Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver.
Zodra het kabinet opnieuw deels was gevallen, ging het nauwelijks meer over de reden van aftreden (Gaza) maar over het kabinet. Wie had wie verraden, wat waren de achterliggende verkiezingsstrategieën en was de minister na zijn opstappen nou tegengehouden bij de lift of niet? Het debat dat de Tweede Kamer er woensdag over voerde, kreeg als titel ‘ontstane politieke situatie’– alsof het ze was overkomen. Zodra het over Gaza ging, greep voorzitter Martin Bosma in.
‘Ze doen niks en het maakt ze helemaal niks uit’, vat Rowan van Veelen de ontstane politieke situatie samen. Hij is een van de deelnemers aan de wake voor Gaza.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Duizenden namen van de doden vallen als bladeren van bomen, pal naast het ministerie van Buitenlandse Zaken; dag na dag, nacht na nacht, uur na uur. Onafgebroken worden ze voorgelezen, nu al een maand lang, steeds weer zijn er mensen die naar voren stappen en mensen die luisteren. Het is een kalm en waardig protest tegen genocide dat weinig aandacht krijgt, net als die andere dagelijkse kalme en waardige protesten in het land, van Apeldoorn tot Utrecht tot Amsterdam.
Onder de overkapping naast het ministerie staan een spreekgestoelte en campingstoelen, er is thee en er zijn dadels. Rowan heeft dienst tot middernacht, hij is jeugdgezinscoach en één van de veertig vrijwilligers die het voorlezen onbezoldigd in goede banen leiden. Het begon spontaan, zegt hij, ‘en we gaan niet weg’. Ze blijven de onverschillige politiek dag en nacht ‘een liefdevolle trap onder de reet geven’.
Het is 5 uur geweest, de zomervakantie is voorbij, ambtenaren verlaten hun ministerie, trams en treinen schuiven Den Haag Centraal in en uit, de stad draait om de demonstratie heen. Het is de dag dat in Gaza zorgpersoneel en journalisten zijn vermoord, iedereen zag de beelden. Wat kun je anders doen, zegt een vrouw, die met haar vriendin is gekomen om de namen te lezen, ‘het is raar...het is emotioneel om daar te staan’. Het is vanwege de machteloosheid, ‘die is zo akelig’.
Allerlei mensen van allerlei leeftijden en achtergronden lezen de namen voor, de ene na de andere, met een kalmte die niet in verhouding staat tot waar het over gaat. Ze blijven kalm als een grote kale man langsloopt en ‘allemaal moordernaars toch’ roept in de microfoon, en ze blijven kalm als de agenten komen en om identiteitsbewijzen vragen. Dat gebeurt telkens. ‘Die doen gewoon hun werk’, zegt Rowan, maar ze maken ook de spanning zichtbaar en de moeite die het ministerie heeft met de wake.
‘Je kunt dit als rouwen zien’, zegt Rowan, ‘het is ook om ons eigen geweten te beschermen.’ Hij zegt: ‘Ik snap het politieke spel. Het probleem is dat Gaza de politici niet meer raakt.’
Af en toe probeert hij kabinetsleden en hoge ambtenaren op te vangen aan de deur van het ministerie. Vandaag was dat eerst David van Weel, minister van Justitie, die zei dat Gaza niet zijn expertise was, en Rowan zegt: ‘Ze zien dit als werk en kunnen dit kennelijk van hun emoties scheiden.’ Dan ziet hij Ruben Brekelmans in de hal, minister van Buitenlandse Zaken. Rowan krijgt toestemming hem een vraag te stellen en gaat naar binnen. ‘Mijn vraag is: wij zitten daar, wil je alsjeblieft langs komen, je betrokkenheid laten zien.’ Brekelmans zegt dat hij liever niet gefilmd wil worden, en vertrekt.
Daarna komen de agenten, eerst twee dan vier. Ze vorderen opnieuw identiteitsbewijzen, ze stellen steeds dezelfde vragen: ‘Horen deze posters ook bij jullie demonstratie?’ Het ministerie klaagt bij de politie en daar komen de agenten op af. ‘Ze doen gewoon hun werk’, zegt Rowan nog maar eens, ‘maar mensen vinden het intimiderend en gaan weg’.
Dan pakt hij de microfoon en spreekt de agenten rechtstreeks toe: ‘Laat ons alsjeblieft doen wat we doen, wij zijn niet bang en laten ons niet bang maken, maar we voelen ons niet veilig op deze manier en ik wil de agenten vragen daar weg te gaan. Jullie hebben je melding afgehandeld, dankuwel.’
Het resultaat is dat er nog twee agenten bij komen, die ernstig naar de ontstane situatie kijken.
Kalm blijven, zegt Rowan in zichzelf. ‘Het ministerie hoopt gewoon dat we vertrekken.’ Maar ze vertrekken niet.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant