In Herman Koch huist een verlangen om onaangepast te zijn. Hij wil zijn zoals de gangsters in Goodfellas, hij wil de ontoerekeningsvatbare sukkel zijn die in Punch-Drunk Love de wc sloopt, en hij wil zijn zoals de motorrijdende vrijbuiters in Easy Riders.
Zelf houdt Koch die karaktereigenschappen vaak verborgen, of hij stopt de rafelrandjes in zijn boekpersonages. Het is toch veel leuker als fictieve personages die controversiële gedachten uiten, in plaats van het allemaal zelf te gaan zitten betogen?
Die strategie hield Koch vast in de laatste Zomergasten, waarin hij geen loeistrak college had voorbereid. Koch is naar eigen zeggen op z’n best als hij niet helemaal weet waar het heen gaat: van tevoren wil hij nooit weten waar alles eindigt, omdat het verhaal anders geen kans krijgt om onverwachte kanten op te gaan.
Koch had vooral filmfragmenten meegenomen, en eigenlijk alleen maar goede. In al die fragmenten zagen we een fascinerende tweedeling: enerzijds was daar die fascinatie voor mannen die alle grenzen opzoeken (en overschrijden), maar ook lag de nadruk op het zachtaardige, met fragmenten over verlegen personages uit ingetogen prachtfilms, zoals Good One, Fallen Leaves en Perfect Days.
Vooral die laatste film, over het doodgewoon gelukkige leven van een Japanse schoonmaker, bood na ruim tweeënhalf uur ruimte om te spreken over de onvermijdelijke eindigheid, omdat Koch al jaren lijdt aan uitgezaaide prostaatkanker. Koch had zelf al een paar voorzetjes gegeven, bijvoorbeeld toen hij sprak over paniekaanvallen en periodes waarin het er voor hem ‘niet langer toe deed of hij in leven bleef’, maar omdat presentator Griet Op de Beeck die voorzetjes niet herkende of negeerde, bleef een écht diepgravend gesprek vaak uit.
Aan de kant van de gast ging veel goed, maar de gesprekken kregen veel te weinig ademruimte. Telkens als het gesprek de diepte in leek te gaan, leek Op de Beeck geen vervolgvraag paraat te hebben, waarna ze na een zoveelste ‘hmmhmm’ te snel doorwilde naar een volgend fragment.
Tekenend was de stilte die viel na het Perfect Days-fragment, waarna Op de Beeck hardop moest zeggen dat ze Koch de kans wilde geven om zelf maar te gaan praten, en ze bij het uitblijven van een reactie vervolgens nerveus de ‘Wat zegt dit over jou?’-vraag stelde. Wat Op de Beeck nu eigenlijk zélf dolgraag wilde weten van haar gast werd nooit helemaal duidelijk (een terugkerend euvel dit seizoen).
Gelukkig zat er een Zomergast die het op eigen kracht makkelijk redde. Koch was relativerend zonder weg te lopen van moeilijke thema’s, al had hij zichzelf wel ten doel gesteld om ‘de eerste Zomergast te worden die geen vochtige ogen krijgt’.
Zijn conclusie voelde mooi zonder pathetisch te worden. Gevraagd naar hoe hij zijn leven nu wil leiden, reageerde Koch: ‘Het geluk omarmen door er zo min mogelijk achteraan te gaan.’
Over de auteur
Alex Mazereeuw schrijft voor de Volkskrant over film en televisie en is eens in de vijf weken tv-recensent.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant