Handelsoorlog In juli sloot Japan een handelsakkoord met de regering-Trump, maar die kwam afgelopen week ineens met nieuwe eisen. Die grilligheid maakt dat Japan zich meer op de eigen regio richt.
De Japanse hoofdonderhandelaar Ryosei Akazawa voor het recente handelsakkoord met de Verenigde Staten, heeft een reis naar Washington afgezegd.
De Japanse hoofdonderhandelaar voor de uitwerking van het recente handelsakkoord met de Verenigde Staten heeft een reis naar Washington afgezegd. Dat deed Ryosei Akazawa nadat bleek dat het Witte Huis in een presidentieel decreet wilde vastleggen dat Japan verplicht meer Amerikaanse rijst moest kopen. Ook zou het overwegen daarin een verlaging van de Japanse invoertarieven voor Amerikaanse landbouwproducten vast te leggen.
Japan was door de Amerikaanse president Donald Trump in april een ‘wederzijdse importheffing’ van 25 procent in het vooruitzicht gesteld. Daarnaast gold een aparte heffing op de invoer van Japanse auto’s.
De Amerikaanse tariefmuren raken de Japanse economie hard – de VS zijn na China Japans grootste handelspartner. In juli stemt Japan daarom in met een handelsdeal met pijnlijke toezeggingen: Japan accepteert 15 procent heffingen, gaat 550 miljard dollar investeren in de VS, en zal zijn markt openen voor meer Amerikaanse rijst en auto’s.
Volgens dat akkoord zouden Japanse bedrijven met overheidssteun hun eigen investeringsbeslissingen nemen. Amerikaanse boeren en autofabrikanten zouden hun producten zelf aantrekkelijk moeten maken voor de Japanse consument.
De nieuwe Amerikaanse eisen zijn dan ook een brutale inmenging in zaken die buiten de Amerikaanse bevoegdheid liggen, klagen beleidsmakers in Tokio volgens de Japanse krant Nikkei. En dat terwijl de beloofde verlaging van heffingen op auto’s tot nu toe is uitgebleven.
Dat Trump een lastige partner is, wisten de Japanners al uit diens eerste termijn. Ook toen kreeg Tokio te maken met dreigementen over hogere tarieven, en zelfs de terugtrekking van Amerikaanse troepen die de Aziatische bondgenoot helpen beschermen.
Het was de reden dat de toenmalige Japanse premier Shinzo Abe een charmeoffensief begon. Hij vloog als eerste buitenlandse leider naar Trump Tower, speelde golf met de president in Florida en verwierf zo de reputatie van een ‘Trumpfluisteraar’, het schoolvoorbeeld van een man die met succes Trumps ego streelde om politieke schade aan zijn eigen land te beperken.
De huidige premier Shigeru Ishiba mist dat charisma, of heeft te veel zelfrespect. Bovendien is zijn binnenlandse positie zwak sinds zijn regeringscoalitie in juli een zware nederlaag leed bij de Hogerhuisverkiezingen. Critici beschouwen hem als vleugellam.
Vanwege de grilligheid van Washington richt Japan de blik nu ook nadrukkelijker op landen in de eigen regio. Zo ontving Ishiba afgelopen week de Indiase premier Narendra Modi – ook India kreeg recent te maken met hoge Amerikaanse heffingen. „India en Japan moeten samen sterker staan”, zei Modi tegen zijn Japanse collega. Ook Zuid-Korea’s nieuwe president Lee Jae-Myung koos voor overleg in Tokio, nog vóór zijn bezoek aan Washington later in diezelfde week.
Het illustreert een grotere verschuiving. Vóór Trumps tweede termijn stonden goede bilaterale betrekkingen met de VS centraal voor veel Aziatische leiders, maar nu proberen ze eerst onderling de rijen te sluiten. Ook Japan leert nu een dure les: beter een goede buur dan een verre vriend.
Wat kunnen we verwachten van weer vier jaar Trump?
Source: NRC