Foto Dirk Hol /ANP /Hollandse Hoogte
Het vertrouwen in de politiek bevindt zich op een historisch dieptepunt. Uit het meest recente onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (2025) blijkt dat minder dan een derde van de Nederlanders zich nog vertegenwoordigd voelt.
Paul Stamsnijder is partner van Reputatiegroep.
Dat leidt tot een breed en tastbaar onbehagen. Het is het gevoel dat de politiek niet meer aansluit bij de werkelijkheid, dat Den Haag op een andere golflengte zit dan de samenleving. Burgers zien stijgende energierekeningen, verdwalen in regels of twijfelen aan hun toekomstperspectief, terwijl politici vooral lijken verwikkeld in hun eigen spel. Het gevolg is cynisme.
Tegelijkertijd wordt dat onbehagen steeds vaker gekaapt door opportunisme. Populistische leiders in binnen- en buitenland spelen in op het gevoel van verwaarlozing. Hun succes zegt ook iets over het falen van gevestigde partijen.
Het parlementaire debat weerspiegelt dit verval. Waar het zich ooit richtte op het vinden van werkbare uitkomsten, is het steeds vaker een wedstrijd in zichtbaarheid. Elke crisis wordt een kans om te scoren. Intussen blijft de kern onaangeroerd: wat hebben burgers eigenlijk nodig, en hoe kan beleid daar werkelijk bij aansluiten?
Daar komt bij dat de toon van het debat steeds scherper wordt. Wie het hardst roept, bepaalt de agenda.
En toch is het precies nu dat bedachtzaamheid onmisbaar is. Het kabinet-Schoof, toch al geen voorbeeld van een krachtige coalitie, is demissionair. In een samenleving die onzekerheid en verandering moet dragen, is luisteren geen luxe maar een noodzaak. Politiek die zich verliest in het theater van de verontwaardiging, versterkt slechts de extremen. Politiek die ruimte maakt voor dialoog, kan verschil benutten als bron van begrip. Dat vraagt moed: de moed om het tempo te vertragen, te erkennen wat niet direct kan worden opgelost, en te zoeken naar wat wél gedeeld wordt.
Dialoog betekent niet dat verschillen verdwijnen. Het betekent dat ze niet tot vijandschap hoeven te leiden. Het vergt leiders die hun energie niet steken in het afdwingen van het laatste woord, maar in het stellen van de eerste vraag: wat hebben wij samen nodig?
Nederland verdient leiders die regeren vanuit hoop, niet vanuit angst. Alleen door het onbehagen serieus te nemen, en het niet te exploiteren of te bagatelliseren, kan de negatieve spiraal worden doorbroken.
De oproep is eenvoudig maar dringend: politici, verlaat de arena van het spektakel. Stop met scoren, begin met luisteren. Niet harder schreeuwen, maar dieper luisteren is het devies. Wie de dialoog kiest boven de strijd, kiest voor een democratie die adem en toekomst houdt.
Source: NRC