Home

‘Ik heb er wel een jaar over gedaan om consequent ‘mijn man’ in plaats van ‘mijn vriend’ te zeggen’

Hoe kijkt de generatie van 2000 terug op de jaren die hen gevormd hebben en wat verwachten ze van de toekomst? Nagelstylist Daniëlle de Jong-Kooyman: ‘Ik bescherm mezelf door het luchtig te houden. Altijd.’

is verslaggever van de Volkskrant. Ze schrijft over stand-upcomedy & cabaret en populaire cultuur.

Waar ben je opgegroeid?

‘In Hei- en Boeicop, een dorp met duizend inwoners in de buurt van Utrecht. Er zijn een kerk, een voetbalclub, een basisschool en een eetcafé, ’t Trefpunt. Binnen ons gezin ben ik de tweede van vier meiden. Ik woon nog steeds in het dorp, samen met Zeno, mijn man.’

Waar ging je naar de middelbare school?

‘In Vianen. We moesten altijd fietsen, 9 kilometer, weer of geen weer.’

25 in 25

In de serie 25 in 25 vragen we jongeren geboren in 2000 hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in25@volkskrant.nl

Is die fatbike voor de deur van jou?

Begint te lachen. ‘Ja! Maar elektrische fietsen waren er toen nog niet. Mijn zusje van 16 zit op dezelfde school, en zij heeft dus wel een elektrische fiets. Als ik haar hoor klagen over de afstand, denk ik altijd: hou je mond, ik moest écht fietsen.

‘Ik gebruik die fatbike eigenlijk alleen om naar de salon in Lexmond te fietsen, 5 kilometer verderop. De rest doe ik met de auto.

‘Ook wel grappig: mijn man komt uit Culemborg, en hij kwam voor onze eerste date op de fiets naar mij toe. Een uur fietsen, hij is er nog steeds trots op.’

Jullie hadden vast niet afgesproken bij café ’t Trefpunt.

‘Nee! Ergens buiten op een bankje, want ik woonde nog bij mijn ouders en wilde hem niet gelijk voorstellen. Maar toen we op dat bankje zaten, kwam mijn oma voorbij, dus we werden alsnog gesnapt.’

Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?

‘Nou, eigenlijk via een van zijn beste vrienden, die mij leuk vond. Dat is negen jaar geleden. In die tijd gingen we uit in Beesd, in Club Rodenburg. Mijn vader zette ‘s nachts de wekker om mij op te halen. Mijn ouders wilden niet dat wij gingen fietsen.’

Je noemt hem je man, dus jullie zijn getrouwd?

‘Vorig jaar, in september, op vrijdag de dertiende. De ceremonie en het diner waren in Bunnik, in een klein kasteel. Zal ik je wat foto’s laten zien?’ Pakt haar telefoon. ‘Het feest was bij mijn ouders thuis, in het weiland. We gingen vroeger altijd naar Feyenoord. Mijn vader en zus hadden de stadion-dj van Feyenoord geregeld voor de bruiloft, DJ Panic. Het was superleuk.’

Is trouwen een ding in jouw omgeving?

‘Nee, helemaal niet zelfs. Wij waren allebei nog nooit op een bruiloft geweest. Wel heeft mijn oom zijn vriendin op onze bruiloft ten huwelijk gevraagd. Dat had hij keurig overlegd hoor, of we dat goed vonden.

‘Ik denk dat veel mensen zich laten weerhouden door de kosten. Ik denk dat je wel rekening moet houden met 25 duizend euro, en dan hebben wij onze kleding nog gekregen van onze ouders.

‘We geven nu een cocktailparty omdat we één jaar getrouwd zijn, en omdat we het gewoon leuk vinden om iets te vieren en mensen bij elkaar te brengen.’

Hebben jullie een huis gekocht?

‘Ja. We hebben nog in de ‘goeie tijd’ gekocht, tussen aanhalingstekens, tegen een lage rente. Zeno is timmerman, hij heeft alles zelf verbouwd.’

Waarom werkt het goed tussen jullie?

‘We liggen altijd helemaal dubbel. En het gaat gewoon vanzelf, we geven elkaar de ruimte om ons eigen ding te doen. Hij heeft net als ik een eigen bedrijf, samen met een compagnon. Daar praten we veel over.’

Hoe ben jij je nagelsalon begonnen?

‘Ik ging na de opleiding als pedagogisch medewerker in de kinderopvang werken, maar ik wist al vanaf het begin dat ik ooit wat anders zou gaan doen. Ik had het hartstikke leuk met mijn collega’s en ik werd blij van de kinderen, maar ik miste door het vaste dagritme wat uitdaging en creativiteit.

‘Nagels vond ik altijd interessant. Mijn ouders zeiden: ‘Nou, dan ga je toch nog een opleiding doen, nu zit je nog in dat schoolritme.’

‘Ik heb een cursus nagelstyling gevolgd. Op zolder hadden we nog een kamer over. Daar kon ik oefenen, aan een bureautje. Op een gegeven moment ging ik mijn werk op Instagram delen. Daar kwamen toen via via mensen op af die voor 15 euro hun nagels wilden laten doen.

‘Ik ging meer cursussen volgen, steeds meer delen op Instagram en TikTok. Uiteindelijk bouwde ik mijn dagen bij het kinderdagverblijf af, tot ik daar nog twee dagen werkte en het aandurfde om helemaal voor mezelf te beginnen.’

Komen je klanten vooral uit de omgeving?

‘De meeste wel, maar van de week had ik iemand uit Amsterdam. Ze komen vooral voor nail art. Daar kan ik al mijn creativiteit in kwijt.’ Laat haar gedecoreerde nagels zien. ‘Hier ben ik ongeveer een uur mee bezig. Bepaalde dingen bied ik niet aan. Sommige mensen willen graag Disneyfiguren op iedere nagel. Dat duurt te lang, ik zie er niet echt business in.’

Wat heeft ondernemen jou over jezelf geleerd?

‘Ik moest leren grenzen aan te geven. Mijn vrijdagavond is heilig, maar als een klant vroeger zei dat ze alleen op vrijdagavond kon, dan zei ik toch ja, en zat ik te balen. Na een paar keer op je snufferd gaan leer je wel: dat moet ik niet meer doen.’

Hoe is de band met je familie?

‘We zijn heel hecht en gezellig met elkaar. Mijn oudere zus is ongeveer drie jaar lang ernstig ziek geweest. Ze had leukemie. Dat heeft een grote stempel gedrukt op ons gezin. Zij was 5 toen ze ziek werd, ik 3.’

Wat zijn je herinneringen aan die periode?

‘De dingen die je als kind onthoudt: dat mijn zus cadeautjes kreeg en ik niet. Ik was vaak bij opa en oma, mijn ouders waren veel weg. Daar kon ik verdrietig om zijn.

‘Mijn moeder zegt altijd dat er ook erg naar mij werd omgekeken door familie en vrienden, die mij bijvoorbeeld een dagje meenamen naar de dierentuin. Maar op die leeftijd ben je op je ouders gericht. Ik wilde eigenlijk ook in dat ziekenhuis liggen, prikjes krijgen en in the picture zijn. Stom hè?

‘Rond mijn 8ste ben ik in therapie geweest. Ik was bang voor alles en iedereen. In mijn slaapkamer vond ik het spannend, bepaalde kinderen in mijn klas vond ik spannend. Alles was spannend. We kwamen erop uit dat het te maken had met wat er is gebeurd in die periode met mijn zus. Onder al die bangigheid zat een soort angst om achtergelaten te worden.

‘Via spelletjes probeerde de psycholoog een ingang te vinden, maar ik liet in het begin niks los.’

Ben je in de loop van de tijd meer open geworden?

‘Ik ben meer uit mijn schulp gekropen. Maar toch: als het moeilijk wordt, trek ik me nog steeds terug. Ik bescherm mezelf door het luchtig te houden. Altijd. Dat zeiden de leraren op school al: Daniëlle verschuilt zich achter haar lach en grapjes.

‘Toen ik 16 was, ben ik opnieuw naar de psycholoog geweest, omdat ik donkere gedachten had. Ik vond mezelf niet meer leuk, ik voelde me achtergesteld en niet gezien. Ik had het idee dat iedereen belangrijker was dan ik, en dat mijn behoeften er niet toe deden.

‘Ook dat kwam weer voort uit vroeger. Sindsdien gaat het stukken beter met mij.’

Bekijk je je ouders nu met een andere blik dan toen je een kind was?

‘Ik heb het hier weleens met Zeno over, dat het soms lijkt alsof we onze ouders voor lief nemen. Terwijl ik het zó knap vind hoe ze het samen doen, en hebben gedaan. Mijn moeder was één jaar ouder dan ik nu ben toen ze mijn zus kreeg. Toen zij ziek werd, was ze zwanger van mijn zusje onder mij.

‘Zeno brengt mij ook altijd weer op heldere gedachten. Het is natuurlijk niet waar dat mijn ouders alleen maar bezig waren met mijn zus, en mij in een hoek hebben weggestopt. Er zijn in die tijd ook leuke dingen gebeurd.’

Iets heel anders nog: heb je zijn achternaam aangenomen?

‘Ja, voor mij hoort dat wel een beetje bij trouwen. Daarin ben ik lekker ouderwets, ook met het idee dat we een kinderwens hebben en dan allemaal dezelfde achternaam hebben.

‘Ik heb er een jaar over gedaan om consequent ‘mijn man’ in plaats van ‘mijn vriend’ te zeggen. Het klinkt serieus hè? Alsof we al 85 zijn in plaats van 25.’

Zijn jullie van plan om in Hei- en Boeicop te blijven?

‘Ik zeg altijd: doordeweeks zou ik in een dorp willen wonen en in het weekend in de stad. Ik denk dat we naar een iets grotere plaats verhuizen, waar meer diversiteit is. Ik wil graag dat mijn kinderen een beetje multicultureel opgroeien, zodat ze van jongs af aan zien dat er veel verschillende mensen bestaan, en dat al die verschillen er mogen zijn.’

Daniëlle de Jong-Kooyman werd 25 op 19 april 2025

Woonplaats: Hei- en Boeicop

Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘7. Ik vind mezelf best volwassen, maar nog niet volwassen genoeg voor een leven met kinderen.’

Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Het krijgen van kinderen uitstellen, dat zie ik veel om me heen. We zetten onszelf op één en doen wat we leuk vinden.’

Waar ben je over 7 jaar? ‘Ik verwacht dat we dan in de stad wonen, in ieder geval in een grotere plaats. Tegen die tijd hopelijk wél met kinderen.’

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next