Home

F1-titelstrijd in perspectief: hoe eerdere duels er na tweederde van het seizoen voor stonden

Er is nog een derde van het F1-seizoen 2025 te gaan en, zoals de geschiedenis laat zien, zijn er nog genoeg plotwendingen mogelijk in de strijd om de wereldtitel tussen Oscar Piastri en Lando Norris.

Vijfentwintig jaar geleden viel al na 16 Grands Prix de vlag voor het einde van een Formule 1-seizoen. Tegenwoordig, met een kalender van 24 races, betekent dat er na 16 GP’s nog een derde van het seizoen te gaan is.

Met nog acht races te rijden bedraagt het verschil tussen Oscar Piastri en Lando Norris 31 punten. Bij de zomerstop waren dat er slechts 9, maar Norris’ olielek en daarmee gepaard gaande DNF in Zandvoort deed de kloof fors oplopen. Het gat is aanzienlijk, maar niet onoverbrugbaar. Piastri heeft duidelijk de bovenhand: zijn marge staat gelijk aan 1,24 Grand Prix-zeges. Norris heeft, gezien de vorm en het constante presteren van Piastri, feitelijk een uitvalbeurt van zijn teamgenoot nodig.

We duiken in de geschiedenisboeken en bekeken hoe eerdere titelgevechten ervoor stonden met nog een derde van het seizoen te gaan. Werd het tij nog gekeerd, of was de strijd beslist?

Foto door: Steve Etherington / Motorsport Images

In een door regen geteisterde race in Sotsji leek Lando Norris op weg naar zijn eerste zege, maar onder druk van Lewis Hamilton en door de regen gleed hij van de baan. Hamilton profiteerde en pakte zijn 100e Formule 1-overwinning, waarmee hij op 246,5 punten kwam – slechts twee meer dan Max Verstappen.

Een tweede plaats voor Verstappen in Turkije tegenover Hamiltons vijfde plek gaf de Nederlander een voorsprong van 6 punten. In de Verenigde Staten hield hij stand onder Mercedes-druk en breidde hij het verschil uit tot 12 punten. In Mexico liep dit op tot 19, waarna Hamilton in Brazilië dat weer terugbracht tot 14.

De titelstrijd bleef schommelen. Hamilton verkleinde het gat in Qatar naar 8 punten, en door zijn overwinning plus snelste ronde in Jeddah stonden beide coureurs met 369,5 punten gelijk voorafgaand de allesbeslissende finale in Abu Dhabi. Wat daarna gebeurde, is inmiddels legendarisch. Tijdens de controversiële herstart na een safety car passeerde Verstappen in de laatste ronde met nieuwere banden en veroverde zo zijn eerste wereldtitel.

Foto door: Manuel Goria / Motorsport Images

Sebastian Vettels crash in de Sachs Kurve op Hockenheim wordt vaak gezien als het kantelpunt van 2018. Na Silverstone stond de Duitser nog 8 punten voor, maar Hamilton greep de leiding door winst in Duitsland.

Vettel herstelde zich met een overwinning in België, waardoor de achterstand terugliep naar 17 punten. Toch ging het daarna mis: bij de start in Monza raakte hij Hamilton, waarna de Brit later leider Kimi Räikkönen passeerde om te winnen. Met nog een derde van het seizoen te gaan was het verschil opgelopen tot 30 punten.

Vettel zou geen enkele race meer winnen. Hamilton daarentegen won vijf van de laatste zeven Grands Prix en sloot het kampioenschap overtuigend af. Ferrari pakte nog slechts één zege, dankzij Räikkönens laatste overwinning in Austin.

Foto door: Sutton Images

Na zijn overwinning in Duitsland stond Hamilton 19 punten voor op Nico Rosberg. Maar Rosberg vocht terug met zeges in Spa en Monza, waardoor het verschil slonk tot 2 punten. In Singapore pakte Rosberg de leiding in de titelstrijd. Het beslissende moment kwam echter in Maleisië: de motor van Hamilton plofte terwijl hij aan de leiding reed, terwijl Rosberg ondanks een straf voor een incident met Räikkönen alsnog derde werd.

Met nog vijf races te gaan bedroeg zijn voorsprong 23 punten. Na winst in Japan, waar Hamilton derde werd achter Verstappen, groeide dit verder naar 33 punten. Hamilton won de laatste vier Grands Prix, maar Rosberg had genoeg aan telkens een tweede plaats – met één derde plaats als marge. Ondanks Hamiltons poging in Abu Dhabi om Rosberg op te houden en Vettel en Verstappen dichterbij te laten komen, hield de Duitser stand. Hij pakte de titel en kondigde kort daarna zijn pensioen aan, nog vóór de officiële FIA-prijsuitreiking.

Foto door: Sutton Images

In 2014 had Rosberg na Monza een voorsprong van 22 punten. Hamilton had weliswaar gewonnen in Italië, maar het leek nog steeds Rosbergs jaar te kunnen worden.

Dat veranderde in Singapore, waar Rosberg uitviel met elektrische problemen. Hamilton nam de leiding over en begon aan een reeks zeges in Suzuka, Sotsji en Austin. Met een verschil van 24 punten stond Rosberg er ineens beroerd voor. Zijn winst in Brazilië bracht dit terug tot 17 punten, maar de kansen waren beperkt.

In een normaal seizoen was Rosberg met een dergelijke achterstand vrijwel kansloos geweest, maar 2014 kende een unieke regel: dubbele punten in de finale. Het hielp hem echter niet. In Abu Dhabi kreeg hij te maken met ERS-problemen en reed ver buiten de punten, maar hij koos ervoor de race toch uit te rijden. Hamilton won de titel overtuigend.

Foto door: Sutton Images

Sinds de invoering van het huidige puntensysteem in 2010 is Fernando Alonso’s voorsprong van 37 punten de grootste marge die met nog een derde van het seizoen te gaan alsnog werd verspeeld. Die voorsprong had hij op Monza-winnaar Lewis Hamilton. Sebastian Vettel stond op dat moment vierde in het kampioenschap, achter Kimi Räikkönen, toen het Europese seizoen werd afgesloten. Vettel schoof vervolgens op naar de tweede plaats door winst in Singapore, terwijl Hamilton uitviel met een versnellingsbakprobleem (er werd schuimrubber aangetroffen in de behuizing). Daarmee slonk het gat tot 29 punten op Alonso, terwijl de regerend wereldkampioen uitgroeide tot de belangrijkste uitdager.

In Suzuka kreeg Vettel definitief titelaspiraties. Alonso probeerde Räikkönen af te houden bij de start, maar liep daarbij een lekke band op na een touché. Vettel profiteerde en verkleinde de achterstand tot slechts 4 punten. Daarna domineerde hij in zowel Korea als India. Na de voorlaatste race, tijdens het eerste bezoek van de Formule 1 aan het Circuit of the Americas, stond Vettel zelfs 13 punten voor.

Bij de seizoensfinale in Brazilië kwalificeerde Vettel zich slechts als vierde, terwijl Alonso vanaf plek acht moest starten. Door een slechte start viel Vettel terug naar de zevende plaats, waar hij in het middenveld in aanraking kwam met Bruno Senna. In een race vol spektakel vocht Alonso zich op naar de tweede plaats, maar hij had Vettel op plek acht of lager nodig om het kampioenschap alsnog te grijpen.

Ondanks een trage pitstop bij de wissel naar intermediates wist Vettel zich te handhaven op P7. Nadat de pitstops waren uitgekristalliseerd en hij bovendien Michael Schumacher had ingehaald vóór de slotfase onder de safety car, verzekerde hij zich van de benodigde punten. Daarmee pakte hij zijn derde wereldtitel.

Foto door: Charles Coates / Motorsport Images

Een opvallend feit uit 2010 is dat de leider in het kampioenschap nooit de daaropvolgende race wist te winnen. Bij de Grand Prix van België won Lewis Hamilton en nam hij de leiding over, 3 punten voor Mark Webber. Sebastian Vettel stond op dat moment 28 punten verder terug. Met zes races te gaan was Fernando Alonso slechts vijfde, met 41 punten achterstand op Hamilton.

Zoals het patroon voorschreef, won Hamilton niet in Monza. Alonso zegevierde daar en verkleinde zijn achterstand tot 21 punten op de nieuwe leider Webber. De Spanjaard won ook in Singapore, waardoor hij nog maar 11 punten achterstond. Vettel eindigde daar als vierde en bevond zich 21 punten achter Alonso, de wereldkampioen van 2005 en 2006.

Vettel sloeg vervolgens toe in Japan en bracht zichzelf op gelijke hoogte met Alonso op 206 punten, beiden 14 punten achter Webber. Maar een crash van Webber met Nico Rosberg in Korea bleek funest. Alonso won daar en nam de leiding met 11 punten. Vettel viel uit en zakte terug naar de vierde plaats, met 25 punten achterstand en nog twee races te rijden. Om het tij te keren, won Vettel in Brazilië. Alonso werd derde, achter Webber, terwijl Hamilton met een vierde plek een outsider bleef in de titelstrijd tussen vier coureurs.

In Abu Dhabi deed Vettel wat hij moest doen: een strakke en gecontroleerde overwinning behalen. Alonso en Webber probeerden elkaar strategisch af te troeven met vroege pitstops, maar dat pakte verkeerd uit. Vitaly Petrov hield hen de hele race achter zich en eindigde knap als zesde – zijn eerste top-6 klassering in de Formule 1.

Alonso en Webber kwamen niet verder dan de zevende en achtste plaats, waardoor Vettel zijn eerste wereldtitel pakte. Zijn emoties kwamen los toen hij de finish passeerde: hij was de nieuwe Weltmeister.

Source: Motorsport

Previous

Next