Home

Kan een hoger huurwaardeforfait de h-fobie doorbreken?

is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.

Nu het ene h-woord – hypotheekrenteaftrek – een liberaal taboe blijft en een regering zonder VVD niet te vormen is, moet een ander h-woord – huurwaardeforfait – maar een oplossing bieden tijdens de coalitieonderhandelingen.

Om de grote ongelijkheid tussen huurders en de fiscaal in de watten gelegde woningeigenaren te verkleinen, zoals toch het doel is, zou het verhogen van het huurwaardeforfait – al enige tijd eigenwoningforfait genoemd – soelaas kunnen bieden. Op dit moment is dat forfait nog maar 0,35 procent van de WOZ-waarde. Dit bedrag moeten woningeigenaren in de inkomstenbelasting bijtellen, omdat woningen als een bron van inkomen worden gezien.

Is de WOZ-waarde van de woning bepaald op 400 duizend euro – de gemiddelde WOZ-waarde in Nederland – dan moet er 1.400 euro per jaar bij het inkomen worden geteld. Daar moet dan 37,5 procent belasting over worden betaald: 525 euro per jaar of 45 euro per maand.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Het principe bestaat al sinds 1893, toen de liberale minister van Financiën Nicolaas Pierson de inkomstenbelasting invoerde en daarbij verordonneerde dat ook de voordelen van een eigen woning als inkomen moest worden meegenomen. Dat voordeel zou gelijk moeten zijn aan wat mensen zonder eigen woning aan huur zouden moeten betalen voor deze woning. Dat waren potentiële inkomsten.

Toen de Haagse elite daar zo boos op reageerde dat Pierson de toegang tot Sociëteit De Witte werd ontzegd, besloot hij dat de kosten van het verwerven van een eigen woning volledig van de belastingen aftrekbaar waren, zoals de hypotheek. Hiermee ontstond een echt Nederlands probleem dat tot op de dag van vandaag een hete aardappel is gebleven.

Maar terwijl de huren stegen, daalde het huurwaardeforfait. Sinds 2017 is het huurwaardeforfait in Nederland verlaagd van 0,75 naar 0,35 procent, waardoor de waardestijging van woningen in de zakken van de huiseigenaren vloeide.

Een belasting over een forfait van 0,35 procent of 45 euro per maand is een habbekrats. Voor een woning van 400 duizend euro zijn de potentiële huurinkomsten minimaal duizend euro per maand. Dat zou een eigenwoningforfait van 8 in plaats van 0,35 procent betekenen.

Dat is misschien te gortig. Maar het moet mogelijk zijn tenminste de bespaarde huur te belasten. Dan komt het forfait uit op 3,15 procent. Voor een woning van 400 duizend euro stijgt de belasting dan naar 395 euro per maand.

Als het forfait jaarlijks met 0,35 procent wordt verhoogd, is dat over acht jaar – twee kabinetsperioden – gepiept. Dat is niet overmatig, maar redelijk. Verhogen met 0,35 procent per jaar is dezelfde lastenverzwaring als de gemiddelde huurverhoging. Hiermee komt het weer in de lijn met de wet die Pierson voor ogen had.

Per woning stroomt hierdoor jaarlijks 4.725 euro in de schatkist. Bij 4,7 miljoen eigen woningen in Nederland levert dat de schatkist 20 miljard extra op. Dat is bijna de hele defensiebegroting. En de hypotheekrenteaftrek kan onaangetast blijven, zodat Yesilgöz geen belofte hoeft te breken.

Zelfs een partij met een h-fobie moet het water in de mond lopen.

Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next