Het hele jaar werkt hij onafgebroken aan zijn serie Oplichters Aangepakt, misdaadverslaggever Kees van der Spek. Hij wil bovenal ongelijkheid laten zien. ‘Ik vind dat ik, doordat ik een groot bereik heb, een verantwoordelijkheid heb. Ik vind dat veel Nederlanders verwend zijn.’
Het is half mei en in de auto van Kees van der Spek staat, zoals meestal, Bach op. Ook in elke aflevering van zijn RTL-serie Oplichters Aangepakt zit muziek van Bach, zijn lievelingscomponist. Al is Bach voor Kees van der Spek eigenlijk veel meer dan dat. Zonder Bach was het leven misschien wel heel anders gelopen, en had hij niet elke maand in het vliegtuig gezeten naar een ver oord, in gezelschap van zijn oudste zoon en compagnon Joep, een cameraman en een slachtoffer van oplichting, om een ‘boef’ op te sporen en te confronteren.
Tijdens de autoritten van hun woonplaats in Noord-Holland (‘noem die maar niet’) naar het kantoor van producent Banijay in Duivendrecht nemen Kees (61) en Joep (34), oud-politieman, verschillende opties voor hun volgende reis door. Voor RTL maken ze twaalf afleveringen van Oplichters Aangepakt per jaar, en dat betekent dat er elke maand een reis moet worden gemaakt. Een week voorbereiden, een week reizen, twee weken monteren, zo gaat het onafgebroken door. ‘Dat is mijn leven’, zegt Van der Spek. ‘Ik doe veel zelf. Ook de montage, omdat je met een kleine ingreep een kijker een hele andere kant op kunt sturen, en dat wil ik niet. Alles moet kloppen. Ik kies zelf de muziek, dat is een hoop werk. Onder een spannende scène monteer ik liever Bach dan AC/DC, dat vind ik mooier, dan creëer je rust. Ik ben een beetje een oude man hè, ik ben 61. Ken je Bach een beetje? Niet echt? Ik heb zelfs zijn monogram op mijn bovenarm getatoeëerd.’
Vandaag vertelt Joep wat hij heeft uitgezocht, en worden in de auto telefoontjes gepleegd met potentiële slachtoffers, om te kijken of hun zaak aanknopingspunten biedt voor de volgende uitzending. Drie slachtoffers worden gebeld (‘je mag erbij zitten, maar niet citeren uit die telefoongesprekken’), drie zaken in drie landen, en aan het eind van de autorit gaan ze beslissen waar ze over een paar dagen naartoe vliegen. Essentieel zijn een pakkend verhaal, bewijs dat er geld achterover is gedrukt en een ‘boef’ die hoogstwaarschijnlijk te traceren is.
Joep: ‘Veel mislukt ook. We krijgen tussen de 2.000 en 3.000 tips per jaar. Dus we moeten een hoop mensen teleurstellen. Soms kunnen wij er niets mee, maar is er wel een noodsituatie. Dan breng ik mensen in contact met instanties.’
Kees: ‘Het is geen hulp-tv, dat vind ik een verschrikkelijke term, een vals woord. We helpen een paar mensen, en ontzettend veel mensen ook niet. Dan moet je niet gaan doen alsof je een soort Robin Hood bent. Maar de mensen die meegaan vinden het fantastisch. En we lichten Nederland voor over oplichtingstrucs. Bovendien gaan mensen door ons hopelijk iets meer van Bach houden, en daar worden ze gelukkiger van.’
Joep: ‘Naar sommige landen kunnen we niet meer toe, zoals Nigeria.’
Kees: ‘We zeiden steeds tegen de autoriteiten dat we kwamen om te golfen, maar dat geloven ze niet meer. Ze hadden het door. Ineens had ik vierhonderd Nigeriaanse Instagram-volgers erbij.’
Joep: ‘En toen kregen we geen visum meer.’
Kees: ‘We gaan altijd als toeristen een land binnen, met camera’s in onze koffer, we hopen dan maar dat douaniers geen moeilijke vragen stellen. Soms kunnen we alleen filmen vanuit de auto. We hebben nu een verhaal in Nigeria, maar Joep durft niet.’
Joep: ‘Een heftig verhaal, ik kreeg het bericht een paar weken geleden van een man uit België. Die ging bij zijn moeder op visite en er lag een afscheidsbrief op de keukentafel. In die brief stond dat ze slachtoffer was geworden van loterijfraude via Facebook, haar was een geldprijs beloofd en ze moest geld overmaken om noodzakelijke kosten te voldoen. Ze was zoveel geld kwijt dat ze er niet meer mee kon leven, ze pleegde zelfmoord. Wij traceerden de boeven en ontdekten dat het schoolkinderen uit Nigeria waren, ik denk dat het jochie 14 was. We konden via iemand die bij Shell werkte een werkvisum krijgen om Nigeria in te komen, maar dan moesten we wel paspoortkopieën sturen naar een lokaal iemand die we niet kenden. Dat leek mij niet koosjer.’
Kees: ‘Mij leek het prima. Geen probleem.’
Joep: ‘Maar ik lag er wakker van, ik dacht: straks heb ik ineens een nieuwe bankrekening, weet je wel, dat gaan we niet doen. Voor die zoon was het heftig dat het niet doorging. Maar ik heb hem wel de gezichten en locaties gestuurd.’
Kees: ‘Ik ga nu even bellen. Hoi, met Kees van der Spek. Ik zit hier in de auto met Joep. Vertel.’
***
Het nieuwe seizoen van Oplichters Aangepakt is een ‘idioot’ seizoen, zegt Kees van der Spek een paar maanden later bij producent Endemol. ‘Ik kom net terug uit Uden, verschrikkelijk. We werden benaderd door een bewindvoerder, die zei: ‘Kees, ik ben de wanhoop nabij, mijn cliënt is alles kwijt, heeft zijn bedrijf verkocht, bij iedereen geld geleend en weet niet van ophouden.’ Het gaat om anderhalf miljoen. Hij blijft geld overmaken, omdat hij ervan overtuigd is dat er 50 miljoen op hem ligt te wachten. Hij kreeg door de boeven een complete website van een bank voorgeschoteld waar hij kon inloggen, en dan zag hij bij zijn rekeningoverzicht een bedrag van 50 miljoen staan. Zo’n website is niet van echt te onderscheiden. Ik heb die man vandaag duidelijk gemaakt dat hij alles kwijt is. Heftig, hoor.’
Je begint de afleveringen van dit seizoen steeds met een uitspraak van een filosoof of schrijver. ‘Hoop is het kwaadste der kwaden omdat hij de marteling verlengt’, een quote van Friedrich Nietzsche, bijvoorbeeld.
‘Het is RTL 5, misschien verwachten mensen het niet, maar dat vind ik juist leuk. En die quote klopt. Het gaat om een vrouw die verliefd is en zich alles laat welgevallen, terwijl ze wordt mishandeld en financieel wordt uitgekleed. In een aflevering over een Urker visser die voor veel geld is opgelicht, heb ik Mattheüs 7 gebruikt: ‘Oordeelt niet, opdat niet over u geoordeeld wordt.’ De bijbelverzen zitten er bij mij goed in, door mijn streng christelijke opvoeding. Die Urker visser is bang dat het dorp hem afbrandt omdat hij zo is opgelicht. Hij werd slachtoffer van datingfraude, heeft zeven jaar met het idee geleefd dat hij een relatie had met Sheryl Sandberg, de COO van Facebook.’
Echt?
‘Ja, je lacht, maar het zal je gebeuren. Hij is vijf ton kwijt, hè, zijn lijfrente laten uitbetalen, alles. Hij woont nu in een caravan. Heel zielig. Wij werden benaderd door zijn schoonzoon. Uiteindelijk hebben we een man in Canada gevonden die de oplichter bleek te zijn, en die heeft in de camera gezegd: ‘Ik ben het, stop maar met betalen.’ Nu is die man genezen.’
Als het lang voortduurt, is er dan vaak een verliefdheid in het spel?
‘Het is vaak een combinatie. Er zijn veel love scams waarbij er ook nog een geweldig bedrag in het vooruitzicht wordt gesteld, een erfenis meestal. De oma van je nieuwe liefje is net overleden, en die is multimiljonair. Vaak noemen ze dan een naam van iemand die je zo kunt googelen. Die persoon bestaat, maar is niet de oma van onze oplichter. Wie verliefd is, is geneigd alles te geloven. Je bent eenzaam, je baan kwijt, je ontmoet iemand op een datingapp en die zegt precies wat jij wil horen.’
En oplichters gooien een groot net uit.
‘O ja, tuurlijk. Op datingsites hebben ze een-op-eencontact met een heleboel mensen tegelijk. Die jongens werken vanuit boilerrooms in Nigeria of Ivoorkust, het is hun werk. Mailtjes over erfenissen worden vaak naar honderdduizend e-mailadressen tegelijk gestuurd, dan hapt er altijd wel iemand. Vaak gaan ze in het begin een beetje doorzichtig te werk, zodat de mensen die achterdochtig zijn afvallen, in hen hoef je dan geen energie meer te steken. Zo krijgen ze de meest kwetsbaren te pakken. Die jongens in Afrika die het doen, en dit is geen cliché, denken dat wij hier allemaal miljonair zijn. Die staan niet stil bij het leed wat ze berokkenen, want het is toch ver weg. Net als dat wij ook niet met het leed in Afrika bezig zijn. In Darfur is een verschrikkelijke oorlog aan de gang, en ik denk dat niet een op de honderd Nederlanders iets heeft gedoneerd. Ik snap die jongens daar wel. Zij zijn arm, wij zijn rijk. En door het internet is het makkelijk. Ik zou het ook proberen.’
Zou je er goed in zijn?
‘Ik denk het wel, haha. Inmiddels wel.’
Een confrontatie met een ‘boef’ verloopt vaak op dezelfde manier. Hij of zij wordt door jou geconfronteerd en begint vervolgens alles te ontkennen.
‘Ja. En ik moet altijd openstaan voor een ander verhaal. Dus ik ga nooit tegen zo iemand lopen schreeuwen. Ik laat de ander gewoon praten, ook als ik weet: dit is een lul die uit z’n nek kletst. Maar soms zegt iemand dingen die ik niet had verwacht, en die ik moet natrekken.’
Heeft het soms ook iets onbevredigends? De dader ontkent en het geld komt ook nooit terug.
‘Ik zeg dat er ook altijd bij, dat ze het geld nooit terug gaan zien. Ik ben maar een verslaggever. Ik laat zien hoe het werkt. Waar het om gaat, is dat wij oplichting behandelen waar de politie niets mee doet. De criminaliteit daalt in Nederland, alleen cybercriminaliteit neemt erg toe. De politie kan niets omdat het vanuit het buitenland gebeurt. Ze nemen niet eens een aangifte op. Het slachtoffer heeft geen idee wat er gebeurd is, en er is veel geld weg. Zo iemand komt vervolgens bij ons en wij kunnen het hele verhaal laten zien. Alles! En als ultieme genoegdoening kan het slachtoffer ook nog de boef in het gezicht kijken.’
En om dat voor elkaar te krijgen ga je de oplichter ‘uitpeilen’, zoals dat heet.
‘Mag dat, Kees? Ja, dat mag. Wij hebben een valletje, een zelfgebouwde app. Als de boef ons slachtoffer weer om geld vraagt, appen wij terug als een zogenaamde vriend die even zal voorschieten. De boef moet dan wel even een app installeren om de betaling over te boeken. Het gaat erom dat ze de app openen en toestemming geven voor Face ID en het delen van hun locatie, zodat we weten hoe ze eruitzien en waar ze zijn. Vervolgens zeggen we dat we problemen hebben met de bank, en dan is het een kwestie van snel zijn, voor ze argwaan krijgen. We hebben het ook een keer in Nederland gebruikt, met Nederlandse WhatsApp-oplichters, en voor de rechter hield het stand. Ze hadden zélf toestemming gegeven.’
Je hebt veel zaken behandeld en opgelost. Hebben de ‘boeven’, zoals jij ze noemt, iets met elkaar gemeen?
‘Een crimineel kan zich vaak niet goed in anderen verplaatsen, die mist empathie. Maar dat geldt niet voor alle oplichters. Soms is de situatie voor mensen zo uitzichtloos dat ze min of meer worden gedwongen iets te verzinnen om aan geld te komen. Ik praat het niet goed, maar ik snap het wel. Die gastjes in een land als Ivoorkust zijn vaak ook nog verslaafd. Zo’n jongen in zo’n sloppenwijk gaat echt niet denken: wat doe ik dat arme mens in Nederland aan? Die denkt gewoon: geld, geld, geld. Ze maken deel uit van een netwerk met weer een grotere boef boven zich. Maar we hebben dit seizoen ook een Nederlandse jurist gepakt die een gehandicapte man een grote som geld afhandig had gemaakt. Zo iemand mist volgens mij echt empathie.’
Zijn de scams ingenieuzer geworden?
‘Zooo! Niet normaal. Het kan iedereen overkomen, van elk opleidingsniveau. Ik had een mevrouw die bij Justitie werkte en via een datingapp verliefd was geworden op een Belg. Vlak voor ze elkaar voor het eerst in het echt zouden ontmoeten, moest hij voor werk naar een Canadees booreiland. Daar hielden ze contact, bellen, gezellig, die mevrouw werd steeds verliefder. Opeens hoort ze tijdens zo’n telefoongesprek een keiharde knal. Geen verbinding meer. Pas na drie dagen is er weer contact, de Belg vertelt dat er een explosie is geweest die het boorplatform zwaar heeft beschadigd, waardoor ze niet meer digitaal in hun bank kunnen. Of zij in de bankomgeving van dat oliebedrijf wat transacties wil doen om de boel gaande te houden.
‘Ze krijgt een inlogcode en doet wat overboekingen, van de ene rekening naar een andere. Na een keer of zes blokkeert het systeem, de Belg is in paniek. Het gaat om een betaling van 15 duizend euro die haast heeft. Zij zegt uit zichzelf dat ze het even voor zal schieten. Daarna ontdekt ze dat het een oplichter is. Een jaar later krijgt ze een mail van de politie in Togo. Daarin staat dat er een internetoplichter is gepakt, en dat zij in zijn bestanden voorkomt, of het klopt dat ze 15 duizend euro kwijt is. Het geld gaat terugkomen, ze is helemaal gelukkig. Na een week heen en weer mailen met de politie in Togo krijgt ze het verzoek om 750 euro aan advocaatkosten te betalen. Blijken het gewoon dezelfde eikels! Dat is toch ongelooflijk? Dan ben je wél goed.’
Je schrijft in je boek Achter de schermen bij oplichters in het buitenland: ‘In het straatarme Gambia, waar mensen letterlijk op de vuilnisbelten wonen achter de stranden met volgevreten, westerse toeristen, hebben ze een manier gevonden om toch een graantje mee te pikken. Niet goed, wel begrijpelijk.’
‘Gambia heeft een grote toeristenindustrie. Mensen wonen op brandende, dampende vuilnisbelten, en vlak daarachter zitten cybercafés met jongens erin die bezig zijn met internetoplichting. Die jongens zien de hele dag door de rijke westerse toeristen, die door reisorganisaties worden gewaarschuwd voor de lokale taxi’s. Ze mogen alleen de taxi’s van Corendon nemen. Er valt voor de locals niets aan al die toeristen te verdienen. Zo zielig, zo zielig.’
In hoeverre probeer je bij kijkers ook begrip te kweken voor de oplichters in je programma?
‘Ja, dat vind ik belangrijk. Hoe leg ik dat uit? Ik wil dat mensen begrijpen dat we hier in Nederland bevoorrecht zijn, en dat dat voortkomt uit de toevallige omstandigheid dat we hier zijn geboren. De meestal arme mensen die met een rotsmoesje iets van ons proberen te pikken, zijn net zo toevallig geboren op minder bevoorrechte plekken. Ik wil die ongelijkheid graag benadrukken in mijn programma’s, zeker in deze tijd. Ik ben een fervent PVV- en Forum voor Democratie-hater. Ik vind discriminatie het grootste kwaad.’
Denk je dat jouw kijkers misschien een beetje aan de rechterkant zitten?
‘Ja, en ik word daar zelf ook vaak geplaatst, door mijn volgers en kijkers, merk ik bijvoorbeeld op Instagram. Ze plaatsen mij in de hoek van VVD, soms zelfs PVV, terwijl ik dat totaal niet ben, in niets. En ik vind dat ik, doordat ik een groot bereik heb, een verantwoordelijkheid heb. Ik vind dat veel Nederlanders verwend zijn. Joep en ik zeggen het vaak na een reis tegen elkaar: ‘Wat lopen we toch te zeiken!’ Ja, ik ben rijk, heb een mooie baan en kan twee keer per jaar op vakantie, en veel mensen in Nederland niet, maar die hebben het nog steeds duizend keer beter dan de mensen in een sloppenwijk in Ivoorkust.’
Schuurt het dan niet dat je van die mensen in Ivoorkust eigenlijk alleen de boeven laat zien?
‘Ik kan wel mooie documentaires gaan maken over de achterkant van de armoede in Afrikaanse landen, maar daar kijkt geen hond naar.’
Waarom zeggen Joep en jij eigenlijk steeds ‘boef’? Is dat een politieding?
‘Dat denk ik, ja. Wij zijn de goeieriken en zij zijn de kwaaieriken. Ik vind de boef niet altijd slecht, maar hij is wel de boef. En wij zoeken de boef. Joep noemt mij altijd Kamikaze Kees. Joep ziet overal gevaren, en ik nooit. Ik stap gewoon uit de auto en loop ernaartoe. Joep zegt dan: ‘Pas op pap!’ Joep denkt ook altijd dat de boef ons heeft gezien, dat hij ons doorheeft. ‘Welnee, weet hij veel’, zeg ik dan. De boef heeft geen idee.’
Hoe komt het dat jij geen gevaar ziet en hij wel?
‘Dat weet ik niet. Misschien doordat hij kleine kinderen heeft? Hoewel, ik ben gewoon niet zo’n paniekvogel. Ook niet toen ik kleine kinderen had. Ik laat vaak ook de huisdeur wijd open staan.’
****
Kees van der Spek werd geboren in Israël, in Nazareth (vandaar zijn bijnaam Kezus van Nazareth), het land waar zijn ouders in 1963 in een kever naartoe waren gereden om een kibboets te beginnen. Hij bracht zijn jeugd na Israël door in Duitsland, Nederland, Suriname en Burundi, voor het gezin weer terugverhuisde naar Nederland, waar hij zijn vwo-diploma haalde aan de Europese School in Bergen. Na een studie toerisme en diverse baantjes via uitzendbureau’s (stroopwafels verkopen, fabrieksmedewerker in een plasticfabriek, auto’s inparkeren) belandde hij in de journalistiek, eerst bij een lokale Alkmaarse teletekstvariant, toen bij het AD en later als rechterhand en regisseur van Peter R. de Vries in diens misdaadprogramma.
De vader van Van der Spek was ingenieur en werkte later voor het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking, maar ook na hun pensioenleeftijd bleven hij en zijn vrouw zich als vrijwilligers inzetten voor vluchtelingen overal ter wereld. Ze werkten in vluchtelingenkampen in Cambodja, Thailand, Kameroen en Venezuela. ‘Mijn carrière vonden ze wel stoer, al hebben ze me dat nooit in mijn gezicht gezegd. Dat doet die generatie niet. Ik hoorde het via via, dat mijn vader trots op me was. Maar hij is dood hè, hij is net overleden, precies tien jaar na mijn moeder. Ik ben wees. Ze waren echte avonturiers, daar heb ik het wel van.’
Ze waren christelijk gereformeerd, heb je daar iets van behouden?
‘Ik ben niet meer kerks, maar ik kan niet zeggen dat ik atheïst ben, want als ik Bach luister dan geloof ik. Ik ben deïstisch agnost. Er zal misschien wel een god zijn, maar denk maar niet dat die zich de hele dag met ons bemoeit. Joep en ik filosoferen hier vaak over. De allernieuwste inzichten uit de kwantummechanica wijzen op een soort algemeen bewustzijn, dat moet je maar eens opzoeken. Dus wat wij zien als de werkelijkheid, is de werkelijkheid zoals die aan ons wordt gepresenteerd.’
Je ouders gaven eentiende van hun inkomsten weg aan goede doelen.
‘Ja, dat is een bijbels principe. En van mijn vaders erfenis gaat eenvijfde naar het goede doel. Mijn ouders hadden vier kinderen, maar de erfenis wordt door vijf verdeeld. Wat het geloof betreft waren mijn ouders totaal niet avontuurlijk. Mijn oom, die vrijzinnig dominee was, was losser in de leer. Die zei tegen mijn vader: ‘Cor, nou heb je de hele wereld gezien, maar je gelooft nog steeds als een Urker visser.’ Dan keek mijn vader helemaal trots. Er wordt over streng christelijke mensen altijd enorm geoordeeld, door vrijzinnige types die zichzelf tolerant vinden. Maar echt niet iedereen die christelijk is, is een kortzichtige lul. Als eruit voortvloeit dat je 10 of zelfs 20 procent van wat je hebt aan goede doelen geeft, dan is dat denk ik niet verkeerd.’
Je noemt het in je boek Beroep: avonturier een ‘rode draad’ in je jeugd: je ouders reageerden ‘nauwelijks bezorgd’ op ronduit gevaarlijke situaties.
‘We woonden in Burundi, ik was 16 en werd met mijn schoolklasje gegijzeld op een berg door mannen met kapmessen, we moesten al onze spullen afgeven. Dat werd door mijn ouders gewoon voor kennisgeving aangenomen. Ze vroegen niet: ‘Kees, gaat het wel?’ Ze waren lief, maar gewoon niet al te bezorgd. We gingen ook een keer vanuit Burundi op vakantie naar het Akagera-park in Rwanda. Onderweg in de auto, ik zat voorin, voelde ik iets in mijn gezicht. Ik keek in het spiegeltje en zag allemaal witte puntjes op mijn wangen. En uit die witte puntjes zie ik ineens wormen komen. Tien wormpjes kropen uit mijn gezicht. En mijn moeder zegt, letterlijk: ‘Gooi maar uit het raam.’ Ze zijn niet eens gestopt. Ik heb ze uit het raam gegooid.’
Toch was jij zelf soms wel bang. Als jongen van 14 was je tijdens een kerkdienst in Suriname getuige van een ‘duiveluitdrijving’, en dat wakkerde een angst aan die jaren aanhield, schrijf je in je boek.
‘Oooo, jaaa. Ik ben natuurlijk streng christelijk opgevoed, dus voor mij was het écht, wat daar gebeurde. Ik zag iemand die helemaal crazy werd, die op de grond ging liggen kronkelen en kotsen, rare geluiden maakte, en ernaast stond een dominee te schreeuwen: ‘Ga uit van haar, ga uit van haar!’ Ik stond ’s avonds te bibberen van angst onder de douche, omdat ieder moment die duivel in mij kon komen. ‘Zulke dingen kunnen nou eenmaal gebeuren, Kees’, zeiden mijn ouders. Jaren was ik bang! Afschuwelijk. Nee, daar stonden mijn ouders niet bij stil. Ze hadden me daarin wat beter kunnen begeleiden, maar er zaten geen kwade bedoelingen achter.’
Ben je nu nog ergens bang voor?
‘Prikken. Bloed. Huuu. Als ik mijn coronaprik moet halen, neem ik een oxazepammetje. En ik denk vaak dat ik een ziekte heb. Meestal heb ik op vrijdag ALS en op maandag kanker. Mijn vrouw Annabelle kan er goed mee omgaan. Ik ga meestal lekker sporten, daarna kijk ik op mijn Garmin-horloge, dan zie ik dat ik 2 kilometer heb gezwommen in 37 minuten, wat niet verkeerd is voor mijn leeftijd. Alle gegevens stuur ik naar ChatGPT om te laten analyseren. Volgens ChatGPT ben ik heel gezond. En daarna heb ik weer een week geen kanker.’
Wat voor vader ben jij zelf?
‘Ik ben een avonturenpapa. Zowel voor mijn twee oudste zoons uit mijn eerste huwelijk als voor de twee zoons die ik heb met Annabelle. Op vakantie neem ik altijd een aquarium mee, bijvoorbeeld. Dan gaan we een slang halen. In een riviertje, ofzo. Nu ook weer, in Zuid-Frankrijk, waar we met z’n allen waren, in een groot huis. Zelfs mijn ex was erbij. Klinkt weeïg, maar we hebben een harmonieus, lief, leuk gezin. Maar goed, die slang pak ik uit de sloot, ik stop hem in het aquarium, we kijken er een dag naar, ik stuur een fotootje naar Freek Vonk om te vragen welke soort het is en daarna brengen we hem terug. Een dobbelsteenslang. Heb je het niet gezien, op mijn insta? Nou, dat zijn van die vaste rituelen. We gaan ook uit een beekje drinken, bramen eten, kijken of we in het wild kunnen overleven.’
En wanneer ben je voor het eerst in aanraking gekomen met Bach?
‘Toen ik 23 was. Een blikseminslag. Ik studeerde en woonde in een studentenhuis. Beneden mij woonde een stelletje, en ineens hoorde ik muziek uit hun kamer komen. Fuck, wat is dat? Dat was Bach. Ik heb toen precies die uitvoering gekocht, bij een tweedehandsplatenwinkel in Amsterdam, in 1986. Het dubbelconcert voor twee violen, BWV 1042, van de broertjes David en Igor Oistrakh. Het hielp me om mijn hoofd in balans te krijgen. Ik luister elke dag naar Bach en eigenlijk niet naar andere componisten. De veertigste van Mozart of de vijfde van Beethoven is natuurlijk wel leuk, of Satie, allemaal mooi, maar als je vier keer hetzelfde stuk van Chopin hebt gehoord, weet je het wel. Bij Bach heb ik dat niet. Ik kan tachtig keer dezelfde fuga horen.’
Had je het op je 23ste nodig dat je hoofd weer in balans kwam?
‘Ja, ik zat niet lekker in mijn vel. Ik had een soort terugslag van dat Suriname-verhaal, die ‘duivelsuitdrijving’. Ik had die angst van toen weggestopt, maar tijdens mijn militaire dienst kwam het terug, toen ik achter de bar stond en in de kantine The Exorcist werd vertoond. Dat kroop in me, alsof het opnieuw gebeurde. Ik heb daarna jaren last gehad van angstaanvallen. Ik was doodsbang voor bloed, maar ik zat zélf vol met bloed, en dat maakte me heel bang. Een onbestemd gevoel, alsof er een natte, koude deken om me heen zat, en alles mistig was om me heen. Ook wel een depressief gevoel, waar ik niet uitkwam. Bach hielp daarbij, Bach was troostend en therapeutisch. Het werd getriggerd door die film, maar misschien was het anders ook gebeurd. Misschien heb ik er aanleg voor, misschien heb ik wel een kruikje gif in m’n hoofd, dat toen kapotviel. Ik heb mezelf eruit gedacht, op een gegeven moment was het over.’
Hoe heb je dat gedaan?
‘Op een gegeven moment kreeg ik ook last van een soort pleinvrees, en dat werd weer gecombineerd met mijn angst voor spuiten, bloed en ziekenhuizen. Dus ik reed door een tunnel, en dacht: als ik nu een verkeerde beweging maak, lig ik in het ziekenhuis. Daarom ging ik niet meer door de tunnel, ik reed om. Op een gegeven moment had ik het ook als ik in de supermarkt in een lange rij moest staan. Straks val ik flauw, en er zijn nog vijf mensen voor me: paniek. Toen heb ik tegen mezelf gezegd: Kees, dit gaat zo niet. Ik ga juist in die lange rij staan. Ik ga juist door die tunnel. Ik dwong mezelf. Dat werkte.’
Denk je dat je hierdoor ook in je werk juist de risico’s bent gaan opzoeken?
‘O, misschien! Jeetje, wat ben jij een goeie psycholoog. Misschien is dat het wel. En ik heb het ook niet meer, geen spoortje, het is helemaal weg.’
Het is toch best opmerkelijk dat je nu nergens het gevaar ziet, terwijl je vroeger een periode overal bang voor bent geweest.
‘Ja. Het is wel lang geleden, hè. Bach heeft erg geholpen. Je moet het maar eens luisteren. Zet maar eens een fuga op. Het is moeilijk uit te leggen. Ik heb het ook in de kerk gedraaid bij de begrafenis van mijn vader. Gek hè, Bach zei zelf dat het heel simpel is, je moet gewoon op het juiste moment de goede noot spelen.’
Peter R. de Vries, voor wiens programma je jaren hebt gewerkt, schreef in het voorwoord van je boek Achter de schermen bij Peter R. de Vries, misdaadverslaggever: ‘Hij is gezegend met vele talenten, maar is zelf de eerste om te roepen dat hij geen man is voor live televisie, optredens in talkshows en presentaties in studio’s. (...) Kees van der Spek is geen man om in de spotlights te staan.’
‘Fantastisch. Wat had hij het mis. Al wás ik ook geen man voor live televisie. Ik vond het prima om soms in beeld te zijn, maar live op televisie vond ik vreselijk eng. Ik dacht: straks ga ik ineens Allah Akbar roepen of mijn broek uittrekken, weet ik veel. In 2008 hebben we een Emmy Award gewonnen, op ons beider naam, voor de uitzending over Natalee Holloway. Toen onze naam werd omgeroepen, durfde ik niet mee naar voren. Ik dacht: ik val flauw op het podium van de fucking Emmy’s. Hij heeft Beth Holloway maar mee naar voren genomen.’
Hoe ben je dan toch televisiepresentator geworden?
‘Toen Peter stopte, bedacht ik het format van Oplichters in het buitenland, over toeristenoplichting. Want met georganiseerde misdaad heb ik niets, dat vind ik totaal niet interessant. Denk je dat ik voor m’n plezier naar de rechtszaak van Taghi wil? Ik heb ook met Annabelle afgesproken dat ik me er niet in ga verdiepen. Dat is ook een beetje ingegeven door wat er met Peter is gebeurd. Het gaat altijd om drugs. Geef al die drugs lekker vrij, dan ben je van het gelul af. Peter is met deze achtergrond vermoord, maar zijn hart lag veel meer bij de verhalen over gewone mensen. Veel meer, veel meer. Maar ja, hij was ook iemand die zichzelf in de spiegel wilde kunnen aankijken, hij had een ongelooflijke drive voor rechtvaardigheid en vond niet dat hij het kon laten afweten als iemand om zijn hulp vroeg.’
Toen je dat format bedacht, zag je jezelf dus wel als man in de spotlights.
‘Nee, meer als regisseur, zoals ik bij Peter was. Ik dacht dat Chris Zegers het wel kon presenteren, maar SBS 6 vroeg of ik het zelf wilde doen. Toen kwam de visie van mijn ouders om de hoek kijken: als je een kans krijgt, moet je die grijpen. Ik ben naar de huisarts gegaan. ‘Dokter, ik dreig BN’er te worden, en dat betekent dat ik vast een keer uitgenodigd word bij een live talkshow, en dan ga ik gekke dingen roepen.’ Nee hoor, Kees, dat gebeurt niet, hier heb je een receptje voor oxazepam, niets aan de hand. En inderdaad, met mijn nieuwe programma zat ik bij Jinek, met een oxazepam in m’n mik, en dat was magic. Ik dacht: waar maak ik me druk om? Heerlijk! Oxazepam is fan-tas-tisch. Ik had het alleen de eerste paar keer nodig, daarna was ik van die angst af.’
Je hebt ooit gezegd dat je Boudewijn Büch wil worden. Nog steeds?
‘Nou, aan het eind bleek hij wel zijn hele biografie bij elkaar te hebben verzonnen, dat is niet iets wat ik wil. Maar ik zou wel zo’n televisieprogramma als dat van hem willen maken, misschien voor Omroep Max ofzo. Lekker een beetje reizen. Ik ben nogal een geografiegek. Ga maar eens op de kaart kijken naar de Diomedeseilanden. Dat zijn twee eilanden in de Beringstraat, het ene van de VS en het andere van Rusland, en er zit 3 kilometer tussen, en ’s winters een ijsbrug, waardoor je van Amerika naar Rusland kunt lopen. What the fuck! Dat vind ik waanzinnig. Ik zou ook wel naar Kalmukkië willen, waar de president het schaken tot nationaal erfgoed heeft verheven. Iedereen moet daar als kind verplicht schaken. Hoe vet is dat? Daar wil je toch heen?’
29 juni 1964 Geboren in Nazareth, Israël
1966-1969 Bremen, Duitsland
1969-1976 Hoornaar, Nederland
1976-1979 Paramaribo, Suriname
1979-1981 Bujumbura, Burundi
1981 Verhuist terug naar Nederland
1984 Vwo-diploma Europese school in Bergen
1985 Militaire dienstplicht
1986 Toerisme-opleiding NWIT in Breda (niet afgemaakt)
1989 Kabelkrant Alkmaar
1991 Persbureau Bak & Bakker
1991-1995 Correspondent AD
1996-2012 Redacteur, verslaggever en regisseur-samensteller bij Peter R. de Vries, misdaadverslaggever
2008 Wint met Peter R. de Vries Emmy Award voor uitzending over Joran van der Sloot
2013-2019 Presentator en maker van eigen programma’s op SBS 6, zoals Oplichters in het buitenland, Graf zonder naam en Moord of zelfmoord
2019-heden Maakt en presenteert voor RTL 5 en Videoland Kees van der Spek ontmaskert en Kees van der Spek: Oplichters Aangepakt
2019-heden RTL Boulevard
2024 Deelnemer Wie is de mol?
Kees van der Spek is getrouwd met Annabelle en heeft vier zoons: Joep, Jesse, Joël en Sil.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant