is wetenschapsjournalist en columnist van de Volkskrant.
‘Never again is now’, spoot een moedige activist onlangs in grote rode letters op het Nationaal Monument op de Dam. Een paar dagen eerder had een Joods-Israëlische man deze tekst op de Westmuur in Jeruzalem gezet: ‘Er is een Shoah in Gaza’.
De reflex, zeker op rechts, is om hier schande van te spreken. Geert Wilders had het over een ‘besmeuring’ van de Dam door ‘pro-Hamas tuig’ en schoot meteen in zijn favoriete Pavlov-reactie: de activist moest land uit. Een ‘absolute ondergrens’, werd het genoemd.
Maar Jewish Voice for Peace reageerde juist goedkeurend op de leus op de Westmuur. De beweging noemde het een daad van ‘morele helderheid’ en schreef: ‘Hij vertelde de wereld dat wat er gebeurt in Gaza vergelijkbaar is met de nazi-Holocaust. En hij schreef deze gruwelijke waarheid op de meest heilige plek.’
De tegenstelling fascineert me. Ik merk dat veel Nederlanders terughoudend zijn met vergelijkingen tussen de nazi-Holocaust en Gaza. En dat snap ik; in onze samenleving wordt de nazi-Holocaust vaak voorgesteld als iets volkomen unieks, een nergens mee te vergelijken, eenmalige zondeval. Een parallel mag volgens velen niet getrokken worden. Ik herinner me dat Francesca Albanese, VN-rapporteur over de Palestijnse kwestie, vorig jaar niet welkom was in ons parlement – onder andere vanwege een tweet waarin ze de enthousiaste reactie van Amerikaanse politici op de van oorlogsmisdaden beschuldigde premier Netanyahu vergeleek met hoe Hitler destijds werd toegejuicht.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Maar dat de nazi-Holocaust zo uniek is gemaakt, kan leiden tot een soort morele tunnelvisie: in plaats van de belofte ‘nooit meer’ te zien als ‘nooit meer, voor niemand’ wordt het een ‘nooit meer, voor Joden’ of ‘nooit meer gaskamers’. En, zoals NRC-columnist Floor Rusman opmerkte, een moreel ijkpunt zoals de nazi-Holocaust ‘heeft alleen nut als je er dingen aan mag ijken. Anders wordt de les slechts letterlijk: ‘Nooit meer mogen miljoenen Joden worden afgevoerd naar Polen, in concentratiekampen gestopt en vergast’. Dat is geen les, want de geschiedenis herhaalt zich nooit hetzelfde.’
‘Door de Holocaust uniek te verklaren plaats je jezelf in een gevaarlijke bubbel, want dan lijkt niets erg genoeg meer’, schreef journalist Linda Polman. ‘Ooit werd de voormalige secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Boutros Boutros-Ghali, gevraagd waarom de VN in 1994 niet reageerden op alle tekenen dat er in Rwanda een genocide stond te gebeuren. Hij antwoordde: ‘Voor ons was genocide een gaskamer. Je moest over een geavanceerde Europese machinerie beschikken voor een échte genocide. We realiseerden ons niet dat je ook genocide kunt plegen met alleen maar machetes.’
Dit is des te pijnlijker, omdat de nazi-Holocaust nooit uniek is geweest. Hij was in veel opzichten een voortzetting van koloniale uitroeiingen, maar dan in Europa, met daders die onze buren hadden kunnen zijn en slachtoffers die op ons leken. De Joden waren niet het eerste volk dat de Duitsers probeerden uit te roeien; eerder die eeuw hadden ze een genocide gepleegd op de Nama en Herero in wat nu Namibië heet, inclusief concentratiekampen en ideeën over Lebensraum en inferieure volkeren.
Wat wel uniek was, was dat we na de nazi-Holocaust zeiden: dit nooit meer. We durfden, even, de confrontatie aan met het feit dat het blijkbaar in de menselijke natuur zit dat we in bepaalde omstandigheden bereid zijn om onze soortgenoten uit te roeien of daarvan weg te kijken. We bouwden een heel systeem van verdragen en instituten om ons op voorhand te wapenen tegen onze eigen kwaadaardigheid; een soort permanente verdedigingslinie tussen onszelf en onze meest verderfelijke kant.
Landen beloofden ons en elkaar: als iets ook maar een beetje ruikt naar volkerenmoord, als het er zelfs maar misschien een soort van op begint te lijken, dan grijpen we in. Meteen. Altijd. Overal.
Het liep anders. De staat Israël, nog steeds onze bondgenoot, heeft met droge ogen honderdduizenden burgers in Gaza afgeslacht, verwond en verminkt, en bijna twee miljoen mensen op de vlucht gedwongen. Ze bouwt concentratiekampen. Ze jaagt een half miljoen Palestijnen, onder wie 132 duizend kinderen, een hongersnood in.
Het is niet onkies om wat in Gaza gebeurt te vergelijken met de nazi-Holocaust, of om een parallel te trekken tussen Benjamin Netanyahu en Adolf Hitler – we zijn moreel nalatig als we dat niet doen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant