De prijzen van koopwoningen lopen volgend jaar minder hard op dan dit jaar, meldt Rabobank. Dit komt doordat veel verhuurders hun panden te koop zetten. Toch blijft de stijging hoger dan de loongroei, waardoor betaalbaarheid een probleem blijft.
Dit jaar lopen de huizenprijzen nog fors op, met een plus van 8,6 procent. Maar volgend jaar is dat met 5,5 procent wat minder, denken economen van de bank.
Ze wijzen daarbij vooral naar de zogeheten uitpondgolf. Verhuurders hebben te maken gekregen met hogere belastingen en strengere regels voor huurverhogingen. Velen besluiten hun woningen dan maar te koop te zetten. De verkoopgolf is al enige tijd aan de gang, maar wordt waarschijnlijk groter dan de bank eerder dacht.
Hoewel de verkoop van huurhuizen vervelend is voor wie wil huren, geeft het kopers juist wat meer ruimte. Al langere tijd komt de koopstarter wat makkelijker aan een woning dan daarvoor.
Een andere reden dat huizenprijzen volgend jaar minder hard stijgen, is dat veel woningzoekers maar een beperkt budget hebben. Ze kunnen simpelweg minder hoog bieden, wat de prijzen drukt.
Helaas worden huizen in 2027 waarschijnlijk weer flink duurder. "We verwachten dat de prijsgroei tegen het einde van 2026 langzaam weer wat oploopt, omdat de uitpondgolf dan in omvang afneemt", zegt woningmarktspecialist Carola de Groot.
Vooral in het westen van het land zijn de laatste tijd veel huurhuizen in de verkoop gegaan, met name in de regio's Amsterdam, Den Haag en Rotterdam. Daar zijn prijzen dan ook minder hard opgelopen dan elders in het land.
Met name in het noorden zijn prijzen hard opgelopen. Zo waren huizen in het tweede kwartaal van dit jaar in een aantal Groningse en Drentse plaatsen bijvoorbeeld 16 procent duurder dan drie jaar eerder. In Delfzijl was er in die periode zelfs een stijging van 20 procent.
Source: Nu.nl economisch