Home

Robotmatroos Kai op proeftijd bij veerdienst: ‘Sinds hij een T-shirt draagt, zijn de reacties positiever’

Passagiers in Gorinchem mogen kennismaken met de nieuwste medewerker van veerdienst Riveer: robotmatroos Kai. Die moet uiteindelijk een volwaardige kracht worden, maar zo’n vaart loopt het nog niet. Bovendien blijkt zo’n robot toch een beetje eng.

is verslaggever binnenland van de Volkskrant.

Het leek zo’n leuk idee, een rondje varen met Kai. Maar nu de 1,55 meter lange robot stampvoetend komt aanbenen, vindt Jayce (4) hem toch best imposant. ‘Ik kan er niet bij’, roept de kleuter lichtelijk in paniek als Kai hem een high five wil geven op het dek.

Kai is de nieuwste werknemer van veerdienst Riveer. Sinds een maand wordt getest of hij in de toekomst misschien kan assisteren aan boord. De meeste passagiers zijn enthousiast en vragen regelmatig naar de robot.

Omdat Kai tijdens zijn opleiding slechts sporadisch meevaart, organiseert Riveer op woensdag 27 augustus een meet-and-greet voor liefhebbers, op het rondje vanaf Gorinchem naar Sleeuwijk, Hardinxveld, Werkendam en weer terug.

Extra aanspreekpunt

Schipper Rob Ophof (72) kan er vanuit zijn stuurhut wel om lachen. De gepensioneerde invalkracht zag tijdens zijn carrière al de nodige technologische vernieuwingen voorbijkomen – de pont vaart inmiddels elektrisch, het stuur veranderde in een joystick en trossen gooien hoeft niet meer – maar in zijn nieuwe collega heeft hij weinig fiducie. ‘Ik ben toch van de oude stempel.’

Maar als Ophof eerlijk is, kan hij wel wat assistentie aan boord gebruiken. Want tegenwoordig vaart hij meestal helemaal alleen met de pont, zonder matroos. Vroeger had Riveer, verantwoordelijk voor vijf vaarroutes in het rivierengebied, er vijf in dienst. Nu zijn dat er nog maar drie.

Daardoor missen passagiers een aanspreekpunt. Als ze er niet uitkomen met hun kaartje, schromen ze niet om de trap naar zijn stuurhut te beklimmen. ‘Dus ja’, geeft hij uiteindelijk toe. ‘Als Kai daarbij zou kunnen helpen… Dan zou ik dat toch wel prachtig vinden.’

Zover is het nog lang niet. De robot moet de komende jaren nog veel leren. Voor de eerste fase, waarin Kai moest bewijzen dat hij echte zeebenen heeft, slaagde hij met vlag en wimpel. Schipper Ophof kan het niet laten om hem op de proef te stellen. Als de pont Sleeuwijk nadert, botst hij met een flinke knal tegen de palen. Kai wankelt, maar herpakt zich waarna hij naar vier wachtenden op de kade loopt.

Lage robotdichtheid

Kai is een humanoïde robot: een robot die lijkt op een mens. Dit is zeker niet de eerste keer dat die wordt ingezet op de werkvloer. Zorgrobot Zara en receptionist Pepper gingen hem jaren geleden al voor, maar de twee kwamen vaak niet door hun proefperiode in verpleeghuizen en bij verschillende gemeenten.

‘Organisaties haken vaak af als blijkt dat een robot je in het begin alleen maar meer werk oplevert’, zegt Henk Volberda, hoogleraar strategie en innovatie aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Maar als je die fase doorstaat en ervoor zorgt dat je medewerkers het gevoel hebben dat hun baan niet wordt bedreigd, kun je er veel profijt van hebben.’

De robotdichtheid is in Nederland nog relatief laag. Maar daar gaat de komende jaren verandering in komen, verwacht Volberda. Hij werkte mee aan het Future of Jobs Report 2025, waarin voorspeld wordt dat ‘mensenwerk’ flink zal afnemen. ‘Nu wordt de helft van al het werk puur en alleen door mensen uitgevoerd, in 2030 is dat nog maar een derde. De rest zal volledig geautomatiseerd plaatsvinden of samen met een robot worden gedaan.’

Wat bijdraagt aan de snelle verandering, is de opkomst van AI (robots worden veel slimmer) en het gebrek aan personeel dat overal opspeelt. Precies de reden dat veerdienst Riveer techondernemer Jan van Wijgerden benaderde voor dit experiment. De Gorinchemer is al langer gefascineerd door robots, en wilde graag meedoen: ‘Dit is een goede manier om de discussie over robots een beetje op gang te krijgen.’

Van ‘onpersoonlijk’ tot ‘geweldig’; in de reacties van passagiers komen alle smaken komen voorbij. Van Wijgerden schat in dat de verdeling zo rond de 80-20 ligt, waarbij het merendeel enthousiast is. ‘Sinds ik hem een T-shirt heb aangetrokken, zijn de reacties een stuk positiever.’

Postbode Egbert Egberts (61) maakt zich geen illusies: ‘Daar staat mijn opvolger.’ Maar signaleren wat er gebeurt achter de voordeur, zoals hij, nee dat zal een robot nooit kunnen. ‘Dat sociale aspect is ook belangrijk. Laatst heb ik iemand gereanimeerd.’

Een collega die later aan boord komt is vooral geïnteresseerd in zijn vaardigheden. ‘Can he talk?’, vraagt ze met een oranje postfiets in de hand. ‘Next month’, belooft Van Wijgerden. ‘Even Chinese.’

Als hij kan praten, volgt de fase waarin hij zelf moet gaan leren bewegen. Nu wordt Kai nog volledig bediend door de ondernemer, hij doet niets zelfstandig. De technologie daarvoor is er al, maar die moet volgens Van Wijgerden eerst volwassener en betrouwbaarder worden. ‘Want als een machine een fout maakt, accepteren we dat veel minder dan bij een mens.’

Rechtsomkeert op de loopbrug

Tot slot volgt de grootste uitdaging: inschatten of passagiers er klaar voor zijn. Degene die vandaag meevaren, lijken dat wel te zijn. Fietsvriendinnen Sonja van den Heijkant (52) en Renske Jongejan (51) komen in Hardinxveld aan boord en gaan er even van uit dat Kai al aan het werk is. ‘Hij zou ons kaartje kunnen scannen.’

Terug in Gorinchem blijkt dat nog niet iedereen toe is aan levensechte robots. Een filmende dame slaakt een gil als Kai op haar af komt lopen en maakt rechtsomkeert op de loopbrug.

De liefde tussen Jayce en Kai is ook flink bekoeld. Jayce zat de rest van de vaart binnen, op veilige afstand. Zijn oma: ‘Zo’n menselijke robot is toch iets anders dan de zingende dino thuis.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next