DEN HAAG - De gemeente Den Haag heeft een flinke tik op de vingers gekregen van de ombudsman van de gemeente. Volgens haar heeft de gemeente de reputatie van een ondernemer onterecht schade toegebracht door de indruk te wekken dat hij fraudeerde met subsidieaanvragen. Daar blijkt na onderzoek geen bewijs voor te zijn.
'Kwalijk, niet behoorlijk en in strijd met het beginsel van evenredigheid, fair play en transparantie. Deze harde woorden kraakt Carina van Eck, de Haagse Gemeentelijke Ombudsman, over de gemeente Den Haag in het rapport 'Koos de gemeente de juiste aanpak?'.
Het rapport is opgesteld naar aanleiding van een klacht van een Hagenaar over de reputatieschade van zijn zoon. Zijn zoon treedt op als tussenpersoon voor ondernemers bij het aanvragen van subsidies.
In die functie doet hij in de eerste helft van 2022 een beroep op de subsidieregeling die ondernemers moet helpen bij het verbeteren van hun website. De tussenpersoon dient 24 subsidieaanvragen in, waarvan er elf worden goedgekeurd.
Maar de gemeente krijgt argwaan, omdat het bedrijf van de tussenpersoon betrokken is bij 24 nagenoeg dezelfde subsidieaanvragen. Bovendien komen de aanvragen van een in 2019 opgeheven bedrijf van de tussenpersoon en weet een aantal ondernemers niets van een aanvraag.
Daarom denkt de gemeente dat de tussenpersoon op eigen initiatief alle aanvragen heeft ingediend. Om erachter te komen of het subsidiegeld juist wordt besteed, geeft de gemeente in april 2023 bureau Berenschot de opdracht om een onderzoek te starten.
In een brief stelt de gemeente de tussenpersoon op de hoogte van het onderzoek en vraagt om medewerking. 'De gemeente schrijft dat het doel van het onderzoek is een reconstructie te maken van feiten en omstandigheden inzake de subsidieaanvragen', staat in het rapport van de ombudsman. 'In de brief staat ook dat het onderzoek strikt vertrouwelijk is.'
Wat de tussenpersoon niet weet is dat de gemeente tegelijkertijd een brief schrijft aan zijn klanten voor wie hij een subsidieaanvraag heeft gedaan. Hier komt hij pas later zelf achter door een beroep te doen op de Wet open overheid (Woo).
In de brief aan de klanten van de tussenpersoon vraagt de gemeente aan de ondernemers medewerking aan het onderzoek. 'In de brief staat dat de reden van het onderzoek is dat de gemeente signalen heeft ontvangen dat verzoekers zoon mogelijk niet in lijn heeft gehandeld met wet- en regelgeving', beschrijft het rapport.
Dit stuit de ombudsman tegen de borst. De gemeente mag onderzoeken of de ondernemer een subsidie terecht heeft gekregen, vindt ze, maar mag niet aan de klanten schrijven dat de tussenpersoon zich mogelijk niet aan de wet- en regelgeving houdt voordat een onderzoek hiernaar is gestart.
'Dit wekt de indruk dat de gemeente hem verdenkt van fraude, waardoor hij reputatieschade opliep', vindt de ombudsman. 'Hiermee heeft zij een te zwaar middel ingezet.'
Bovendien blijkt na een paar maanden onderzoek dat er geen bewijs is voor de verdenking van de gemeente. Dat heeft Den Haag volgens de ombudsman 'vrij laat' aan de tussenpersoon laten weten. De klanten van de tussenpersoon zijn hier zelfs tot op de dag van vandaag niet over geïnformeerd.
'Dat is in strijd met het beginsel van evenredigheid, fair play en transparantie', schrijft de ombudsman. 'Tot slot is de gemeente tijdens de klachtbehandeling onvoldoende inhoudelijk op verzoekers vragen en zorgen ingegaan. Daarmee heeft zij onvoldoende hoor en wederhoor toegepast.'
De ombudsman vindt dat de gemeente Den Haag een herstelbrief moet schrijven aan de klanten van de tussenpersoon. 'Waarin de gemeente erkent dat het onderzoek onterecht op deze wijze is aangekondigd en welke passages onjuist waren.'
Ook moet de gemeente, wat de ombudsman betreft, de tussenpersoon 'een passende reactie' geven op zijn klachten. De gemeente is gevraagd om binnen vier weken te reageren op deze adviezen.
Source: Omroep West Den Haag