Jong in Nederland Jonas Meinderts ging zich minder alleen voelen toen hij mensen vond met wie hij zijn ideeën over een betere wereld kon delen. Hij wil minister worden.
Jonas Meinderts zit bij de Jonge Klimaatbeweging en is een van de Jonge Denkers des Vaderlands.
Wie de belangrijkste persoon in zijn leven is? Als Jonas Meinderts die vraag in de zomer van 2021 krijgt voorgelegd, moet hij lang nadenken. „Ikzelf”, zegt hij. Op dat moment is er niemand die hij zijn zielenroerselen toevertrouwt. Of, nou ja, zijn moeder, want die houdt onvoorwaardelijk van hem, ook al vertelt hij nooit de volledige waarheid aan haar. „Is het zielig dat ik niemand heb tegen wie ik álles kan zeggen? Het voelt soms eenzaam.”
Jonas Meinderts (19) woont in Den Haag en gaat geschiedenis studeren.
Jonas zit op dat moment in de derde van het gymnasium. Hij zit drieënhalf uur per dag op zijn telefoon. Via Instagram en Snapchat volgt hij wat anderen doen. „Iedereen wil ergens bijhoren”, zegt hij. Als zijn vrienden leuke dingen zonder hem doen, versterkt dat zijn gevoel van eenzaamheid. Mogelijk is hij daarom op zijn zestiende met roken begonnen. Al snel rookte hij een half pakje per dag.
Sociale media kunnen je het gevoel geven dat je ergens bijhoort, zegt Jonas, maar in stilte worstelen jongeren met hoge verwachtingen. Ze spreken dat meestal niet uit, omdat ze de indruk willen wekken dat ze hun zaakjes goed op orde hebben. Dat versterkt het gevoel van eenzaamheid.
De prestatiemaatschappij zorgt voor dilemma’s, zegt Jonas in de zomer van 2024. Volg je je hoofd of je hart? Als hij zijn hart zou volgen, zou hij Nederlands of kunstgeschiedenis gaan studeren en „oneindig dichtbundels publiceren”. Zijn eerste dichtbundel, Wij, Titaantjes, verschijnt datzelfde jaar. Daarin typeert hij zichzelf als een pinguïn: „Waggelend met mijn koffer/ op nette bruine schoenen/ over de stoepen/ langs de grachten/ met elke stap/ heb ik het gevoel dat ik uitglijd.”
Jonas in 2019.
Jonas in 2025.
Maar Nederlands en kunstgeschiedenis „worden als nutteloos beschouwd”, is zijn ervaring. Dus zegt zijn hoofd: je moet de politiek in. Eurocommissaris worden of minister-president. De Nobelprijs winnen – als hij er maar hard genoeg voor werkt, ligt die binnen handbereik. Na lang wikken en wegen kiest Jonas in het voorjaar van 2025 voor een studie geschiedenis aan de Universiteit Utrecht.
Eenzaamheid blijft een thema in het leven van Jonas. Hij is bovengemiddeld intelligent – zo niet hoogbegaafd – en kan wereldse zaken uitstekend analyseren. Maar als aantrekkelijke jongens te dichtbij komen – in groep 7 vertelt hij al dat hij zich tot jongens aangetrokken voelt – valt de deur in het slot. „Het voelt alsof er een onzichtbare muur tussen zit”, zegt hij over zijn eerste seksuele ervaringen. „Omdat ik een kameleon ben. Wie is de echte Jonas?”
Na een negatieve ervaring met een schoolgenoot op wie hij hevig verliefd is, maar die hun contact plotseling afkapt, ontmoet hij „via een soort kinderTinder” een Nederlandse jongen die in Frankrijk woont. Hij is intelligent, opgewekt, houdt van Russische hiphop en kan goed luisteren. Maar op den duur valt het reizen niet meer vol te houden.
Jonas met zijn vriend Jochem (20).
„Ik denk nog steeds wel eens ‘God, wat ben ik alleen’”, zegt hij begin 2024, al neemt het gevoel van eenzaamheid af als hij zich aansluit bij organisaties waar hij zijn ideeën over een betere wereld met anderen kan delen: als bestuurder bij het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) en later bij de Jonge Klimaatbeweging (JKB). Bij die laatste organisatie werkt hij nog steeds.
Er zijn genoeg zaken waar Jonas zich zorgen om maakt. Zoals de macht van de kerk. De opwarming van de aarde. De toegenomen polarisatie als gevolg van de pandemie. Ongelijkwaardigheid in het onderwijs. „Ik word doodmoe van de besluiteloosheid van politici”, zegt hij.
Waarom geen stemrecht voor Nederlanders vanaf zestien, vraagt Jonas zich af. Dan haken jongeren minder snel af. Zijn politici bang voor de macht van jongeren? Ze beseffen niet wat er op het spel staat. „Nu al kun je spreken van een verloren generatie. Of generaties: mijn generatie en de generatie voor mij, de millennials.”
Verzameld werk van Kafka.
En dan hebben we het nog niet eens over de effecten van de pandemie gehad, die jongeren dwong thuis te blijven op een leeftijd dat ze uit willen vliegen. Voor de identiteit van zijn generatie is corona vormend geweest, zegt Jonas begin dit jaar. „Alsof je vleugels worden afgehakt als je net hebt leren vliegen. Of dat niet eens, want je hebt nooit echt leren opstijgen.”
Begin 2024 krijgt Jonas „een nieuwe vlam”. Iemand „met politieke interesse”, die hem even leuk vindt als andersom. Jochem studeert in Utrecht, de stad waar Jonas later dit jaar gaat studeren. Het wordt een druk jaar, want na een filosofiewedstrijd werd hij verkozen tot een van de zeven Jonge Denkers des Vaderlands. En de media weten hem, als maatschappelijk geëngageerde duizendpoot, steeds vaker te vinden. Deze zomer werd hij nog door Radio 1 geïnterviewd over zijn werk als bestuurder bij de Jonge Klimaatbeweging.
„Eenzaamheid is niet echt meer een thema in mijn leven”, appt Jonas eind juni. Hij is nog steeds gelukkig met Jochem en geeft zijn leven een 8,5 – het hoogste cijfer in vijf jaar. En premier worden? Dat zou mooi zijn, maar minister van OCW lijkt hem bij nader inzien toch de mooiste baan.