opgelepeld. ‘Vroeger hield ik heel erg van schoppen. Iedereen kende me ook als de krullenbol die ging schoppen. Ik weet niet, ik vond het leuk. Nog steeds. Maar nu moet ik oppassen.’
Justin vertelde al dat zijn broertje wel verdediger móést worden, want zijn oudere broers gingen er altijd met de bal vandoor. Ruben: ‘Vroeger kreeg ik ze niet te pakken. Het was alleen maar huilen en schreeuwen. Nu wel hoor, makkelijk. Serieus: ik ben sneller dan Justin, maar niemand wil me geloven. We moeten een keer een wedstrijd organiseren.’
Ruben doet zijn verhaal in Rotterdam-Zuid, boven in het Topsportcentrum met uitzicht op De Kuip. Beneden wordt het volkslied geoefend, want het Nederlands elftal zal straks aantreden tegen Polen. Justin behoort tot de selectie. Dat is ook Rubens doel, vertelt hij, sprekend met precies hetzelfde timbre als Justin en zijn vader Patrick. ‘En ik wil ook naar de Premier League, uiteindelijk. Zeker weten.’
Het weekeinde ervoor viel hij in tijdens Olympique Lyonnais - Olympique Marseille. Zijn blauwe ogen worden groter als hij erover vertelt. ‘Wat een sfeer! Onze fans waren geweldig. De atmosfeer om die wedstrijd heen is geweldig, niet normaal. Het ging er de hele week over, en de week erna ook. Gelukkig wonnen we, zijn we nu samen met PSG koploper en pak ik mijn minuutjes mee.’
Hij voelt dat hij het niveau goed aankan. Wat vrij bizar is, als je bedenkt dat hij ruim veertien maanden geleden nog speler was van eerstedivisionist FC Dordrecht.
Het is eigenlijk al wonderlijk dat hij überhaupt in het profvoetbal terechtkwam, vertelt Ruben Kluivert enthousiast. Op zijn 16de zat hij nog steeds bij AFC. ‘Ik dacht toen: als ik nu niet bij een profclub kan spelen, ga ik niet meer alles op voetbal zetten.’
De zaakwaarnemer van Justin regelde een stage bij AZ, maar daar werd hij afgewezen. FC Utrecht gaf hem wel een kans. Hij speelde er vier jaar, haalde het eerste, zou een nieuw contract krijgen, maar hoorde twee jaar geleden dat hij toch weg mocht. ‘Het is raar gegaan’, zegt Ruben.
FC Dordrecht was zo’n beetje zijn enige optie. ‘De belangrijkste stap in mijn carrière. Dordrecht was altijd een laagvlieger, maar ons team was niet normaal goed.’
Het leidde ertoe dat het ambitieuze Portugese clubje Casa Pia hem wilde hebben. ‘Ze stalkten me zowat. Zonder nadenken ging ik erheen. Hoogste niveau in Portugal. Ik dacht: ik ga me daar laten zien.’
Na een sterk eerste seizoen belde de Franse topclub Olympique Lyonnais. ‘Ik schrok, man, ik sloeg mezelf bijna! Kon het echt niet geloven. Dat is echt een grote naam in Frankrijk, dat maakten Justin en mijn vader, die de Franse competitie goed kennen, me wel duidelijk.’
Hij merkt het nu zelf ook als hij door de stad loopt. ‘Vroeger moest ik alleen stoppen voor fans als ik met mijn broer of vader ergens liep, nu gebeurt het ook als ik alleen ben. Nou ja, ik word eerlijk gezegd nog steeds vaak aangezien voor Justin. Donkere huid en blauwe ogen, hè, dat zie je niet veel.’
Hij hoopt vurig op een basisplaats als Lyon op 25 september op bezoek gaat bij FC Utrecht in de Europa League. ‘Dat zou prachtig zijn. We hebben twee goede, ervaren verdedigers, Clinton Mata en Moussa Niakhaté, maar de bedoeling is dat we gaan rouleren. Mijn snelheid past bij de speelstijl van de trainer.’
Halverwege het interview vraagt hij beleefd of hij wat mensen mag bedanken. ‘Allereerst mijn moeder, dan Justin en Quincy. Mijn beste vrienden Wouter en Levi. Die vijf. Mijn moeder bracht ons overal naartoe, ze leek wel een octopus, ze hield ons allemaal blij. Heel knap, een heldin. Nu vliegt ze overal heen, omdat Justin en ik in het buitenland spelen.
‘Mijn vader is ook trots natuurlijk, hij geeft me advies vanuit het buitenland.’
Daar stond zes jaar geleden ineens Shane Kluivert op het podium met een kookboek, Koken met Shane. Pas 11 jaar was hij, maar toch al beroemd vanwege zijn kookavonturen die veel kijkers trokken op YouTube.
Inmiddels wil deze jongste zoon van Patrick Kluivert daar een beetje van af, dat imago als kok. Want ook Shane rukt op als voetballer, zo won hij met Barcelona onder 19 jaar vorig seizoen de Youth League.
Ruben Kluivert: ‘Jaja, Shane doet het ook goed. Supertrots op hem, we hebben veel contact. Hij is vroeg volwassen, heeft goede voorbeelden. Die gaat ook ver komen.’
Justin Kluivert: ‘Ik zie mezelf terug in hem, ook als speler. Mijn vrouw vindt ons kopieën. Er komt een belangrijk jaar aan voor hem. Barcelona geeft de eigen jeugd kansen, maar het is alsnog heel moeilijk om daar in het eerste te komen.’
Bijzonder zou dat zijn: drie broers die in grote competities spelen. En misschien ooit nog eens drie broers in Oranje, dat zou een volgend record zijn.
Ruben: ‘Ik heb nooit enige druk gevoeld van onze ouders, we mochten doen wat we wilden.’
Justin: ‘We hebben gewoon goede genen.’
Ruben: ‘En we helpen elkaar.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant