Home

Robin Givhan ontving als eerste modejournalist een Pulitzer-prijs. Nu gaat ze weg bij The Washington Post

Robin Givhan (60) was tot voor kort columnist en journalist bij The Washington Post. Haar boek over modeontwerper Virgil Abloh (1980-2021), oprichter van Off-White en creatief directeur van Louis Vuitton, verscheen deze zomer. Dit is wat ze leerde in het leven: het hoofd van een modehuis moet nu ook een celebrity zijn en kinderen van Afrikaanse immigranten weten dat ze alles kunnen worden.

„Ik was behoorlijk kritisch op Virgil Abloh. Ik zag hoe gedreven hij was, dat zijn klanten hem grensverleggend vonden, dat ze zich door hem vertegenwoordigd voelden, het gevoel hadden dat ze hem kenden – ik kan geen andere ontwerper bedenken die zo’n intieme relatie had met zijn fans, die DM’s beantwoordde van mensen die hij niet kende. Hij had het altijd over ‘wij’, alsof zijn fans verantwoordelijk waren voor zijn succes, en dat waren ze op een bepaalde manier ook, ze gebruikten social media om zijn werk te promoten. Maar ik beoordeelde hem op de traditionele manier. Ik keek vooral naar de kwaliteit van de kleding, het narratief dat hij met zijn shows neerzette. De vrouwenmode van zijn eigen merk Off-White begreep ik niet, en hij eigende zich te veel ideeën van anderen toe, terwijl hijzelf een opvallend lange lijst van copyrights had. Pas na zijn dood aan kanker in 2021, waarop fans reageerden alsof ze een vriend waren verloren, besloot ik een boek over hem te schrijven. Als je ergens middenin zit is het moeilijk om de impact ervan goed in te schatten.

Met interviews met actrice Tilda Swinton, Coldplay-bassist Guy Berryman en de fans van Fong-Leng

Magazine #41 Mode

Lees alle stukken (vanaf 4 september online)

Ontwerpers van mannenmode zeggen vaak dat ze van vrouwen horen dat zij hun kleren ook dragen en dat ze hun vragen om ook voor hen te ontwerpen. Maar als een mannenmodeontwerper kleren gaat maken voor vrouwen gaat vaak alles verloren waar die vrouwen van hielden. Die kwamen waarschijnlijk voor een mooi gesneden jasje, en dan denkt zo’n ontwerper dat hij strakke rokken moet gaan maken. Bij Virgil, die ook eerst alleen mannenmode maakte, voelde de vrouwenmode ook zo losgezongen.

Virgil Abloh was niet alleen een van de eerste Zwarte creatief directeuren van een groot modehuis, hij was de eerste zonder traditionele mode-achtergrond; hij was opgeleid tot architect. Hij heeft echt iets veranderd in de modewereld. Vroeger was een creatief directeur gefocust op kleding. Later kwamen daar de reclamecampagnes en de winkels bij. Sinds Virgil Abloh moet een creatief directeur ook een socialemedia-directeur zijn, een partyplanner, een celebrity. Iemand kan nog zo’n buitengewoon getalenteerde modeontwerper zijn, als je niet bereid bent een personality te zijn, het gezicht van een huis, dan weet ik niet of je tegenwoordig nog een groot modemerk kunt leiden.

De invloed van de sneakercultuur op Virgils succes is niet te onderschatten. Hij had nooit zo ver kunnen komen als er niet al dingen aan het veranderen waren. Dat zo veel Zwarte mannen – sporters, hiphopartiesten – grotendeels bepaalden wat mode voor mannen was, opende deuren voor hem.

Virgil werd altijd omschreven als de zoon van Ghanese immigranten, nooit als Afro-Amerikaan, wat ook correct zou zijn geweest. Hij is in Ghana geweest en heeft daar de armoede gezien, hoe uitdagend zijn leven misschien was geweest als hij daar was opgegroeid. Maar hij zag er ook een maatschappij die op elk niveau werd gerund door mensen die eruit zagen zoals hij: vrachtwagenchauffeurs, vuilnismannen, artsen, advocaten, de president. Kinderen van Afrikaanse immigranten weten dat ze alles kunnen worden. Bovendien zijn ze niet belast met de geschiedenis van de slavernij. Veel Afro-Amerikanen vertellen hun kinderen: je moet erop voorbereid zijn dat er obstakels komen, je moet twee keer zo goed zijn als anderen. Ook ik besefte dat ik niet de luxe had om middelmatig te zijn. Bij mij thuis ging school voor alles.

Mijn ouders kwamen uit het zuiden van de VS. Ze hebben elkaar ontmoet in Chicago, op college, daarna is mijn moeder mijn vader naar Detroit gevolgd. Hij werkte voor de posterijen, zij voor de [christelijke jongerenorganisatie] YMCA. Ik was hun enige kind. Ik maak altijd de grap dat ik nooit een memoir kan schrijven omdat ik geen nare verhalen heb over mijn kindertijd. Als we mijn grootouders opzochten in Mississippi werd er nooit gesproken over segregatie, ik denk om me te beschermen en me gewoon mooie herinneringen te laten hebben aan de boerderij van mijn grootouders. Een beschermde jeugd is waardevol: mij leerde het om mogelijkheden te zien, en van het goede in mensen uit te gaan. Pas later heeft mijn vader me verteld hoe het was om zijn land te dienen tijdens de Tweede Wereldoorlog en dan terug te keren naar het gesegregeerde zuiden. Mijn ouders hebben zo veel hindernissen moeten overwinnen en toch waren ze helemaal niet bitter. Ik vraag me af wat ze hadden kunnen bereiken als ze hun dromen achterna hadden kunnen gaan.

Ik ben eigenlijk bij toeval over mode gaan schrijven. Ik was algemeen verslaggever bij de Detroit Free Press, maar miste een onderwerp dat helemaal van mij was. Toen ging degene die over mode schreef iets anders doen. Mode werd niet gezien als een serieus onderwerp, maar juist als iets wordt gezien als een onbelangrijk onderwerp, kun je verrassen met interessante verhalen. Een van de aardigste en betekenisvolste reacties die ik kreeg nadat ik in 2006 als eerste modejournalist een Pulitzer kreeg kwam van een collega van een andere krant die al veel langer over mode schreef dan ik. Ze zei dat dankzij mijn prijs modejournalistiek veel serieuzer werd genomen op haar redactie.

In 2000 ben ik bij Vogue gaan werken. Ik dacht: als ik voor een modetijdschrift wil schrijven dan is dit het summum. En ik wilde altijd al in New York wonen. Modetijdschriften zijn, anders dan kranten, afhankelijk van advertenties van de bedrijven waarover ze schrijven, ze zijn onderdeel van het ecosysteem van de mode. Dat maakt journalistiek in modetijdschriften lastig. Er staan journalistieke verhalen in modetijdschriften, maar niet alle journalistieke verhalen zijn welkom. Er was in die tijd een ontwerper die van het ene naar het andere merk ging zonder dat hij ergens een succes van maakte. Als je de juiste mensen achter je hebt, kun je in de mode fout na fout maken. Ik wilde daarover schrijven, maar dat was niet de bedoeling. Binnen een jaar ben ik weggegaan.

Robin Givhan: „Na een paar jaar body positivity weer terug bij superdun.”

Mode gaat over vernieuwing, maar binnen de modewereld zelf gaan veranderingen vaak tergend langzaam. In de industrie gaat het de hele tijd over inclusiviteit en diversiteit, maar waarom geldt dat alleen voor ontwerpers en niet voor de zakelijke posities? En waarom huren al die modehuizen nog steeds alleen maar dudes in? Waarom worden getalenteerde vrouwelijke ontwerpers niet net zo op het schild gehesen als de mannen? En dan zijn we na een paar jaar body positivity weer terug bij superdun. Alles blijft hetzelfde, op een bijna halsstarrige manier.

Tijdens de pandemie waren er geen shows, en begon ik ook over kunst en politiek te schrijven. Het voelde als een goed moment om mijn blik te verruimen. Toen de internationale modeshows weer begonnen, ben ik niet meer gegaan. Soms mis ik de magie van een echt goede show. Maar je moet naar een heleboel middelmatige modeshows om die ene parel tegen te komen.

The Washington Post bood alle mensen die tien jaar in dienst zijn, en alle mensen van de videoredactie en opinieredactie, een buy-out aan. Ik heb lang getwijfeld. [Eigenaar] Jeff Bezos heeft bepaald dat op de opiniepagima’s alleen mocht worden geschreven over de vrije markt en vrije keuze, maar bemoeide zich niet met de rest van de redactie. Ik heb altijd kunnen schrijven wat ik wilde. Eind juli heb ik besloten het te doen. Er zijn veel mensen weggegaan, er komen nieuwe bij, er zijn veranderingen op komst die er onheilspellend uitzien. Er zijn genoeg andere plekken waar ik mijn vlag kan planten, waar ik kan spreken over cultuur, de huidige omstandigheden. Ik heb een rotsvast geloof in mainstream media.”

CVRobin Givhan

Uitgelichte artikelen

Source: NRC

Previous

Next