In 2026 stapt de Formule 1 over op nieuwe krachtbronnen met een bijna 50/50-verdeling tussen verbrandingsmotoren en elektrische energie. Toch kijkt de FIA nu al verder vooruit, uit zorgen over de hoge kosten, complexiteit en het gewicht van de huidige hybridemotoren. Na een eerder overleg met alle betrokken motorfabrikanten tijdens de Grand Prix van Bahrein in april, heeft Motorsport.com vernomen dat de FIA op donderdag 11 september in Londen een vervolgvergadering organiseert om de volgende stappen te bespreken.
Het belangrijkste voorstel dat op tafel ligt, is een overstap naar een vereenvoudigde 2,4-liter V8-motor - met of zonder turbo - die gebruikmaakt van duurzame brandstoffen, in combinatie met een veel kleinere en simpelere hybridecomponent in KERS-stijl, ter vervanging van het huidige complexe MGU-K-systeem. "Voor ons komt die V8 er gewoon", stelde FIA-president Mohammed Ben Sulayem eerder dit jaar bij de Britse Grand Prix. "Met de teams ben ik nu erg optimistisch en tevreden. Formula One Management steunt het en de teams beginnen in te zien dat dit de juiste weg is. We moeten dit binnenkort doen. Je hebt drie jaar nodig, dus hopelijk hebben we in 2029 iets klaarstaan."
Hoewel Ben Sulayem graag zo snel mogelijk een nieuwe motorformule wil invoeren, zou het gros van de autofabrikanten terughoudend zijn om al binnen drie jaar na de invoering van de 2026-motoren opnieuw van richting te veranderen - zeker aangezien die nieuwe motoren nog niet eens zijn getest. De 2026-krachtbronnen nemen al afscheid van de complexe MGU-H, maar het ontwikkelen en bouwen van volledig nieuwe motoren vanaf nul is desondanks een zeer kostbare onderneming gebleken. Daar komt nog bij dat ook de ontwikkeling van de duurzame brandstoffen, die vanaf dan worden ingevoerd, erg duur is.
Volgens informatie van Motorsport.com zijn de meeste motorfabrikanten niet per se tegen het idee van een vereenvoudigde V8-motor, maar zij vinden dat 2030 of het oorspronkelijk geplande 2031 een verstandigere tijdlijn zou zijn - zodat hun huidige investeringen niet te snel worden afgeschreven. Bovendien heerst er bij sommige partijen ongenoegen over het feit dat alle aandacht voor de V8-discussie het werk aan de indrukwekkend efficiënte 2026-motoren overschaduwt.
Een ander agendapunt is de oplopende kostprijs van duurzame brandstoffen. Er zullen ideeën worden uitgewisseld over hoe deze nieuwe biobrandstoffen vanaf 2027 kostenefficiënter geproduceerd kunnen worden. Tegelijkertijd leeft het besef dat de ontwikkeling van geavanceerde technologie nu eenmaal gepaard gaat met hoge aanvangskosten, die later hopelijk zullen dalen.
Source: Motorsport