Home

Laat de middenpartijen ons weerbaar maken

Weerbaarheid Zonder collectieve veerkracht kunnen we nieuwe klimaat- of vluchtelingencrises, pandemieën of geopolitieke rampen niet de baas, zeggen Rutger Claassen en Michel Dückers.

Er spelen op dit moment meerdere crises die elkaar versterken, van klimaat en biodiversiteit tot ongelijkheid en polarisatie, van oorlogen en migratie tot autocratische tendensen. Geen gebrek aan uitdagingen. Met de verkiezingsprogramma’s liggen nu de partijpolitieke kaarten op tafel. Maar waarvan moeten we het hebben in het ‘middenkabinet’ waar we waarschijnlijk op afkoersen, wat kan de ‘middenpartijen’ verbinden? Die middenpartijen van links tot rechts hebben behoorlijk uiteenlopende opvattingen, en te veel middenkabinetten hebben de afgelopen twintig jaar met zouteloze slogans op de kaft van het regeerakkoord geprobeerd een niet-bestaande eenheid uit te stralen. Een uitruil van wensen moest lijken op iets coherents waaraan een gezamenlijke probleemdiagnose ten grondslag lag. Kan dat nu een keer anders?

Rutger Claassen is hoogleraar Politieke Filosofie en Economische Ethiek aan de Universiteit Utrecht.

Michel Dückers is hoogleraar Crises, Veiligheid en Gezondheid aan de Rijksuniversiteit Groningen.

De revitalisering van de democratie schreeuwt om een gemeenschappelijk project voor Nederland, dat middenkabinetten over meerdere kabinetsperioden heen nieuw elan kan geven. Dat project moet zijn het investeren in het vermogen van de samenleving om met weerbarstige uitdagingen om te gaan: maatschappelijke veerkracht of weerbaarheid. En dus investeringen in het vermogen van overheden en instanties om zowel acute als trage dreigingen aan te pakken.

Hoe kan dit concreet? Een nieuw middenkabinet zou een paar herkenbare, aansprekende flagship projects rond weerbaarheid aan kunnen wijzen. Eén zo’n project kan de inrichting van noodsteunpunten zijn, in buurten in het hele land. Nu is de gedachte dat dit centrale plekken zijn waar hulpdiensten voorzien in voeding, drinkwater, stroom, bescherming, beschutting, informatie en communicatie in tijden van dreiging. Maar dit zal vooral goed werken als die plekken zijn ingeweven in het sociale weefsel van de buurten en dorpen waar mensen leven. Aangehaakt zijn dus op voorzieningen waar de afgelopen jaren juist op is bezuinigd. Vanuit de gedachte van weerbaarheid moet deze ontwikkeling worden omgekeerd. Investeer in welzijn, ondersteuning en zorg, onderwijs en culturele activiteiten vanuit professionele organisaties en vrijwilligers.

Dit soort projecten draagt bij aan het vermogen van gemeenschappen om klappen te incasseren en te boven te komen. Het succes valt of staat met een visionaire, maatschappelijk bewuste overheid die zorgt voor goede samenwerking tussen burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Het is dan ook logisch en terecht dat voor het vergroten van de weerbaarheid – bijvoorbeeld door de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) – wordt gepleit voor een integrerende „whole of society approach”.

Vliegwiel voor burgerschap

Dat geldt ook voor een ander mogelijk flagship project: de vergroening van steden en wijken, met de doortastende aanpak in Parijs als voorbeeld. Minder ruimte voor de auto en radicaal meer groen, tegen hittestress die anders de stad onleefbaar maakt, zeker voor inwoners met een zwakkere gezondheid. Zo’n project wordt een vliegwiel voor burgerschapsparticipatie als burgers aan het begin betrokken worden bij de inrichting van de openbare ruimte, en na aanleg ook buurttuinen en groenstroken in gemeenschappelijk beheer krijgen. Stimuleren van fysieke en sociale infrastructuur gaan ook hier dus weer samen.

Een geslaagde integrerende benadering verbindt aandacht voor de vitale fysieke infrastructuur (stroom- en communicatievoorziening, dijken, transport) met aandacht voor sociaal kapitaal; de sociale verbanden in de lokale gemeenschap waar mensen leven en werken, waar ze normen en waarden bestendigen, en waar nieuwe generaties kinderen opgroeien.

In het onderwijs zijn flagship projects denkbaar rond burgerschapsonderwijs en maatschappelijke stages, om jongeren te laten proeven aan een actieve maatschappelijke rol. In de zorg kunnen prangende uitdagingen rondom gezondheid en zorg (vergrijzing, leefstijl, gebrek aan professionals) worden aangepakt. Er zijn projecten nodig om mensen weerbaar te maken tegen sociale media, desinformatie en complottheorieën. Niet onbelangrijk: veel van deze projecten kunnen vallen onder de voorgenomen NAVO-investering van 1,5 procent van het BBP in maatschappelijke weerbaarheid.

Investeren in weerbaarheid is het ideale project voor een nieuw middenkabinet, omdat weerbaarheid dé voorwaarde is voor het oplossen van alle andere crises. Zonder collectieve veerkracht kunnen we nieuwe klimaat- of vluchtelingencrises, pandemieën of geopolitieke rampen niet de baas. Maar er is nog een gedeeld belang bij meer weerbaarheid: de voortwoekerende populistische verleiding uit ons politiek bestel te halen. Een weerbare bevolking praktiseert burgerschap, voelt zich onderling verbonden, en brengt niet uit machteloosheid of rancune een proteststem uit.

Weerbaarheid is politiek

Mensen moeten meer ‘grip’, meer controle op hun leefomgeving ervaren, zoals ook de WRR recent bepleitte. Alleen zo kan de vicieuze cirkel van wantrouwen tussen politiek en bevolking worden doorbroken. Cruciaal is dan wel dat investeren in weerbaarheid een politiek project wordt. Sociale wetenschappers wijzen erop dat politici zelf de taal van ‘veerkracht’ kunnen misbruiken als ‘gedepolitiseerd project’, waar niemand op tegen kan zijn. Dat roept juist wantrouwen in de politiek op.

Wij zijn ervan overtuigd dat weerbaarheid een gezamenlijk project van het politieke midden kan zijn, dat niet apolitiek is, maar meerdere politieke stromingen uit het midden de kans geeft hun eigen sterke kanten in te brengen, in samenhang met de bijdrage van de ander. Investeringen in weerbaarheid vergen keuzes en dus politieke afwegingen. Sociaal-democratische en progressieve partijen zullen daarin een scherp oog voor machtsverhoudingen bijdragen, en hameren op inclusiviteit. Liberale partijen brengen een nadruk op de rol van individuele initiatieven, een can-do-mentaliteit en ondernemerschap. Christendemocraten zullen hun traditie van gemeenschapszin inbrengen en de constructieve rol van maatschappelijke verbanden. Elk van deze stromingen kent echter blinde vlekken, en partijen kunnen elkaar daarop bevragen en scherp houden.

Ook wij gaan dit jaar weer stemmen voor de middenpartij wiens specifieke ideologische profiel onze voorkeur heeft. Maar liever zouden we ditmaal stemmen uit overtuiging dat die middenpartijen met elkaar zullen samenwerken aan een Groot Project voor Nederland, dat onze samenleving hernieuwd zelfvertrouwen geeft dat we de stormen van de 21ste eeuw gezamenlijk kunnen doorstaan.

Source: NRC

Previous

Next