is journalist en columnist voor de Volkskrant.
De krant brengt en duidt nieuws, maar wordt zij ook niet steeds meer een zedenprediker?
Zo schreef iemand pas dat we geen eieren uit de kippenindustrie meer mogen eten. Een ander vond dat we de Vierdaagse inclusiever moeten maken. Bij de herdenking van de massamoord in Srebrenica weerklonk alom het verwijt hoe we dit hebben kunnen laten gebeuren. Misschien ben ik overgevoelig voor gepreek, toch heb ik de indruk dat we vanaf de kansel van de krant worden overladen met schuld en schaamte.
Of het nu gaat om huis-tuin-en-keukenkeuzes of kwesties van een zwaarder kaliber, we worden herhaaldelijk gewogen op de weegschaal van goed of fout. Ons gedrag en onze stellingnames worden getoetst aan de moraal, en dat is een zeer dwingende norm. Want wie wil niet een schoon geweten hebben? Wie betreurt niet de burgerdoden die vallen in een oorlog? Het probleem is echter dat mensen niet perfect zijn en het behoud van morele zuiverheid niet altijd mogelijk.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Wat dit betreft, is de korte geschiedenis van het westerse interventionisme leerzaam. Het Navo-ingrijpen in Bosnië was effectief maar kwam voor de mannen van Srebrenica te laat. In Kosovo, Afghanistan en Irak verliepen de interventies vervolgens zo moeizaam dat er geen enkele animo meer bestond om ook maar iets te ondernemen tegen het Assad-regime in Syrië, toen het daar misging.
Hoe nobel het interventionisme in aanleg ook is (optreden tegen massamoordenaars), in zijn uitwerking is het meestal minder geslaagd. Militairen ontsporen, bommen richten bloedbaden aan in woonwijken en de bereikte resultaten zijn zo rommelig of rampzalig (in Libië bijvoorbeeld) dat ze de excessen niet goedmaken. Het varen op een moreel kompas is geen garantie voor moreel fraaie uitkomsten.
Ondanks deze niet altijd positieve ervaringen viert het moralisme weer hoogtij deze dagen. Het ‘doe wat, grijp in’ weerklinkt als vanouds in deze tijden vol oorlogen en menselijk leed. De morele noodzaak om iets te doen is evident, ze wordt uitgebreid benadrukt deze dagen. Beduidend minder woorden worden er besteed aan wat er precies gedaan kan worden. Als sancties geen effect sorteren, wat moet er dan gebeuren? En waarom gaat het van alle conflicten vooral over Gaza en minder over Soedan? Kortom, doet de moraal niet aan praktische en ongemakkelijke vragen en is zij selectief?
De ‘Doe Wat’-roepers staan nauwelijks open voor zulke tegenwerpingen en kanttekeningen. Ze hebben een absoluut geloof in de juistheid van hun zaak en sluiten zich af voor de mogelijkheid dat andere mensen in alle oprechtheid andere afwegingen kunnen maken. Die mensen krijgen het loden gewicht van de moraal op hun schouders gelegd om ze in het gareel te krijgen. Het is geestelijke dwingelandij. In een bespreking van het werk van de Amerikaanse schrijver Cormac McCarthy schreef Arnon Grunberg al dat moraal een machtsstrijd is met iets andere middelen.
Dat is te zien in de extreem verhitte debatten over Gaza. Vanwege de gruwelen in deze oorlog weten de Israël-critici dat ze de moraal aan hun kant hebben. Die omstandigheid gebruiken ze om maximale mentale druk uit te oefenen. OxfamNovib kwam met een poster waarop een portret stond van minister Caspar Veldkamp en de vraag: ‘Waar is uw geweten?’ Het was een akelige actie, keihard op de man gespeeld. Ze toonde aan dat de hulporganisatie minder rechtschapen is dan zij met al haar morele pretenties doet voorkomen.
Wat ook opvalt in deze moralistische tijden is het oprekken van het begrip ‘medeplichtigheid’. Ik las in de krant dat iemand vond dat wie niet openlijk stelling nam tegen de poster van Wilders over GroenLinks-PvdA – met de gehoofddoekte moslima – medeplichtig was aan zijn actie. Er is weinig meer voor nodig om ergens schuldig aan te worden verklaard.
Om misverstanden te voorkomen, de moraal is onontbeerlijk als norm en richtsnoer voor het goede. Maar zij moet niet uitharden tot iets onwrikbaars, inflexibels. Niet voor niets wordt moraal vaak geassocieerd met dilemma’s. Zie ‘onze’ Elena uit Kyiv. Als moeder met een zoon aan het front dubt zij of ze een andere moeder moet aangeven die haar zoon de dienstplicht laat ontduiken. Over een dilemma gesproken. Het leven kan razend ingewikkeld zijn, het leent zich niet voor moreel absolutisme.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant