"Ik weet niet wat ik beter had kunnen doen dan dit", blikt Yuki Tsunoda terug op zijn Grand Prix van Nederland. Hij begon vanaf de twaalfde plaats en lag de hele race rond de top-tien en kwam ook als nummer tien over de streep, wat door de tijdstraffen van Andrea Kimi Antonelli de negende plaats werd. Zo pakte de Red Bull-coureur voor het eerst sinds de Grand Prix van Emilia-Romagna - medio mei - weer punten, maar geheel tevreden was hij niet.
Richting de slotfase had Tsunoda namelijk problemen met het motorvermogen. De toevoer van dat vermogen was namelijk per ongeluk vast blijven zitten in de stand voor de pitstraat. Coureurs gebruiken in de pitstraat de zogenaamde 'launch mode' om vervolgens na de pitstop weer naar de normale modus terug te keren. Daar ging het echter fout voor Tsunoda. Hij kreeg van race-engineer Richard Wood de reminder om naar 'strat 12' te gaan bij het inrijden van de pits en 'strat 11' voor het wegrijden. Maar dat gebeurde niet direct. "We zitten vast in de pedaalmapping", werd hem verteld. "Het gaspedaal is nu heel vlak tussen 15 procent en 40 procent." Met andere woorden: de gasrespons tussen 15 en 40 procent pedaalslag was nu volledig anders – geoptimaliseerd voor een start, niet voor langdurig racen.
"Het voelde alsof alles tegen me werkte", vervolgt Tsunoda zijn terugblik dan ook. "De eerste safety car hielp totaal niet. En de tweede ook niet. De coureurs met wie ik aan het vechten was, zijn uiteindelijk als P5 en P6 gefinisht, dus dat zegt al genoeg. Zelfs in de laatste stint probeerde ik nog posities te winnen, maar toen kreeg ik met die problemen te maken. Het was op dat moment niet eens makkelijk om überhaupt punten te scoren. Normaal gesproken voelt P9 niet als iets bijzonders, maar vandaag geeft het me toch vertrouwen voor de toekomst. Het was echt geen gemakkelijke dag."
Yuki Tsunoda wist de schade te beperken door de negende plaats te pakken in Zandvoort.
Foto door: Sam Bagnall / Sutton Images via Getty Images
Gevraagd naar de problemen in de slotfase, maakt Tsunoda duidelijk dat hij niet te veel in detail mag treden. "Maar op een gegeven moment was de safety car sneller dan mijn auto", geeft hij aan hoe groot de problemen waren. "Het team heeft fantastisch werk geleverd om de schade te beperken en daarna ging het ook beter. Maar er bleef toch iets in de auto zitten waardoor ik veel performance verloor. En alsnog reed ik op P11. Dus ja, qua uitvoering was het van mijn kant wel sterk."
Red Bull-teambaas Laurent Mekies benadrukte dat het niet om een motorprobleem ging. "We zaten na de laatste pitstop in de verkeerde mapping", verklaart de Fransman tegenover onder meer Motorsport.com. "Ik ga je niet vervelen met de FIA-regels, maar simpel gezegd: als je de pitstraat binnenrijdt, verandert de motor-mapping automatisch. En als je dan niet handmatig terugschakelt, zit je vast aan die afstelling voor de rest van de stint. Dus dat is wat er gebeurde. Hij reed het laatste deel van de race met een gasrespons die totaal niet prettig of geschikt was."
Source: Motorsport