Erik Matser, klinisch neuropsycholoog, waarschuwde al in de jaren negentig voor hersenletsel door koppen. Deze week kwam de Nederlandse Sportraad met een advies over een kopverbod en helmplicht. Waarom duurde het zo lang voor de ernst van de situatie doordrong?
Hanneke de Klerck is wetenschapsredacteur van de Volkskrant.
‘Blijkbaar moest het ook sociaalpsychologisch en maatschappelijk zijn plek vinden’, zegt neuropsycholoog Erik Matser (62) bijna berustend over het advies dat de Nederlandse Sportraad deze week uitbracht aan demissionair staatssecretaris Judith Tielen van Volksgezondheid, Wetenschap en Sport (VWS). In dat advies, waarom VWS had verzocht, wordt onder meer aangeraden kinderen tot 12 jaar in het voetbal niet te laten koppen en niet toe te staan dat ze bij vechtsporten herhaaldelijk klappen tegen het hoofd krijgen. Sporters die een hoog risico lopen om te vallen, zoals wielrenners en schaatsers, moeten een helm dragen.
Voor sporters boven de 12 jaar is het advies minder streng, maar ook voor hen raadt de Sportraad aan maatregelen te nemen om het hoofd te beschermen. In juni adviseerde de Gezondheidsraad VWS al koppen in het voetbal zo veel mogelijk te beperken, omdat het een verhoogd risico geeft op dementie.
Told you so, had Matser – telefonisch vanaf een camping met prachtig uitzicht in Slovenië – ook kunnen zeggen. Want al decennia geleden verschenen onderzoeken die sterke aanwijzingen vonden voor hersenschade bij sporters die klappen tegen het hoofd krijgen.
Matser was in de jaren tachtig aan de Cornell Universiteit in New York betrokken bij onderzoek naar een specifieke vorm van dementie bij Americanfootballspelers. ‘Die jongens hadden parkinsonisme – dan heb je symptomen die lijken op de ziekte van Parkinson; ze waren depressief, hadden moeite met leven.’
Hij promoveerde in Maastricht in de jaren negentig op een onderzoek naar hersenschade bij boksers en voetballers, zowel amateurs als profs. Hij was een van de eersten die aanwijzingen vond voor de schadelijkheid van koppen en ertegen waarschuwde. Nu heeft hij een polikliniek in Helmond waar hij onder meer mensen met hersenletsel of een burn-out behandelt.
Wat gebeurt er met de hersenen van iemand die kopt?
‘Hersenen zijn zacht als boter en sterk doorbloed. Bij de oogkassen heeft het bot scherpe structuren en daar krassen de hersenen langs. Dat geeft mini-bloedinkjes die je niet ziet op een scan. Een hersenschudding zie je ook niet. Een hersenkneuzing wel, die is ernstiger en daarbij kun je een zwelling in de schedel zien.
‘Maar van een opeenvolging van kleinere klappen krijg je net zo goed klachten als van een hersenschudding of -kneuzing.’
En voetballers die veel koppen lopen het risico op dementie?
‘Het gaat om een specifieke vorm daarvan, CTE, chronische traumatische encefalopathie. Denk aan Muhammad Ali in zijn laatste jaren. De concentratie gaat achteruit, net als het geheugen en het vermogen om te plannen. Mensen krijgen parkinsonachtige symptomen als trillen, stijfheid, problemen met evenwicht. Ze raken soms niet meer uit een depressie. Typische sporten waarbij je CTE kunt oplopen zijn boksen, rugby, voetbal. En naarmate je ouder wordt, wordt het erger.’
Lopen kinderen meer gevaar?
‘Voor kinderen is het schadelijker, omdat het brein nog in ontwikkeling is en klappen tegen het hoofd die ontwikkeling kunnen vertragen. Dan raken kinderen achterop, ze krijgen moeite met lezen bijvoorbeeld of met sociale aspecten, zoals omgaan met vriendjes.’
Het meeste onderzoek is gedaan bij mannelijke sporters. Hoe zit het met vrouwen?
‘Meisjes lopen meer risico dan jongens, vrouwen meer dan mannen. Dat komt doordat mannen gemiddeld genomen gespierdere nekken hebben, waarmee ze klappen beter kunnen opvangen. Dus voor vrouwen is de situatie slechter.’
Er zijn meer dan een miljoen voetballers in Nederland en ook veel mensen die aan contactsporten doen, maar lang niet iedereen krijgt klachten. Lopen sommige sporters meer risico?
‘Er is een onderzoekslijn die dat bekijkt en er is een gen, ApoE4, dat de gevoeligheid zou kunnen vergroten. Maar dat betekent niet dat sporters met ApoE2 of ApoE3 geen CTE kunnen ontwikkelen.’
Is het niet beter om in het voetbal helemaal niet meer te koppen?
‘Persoonlijk zou ik dat een goede stap vinden. Maar het is een filosofische discussie. Ik heb met boksers gewerkt die zeiden: ‘Ik weet dat het schadelijk is, maar ik zou het zo weer doen. Het zorgde ervoor dat ik in de spotlights stond.
‘In mijn praktijk in Helmond behandel ik ook mensen die cocaïne nemen of die zijn gecrasht omdat ze te hard rijden. De vraag is dus: kun en wíl je het verbieden? Of moet je accepteren dat koppen bij voetballen hoort en alle consequenties dragen? Maar zelf zeg ik niet tegen mijn kinderen: ga maar recreatief cocaïne snuiven.
‘Mijn taak houdt op bij de constatering dat we iets hebben gevonden dat schade geeft. Daarna moet de samenleving er iets mee.’
Onderdeel van het advies is een helmplicht voor schaatsers en fietsers. Wielrenners dragen meestal wel helmen, schaatsers vaak nog niet, terwijl die ook hoge snelheden halen.
‘Schaatsers zouden er goed aan doen hun hersenen te beschermen. Wielrenners zijn door schade en schande wijs geworden. Er waren dodelijke ongevallen nodig voor de helmplicht werd ingevoerd. (Na de dood van Fabio Casartelli in 1995 gebeurde dat nog niet, maar na die van Andrej Kivilev in 2003 wel, red.)
‘En eigenlijk zie je dat in het voetbal ook. Pas nu echt duidelijk is dat er oud-voetballers zijn die op jonge leeftijd dementie krijgen, worden er maatregelen genomen.’
De KNVB zegt: maar die voetballers komen uit een andere tijd, toen de ballen zwaarder waren en we minder gespitst waren op hersenschuddingen. Heeft de bond een punt?
‘Nee. Het spel is veel sneller geworden, er zijn meer botsingen, corners worden tegenwoordig gegeven met wel 80 kilometer per uur. Daar wegen lichtere ballen niet tegen op.’
Kan een helmplicht ook leiden tot schijnveiligheid? Dat een fietser meer risico neemt of dat rugbyspelers extra hard tegen elkaar opbotsen?
‘Dat was het verhaal bij American football. Dat de helmen zo veilig waren geworden dat spelers met hun hoofd vooruit tegen anderen stootten. Spearing wordt dat genoemd, als ze hun hoofd inzetten als wapen. Maar dat is niet wetenschappelijk valide gebleken.’
Waarom vinden Nederlanders het zo moeilijk om een helm te dragen? Je ziet het nu ook weer in de discussie over een helmplicht voor elektrische fietsen.
‘Een verplichting zou het aantal gevallen van hersenletsel enorm doen afnemen. Misschien helpt het om helmen cool te maken. Zoals bij wielrennen, waar je een helm bij je outfit koopt.’
Ik wielren zelf, maar die helm vind ik niet cool.
‘Maar profwielrenners dragen ze nu altijd. Dat is natuurlijk ook een goed voorbeeld, waardoor je vast bent beïnvloed.’
Het eerste advies van de Sportraad dateert al uit 2003. De KNVB kwam onlangs met nieuwe richtlijnen, waarin kinderen nog steeds mogen koppen. Als ze het spelenderwijs leren, zijn ze later technisch vaardiger en is koppen veiliger, vindt de bond.
‘De KNVB houdt vast aan zijn mantra. Terwijl bijvoorbeeld de hockeybond nu een masker bij strafcorners verplicht heeft gesteld en ook de rugbybond maatregelen heeft genomen.’
De Sportraad bepleit meer onderzoek om duidelijker te krijgen wat de risico’s van herhaald hoofdcontact zijn.
‘Nou, er is enorm veel literatuur over hersenletsel inmiddels. Het is overduidelijk wat de gevaren zijn.’
Waarom heeft het zo lang geduurd voor de urgentie van het probleem werd gevoeld?
‘We kenden de grijze matten achter de ogen niet goed. De hersenen werden lange tijd niet beschouwd als een normaal orgaan dat schade kan oplopen door contacttrauma. Er is een tijd geweest dat werd gedacht dat zelfs een hersenschudding geen kwaad kon. Terwijl je daar wel acht maanden tot een jaar last van kunt houden. Dus toen duidelijk werd dat koppen slecht is, door de optelsom van kleine trauma’s, kwam dat als een donderslag voor sportartsen.
‘En voetbal was een mannensport. Ik heb spelers gezien die zwaar knock-out gingen, een spons in hun nek kregen en dan weer doorgingen.
‘In de kliniek kreeg ik te zien wat niet in beeld kwam. Dan zag ik een voetballer die zei: dan ga ik boodschappen doen, kom ik met alles thuis, en heb ik mijn kindje achtergelaten in de supermarkt. Ik zat in een talkshow in Oostenrijk met een spits die bij hoog en laag ontkende dat hij klachten had, en me nadien vertelde dat hij leed aan alles wat was genoemd.’
Columnist en oud-voetballer Jan Mulder schreef in 1992 een lacherige column in de Volkskrant over uw aanbevelingen...
‘... en Johan Derksen noemde me ‘dat doktertje uit Geldrop’. Het Jeugdjournaal bracht mijn resultaten als een 1 aprilgrap. Ik had niet een heel instituut achter me staan, ik was geen professor aan de Cornell Universiteit, ik werkte als neuropsycholoog in het ziekenhuis. Ik ben aan alle kanten tegengewerkt. Enzo Steenbergen heeft voor NRC nog eens uitgezocht hoe de Fifa heeft geprobeerd mensen te beïnvloeden en kritische publicaties over hersenschade in de sport negeerde. We werden kaltgestellt.
‘Ik zat een keer met mijn vrouw naar Concussion te kijken, de biopic met Will Smith over Bennet Omalu. Hij was de eerste die hersenschade ontdekte bij Americanfootballspelers en kreeg het aan de stok met de National Football League. ‘Dit is nog een milde versie van wat jij hebt meegemaakt’, zei mijn vrouw.
‘Ze dachten gewoon: dit kan niet waar zijn.’
Hoe is het voor u om nu gelijk te krijgen?
‘Het maakt niet meer uit. Ik wist dat ik gelijk had en ik dacht dat het moment zou komen. Toen onderzoekers van het Einstein College in New York in 2013 tot dezelfde conclusies kwamen als ik in mijn proefschrift, was voor mij het pleit beslecht.’
Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast ‘Ondertussen in de kosmos’. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Alles over wetenschap vindt u hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant