Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver.
Voor een verdachte van vijf verkrachtingen en vijf aanrandingen zit meneer er kalm en zelfbewust bij. Meneer is 21, na een ruim jaar voorarrest nadert nu de ontknoping in de rechtszaal. Jonge vrouwen geld aftroggelen had hij niet moeten doen, maar ‘ik ben geen verkrachter, aanrander of mishandelaar’.
Dus graag ook geen tbs met dwangverpleging.
Hij houdt zijn jas aan, een zwart jack met capuchon die ruimte laat voor een kunstig opgeschoren achterhoofd; af en toe draait hij zich om en scant het publiek, alsof hij de straat scant, met zelfbewuste ogen. Daarna zaait hij alvast handig twijfel over het persoonlijkheidsonderzoek van de drie gedragsdeskundigen naast hem: ‘Ze zijn drie keer op bezoek geweest en doen alsof ze mij helemaal kennen.’ Waarom zouden ze uitgerekend hem narcistisch noemen? ‘Iedereen denkt aan zichzelf, zij ook.’
De deskundigen hadden moeite ‘meneer’ te peilen: ‘berekenend’ probeerde hij het onderzoek ‘naar eigen hand te zetten’. Hij is ‘zelfbepalend’, ‘ongevoelig voor bestraffing’ en ‘kan overduidelijk liegen’. Ze vermoeden bij meneer, die al vroeg werd gediagnosticeerd met adhd, een licht verstandelijke beperking – die contrasteert met zijn schijnbare scherpzinnigheid.
Meneer zegt: ‘Deze rechtszaak kan me maken en kan me breken.’
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Het is een proces vol gruwelijke details dat er niet was geweest zonder stoere slachtoffers die hun verhaal durfden te doen: negen jonge vrouwen die weinig te winnen hebben bij openbaarheid, maar het desondanks opnemen tegen meneer. Eerder maakten ze indrukwekkend gebruik van hun spreekrecht. ‘Het doen van aangifte heeft ook voor hen vergaande consequenties’, zegt de officier van justitie; het doen van aangifte wordt vrouwen sowieso niet gemakkelijk gemaakt.
Zedenzaken als deze zijn meestal haar woord tegen het zijne. Dat de slachtoffers nu ongeveer dezelfde werkwijze beschrijven, is noodzakelijk steunbewijs. Hicham A. legde op straat handig contact met onervaren meiden, drong aan op een date, die leidde tot verkrachting en aanranding, vaak op het toilet van een bioscoop, een café of een station. Daarna wilde hij geld.
Zijn zaak laat zien hoe ingewikkeld de berechting is van zware zedenmisdrijven, net nu het land te kampen heeft met voorbeelden te over. Net nu Geert Wilders, leider van de grootste politieke partij, tbs wil afschaffen omdat hij het te soft vindt, en net nu de VVD wil dat tbs’ers voor hun behandeling gaan betalen.
Pak aan. Oog om oog.
Maar voor Hicham A. is tbs met dwangverpleging de hel, dat is ‘geen suiker en zout’. Zijn advocaten twijfelen handig aan de onafhankelijkheid van de deskundigen en proberen de zaak richting jeugdstrafrecht te duwen. Maar de deskundigen vrezen dat meneer bij een ‘pedagogische benadering’ in een jeugdkliniek de boel alleen maar op stelten zet. ‘Geen empathie’, ‘we zien alleen maar risicofactoren’. Zelfs bij tbs voorzien ze ‘moeizame vooruitgang’, dat gaat ‘bij meneer helaas heel lang duren’. Het vaststellen van een persoonlijkheidsstoornis is moeilijk, op deze leeftijd kan dat nog veranderen, maar ze houden hun hart vast.
Meneer rekt zich uit. Als in een tenniswedstrijd schieten zijn ogen van links naar rechts, van de deskundigen naar de rechters naar de advocaten, gespitst op elk woord en elke gezichtsuitdrukking en elke kans te ontregelen. ‘Sorry’, zegt hij tegen de deskundigen, ‘maar u weet echt helemaal niks.’ Inderdaad: meer dan dat hij uit een gezin komt met veel broers is over hem niet bekend. De instelling die hem begeleidde, maakte geen eindevaluatie. Of hij inderdaad zijn school heeft afgemaakt, was niet vast te stellen. Er is geen strafblad van belang. En van meneer zelf zullen ze weinig horen, behalve dat hij moslim is en uit een religieuze familie komt, waar verkrachting en aanranding ‘erger is dan iemand verraden’.
Bij het wegleiden door agenten tijdens een pauze, schuift hij keurig zijn stoel aan. Later: ‘Zou ik misschien nog één ding mogen zeggen alstublieft?’
De officier eist 4 jaar en tbs met dwangverpleging. Eén voor één noemt hij de voornamen van de jonge vrouwen; wat ze is aangedaan verdwijnt nooit meer uit hun leven, zelfs niet bij een veroordeling. Meneer was ‘neerbuigend en bedreigend’, ‘het deed veel pijn en het bloedde erg’, ‘de blik in zijn ogen was koud en vijandig’.
Meneer draait zich nog eens om en kijkt het publiek in.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant