Home

Collaborateurs, nazi’s en spionnen hingen allemaal aan de bar van het chique Ritz-hotel

Franse literatuur Iedereen liegt tegen elkaar in de romans van Romain Gary en Philippe Collin, die zich afspelen in het bezette Frankrijk. Verzetsmensen, collaborateurs en nazi’s komen elkaar tegen in een hotelbar in Parijs en een toprestaurant in de provincie.

De bar van het hotel Ritz in Parijs, 1939.

Tijdens de Duitse bezetting bereidt de Franse kok van Le Clos Joli, een culinair toprestaurant in de provincie, verrukkelijke blanc de volaille en lapereau du fermier au vinaigre de framboise. De nazi’s schuiven dagelijks aan, de Duitse ambassadeur in Parijs is een trouwe gast. Volgens de Führer moet het beste van de Franse cultuur immers gerespecteerd worden. Natuurlijk behoort de Franse haute cuisine daartoe. Toch wordt de kok op een dag opgepakt en een week door de nazi’s verhoord. Volgens de legende ging het om zijn recepten: hij werd gemarteld maar gaf zijn culinaire geheimen niet prijs. Eenmaal vrijgelaten verkondigde de kok dat hij stond voor iets wat de nazi’s niet konden verkroppen: een Frankrijk dat zich niet liet onderwerpen.

Natuurlijk hadden ze de kok niet om zijn recepten gearresteerd. Romain Gary dist ons een mooi verhaal op. In zijn roman De vliegers wisselen verzetsstrijders, onder de neus van de bezetter, berichten uit om Engelse piloten te redden en joodse onderduikers onder te brengen. De nazi’s worden bespioneerd en afgeluisterd, waarna die informatie regelrecht naar Londen gaat. De haute cuisine dient als vermomming, de mousse de sole au beurre de fines herbes doet dienst als verleiding, het restaurant is een plek waar bezetters, collaborateurs en verzetsmensen elkaar kruisen.

Zo’n zelfde plaats is hotel Ritz in De barman van het Ritz, de recent vertaalde roman van Philippe Collin. De bar van het chique en peperdure Ritz op de Place Vendôme in Parijs wordt tijdens de bezetting gerund door de fameuze barman Frank Meier. Zijn cocktails zijn zo beroemd dat iedereen die denkt iets voor te stellen er gezien wil worden. Doorgewinterde nazi’s en Wehrmachtofficieren, Franse collaborateurs, spionnen, sterren uit het Franse culturele leven zoals Sacha Guitry, Jean Cocteau en Coco Chanel – allemaal hangen ze aan dezelfde bar.

Cocktails

Waar de topkok van Romain Gary tot de fictie behoort, is de van oorsprong Oostenrijkse barman een historische figuur. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werkte Meier in New York. Daar werden zijn cocktails zo populair dat hij zijn recepten in 1934 bundelde in The Artistry of Mixing Drinks, een boek dat digitaal nog steeds te raadplegen is. Dankzij de pen van Philippe Collin, in het dagelijks leven een populaire Franse radio- en podcastmaker, wordt het Ritz een treffende miniatuur van het bezette Frankrijk tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Meier weet van iedere bezoeker, diplomaat of officier, wat zijn of haar favoriete drankje is: een Golden Clipper voor Hans Speidel, champagne voor collaborateur Charles Bedaux. Zijn ogen en oren registreren alles, maar hij is de discretie zelve. Uit eigenbelang: hij is joods (wat Collin vermoedt maar niet zeker weet), net als zijn Italiaanse assistent (die Collin heeft verzonnen). Het is ‘zwemmen tussen de haaien’, want Hermann Göring verblijft boven, in een hotelsuite. De Reichsmarschall ziet eruit als ‘een oude dandy, in zijn kimono van pure zijde-mousseline op een lavendelblauwe broek en leren, met edelstenen versierde sloffen aan zijn voeten’. Hij is verslaafd aan morfine en zit zo lang en vaak in bad dat hij in zijn eentje de hele watervoorraad van het hotel verbruikt. Boven zijn hoofd, op zolder, zit een Engelse piloot verborgen. Intussen flirt Coco Chanel in de bar met een hoge Duitse officier en tortelt actrice Arletty erop los.

De joodse echtgenote van de adjunctdirecteur voelt zich in het Ritz ‘een prooi omringd door vleeseters’. Meier bezorgt haar valse papieren en haar niet alleen – een handeltje waar hij goed geld aan verdient. De barman is het doorgeefluik van heel wat gecodeerde informatie in de vorm van gedichten of cijferreeksen.

Iedereen liegt tegen iedereen. Met een paar cocktails achter de kiezen raken de Duitsers loslippig. Het gezelschap lijkt, zoals Ernst Jünger opmerkt, op een zwerm inhalige, ijdele horzels, met maar één doel: het vernietigen van ‘de Franse geest’, de Franse cultuur.

Intussen bestelt de keuken van het Ritz groente en fruit in overvloed. Althans, zo lijkt het. Als de directeur een order doorgeeft voor bloemkolen en asperges, bedoelt hij dat hij bepaalde Wehrmachtofficieren verwacht. De bestelling van een kistje meirapen kondigt de komst aan van een specifiek nazikopstuk.

Collaboratie

Eten en drinken zijn zo effectieve spionageactiviteiten – en niet alleen in Parijs. Ook in het plattelandsrestaurant in Cléry, waar De vliegers zich grotendeels afspeelt, zijn gerechten en dranken een dekmantel voor clandestiene anti-moffen-acties. Terwijl heel Frankrijk koolraap eet, krijgt de collaborerende ambassadeur van Vichy in Parijs feuilleté aux écrevisses voorgezet, dineert de gehate collaborerende regeringsleider Pierre Laval met mousse de foies blonds en smult de Franse gestapo van de pot-au-feu vieille France. Ja, dat lijkt zeker op collaboratie met de vijand. Maar intussen vergaren Fransen die Duits verstaan cruciale inlichtingen en wordt er, terwijl de pannen op het vuur staan, een plan gesmeed voor een aanslag op Hitler.

Behalve verzet in de keuken is er het verzet in de lucht. In de vorm van vliegers wel te verstaan. De plattelandspostbode van Cléry maakt zulke prachtige vliegers dat die ook in Engeland geroemd worden. Hij geeft zijn creaties namen als Stoethaspel, Dikkerdje, Victor Hugo of Generaal de Gaulle. Die laatste houdt hij verborgen, hem oplaten zou de postbode zijn leven kosten. De nazi’s beseffen dat de vliegers hoog in de lucht berichten zouden kunnen doorgeven en verordonneren dat zijn vliegers niet hoger dan tien meter in de lucht mogen hangen.

Deze vliegermaker is de oom van de verteller, Ludovic, die we leren kennen als hij tien jaar oud is. Hij ontmoet een Pools meisje dat tijdelijk op een kasteel in de buurt woont met haar bizarre, aristocratische familie. Op haar zal de verteller, romantisch en naïef als hij is, zijn leven lang wachten. Als ze elkaar eindelijk terugzien is niet alleen de wereld een andere, maar zijn ook zijzelf grondig gebutst en gedeukt door wat ze tijdens de oorlog hebben moeten doorstaan.

Deze laatste roman van de beroemde schrijver, diplomaat en vliegenier Romain Gary – hij pleegde zelfmoord in 1980, het jaar waarin De vliegers oorspronkelijk verscheen – is een wat zoetige oorlogsfabel met symboliek die er wel erg dik op ligt. Je moet leren het touw van een vlieger goed vast te houden en toch los te laten, lees je, dat is ‘leren lief te hebben’. Een vlieger is o zo kwetsbaar, dus is het beter niet al te hoog en te ver te dromen.

Maar in het exquise plattelandsrestaurant wordt niet gezwijmeld. De haute cuisine is, net als de ‘artistry of mixing drinks’, een slim, verborgen, cultureel wapen. Ook zou je dat niet een-twee-drie zoeken achter een Daiquiri of een in boter gebakken tong.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Boeken

Het laatste boekennieuws met onze recensies de interessantste artikelen en interviews

Source: NRC

Previous

Next