Gameplatforms In reactie op een NRC-onderzoek, waaruit blijkt dat Nederlandse kinderen meedoen in extremistische online gemeenschappen, pleiten Kamerleden onder meer voor een landelijke aanpak. „Afschuwelijk dat deze criminelen precies weten hoe ze kwetsbare jongeren in een fuik moeten lokken.”
De Minecraft-website op een laptop en het Minecraft-logo op een telefoonscherm.
Een gecoördineerde aanpak van online extremisme en daarnaast leeftijdsverificatie op sociale mediaplatformen, daar pleiten diverse Tweede Kamerleden voor na het lezen van het onderzoek van NRC over online extremisme onder kinderen.
NRC onthulde maandag, in samenwerking met onderzoekscollectief Capitol Terrorists Exposers, dat Nederlandse kinderen meedoen aan online chatgroepen van de internationale beweging ‘Com’ (een afkorting van ‘Community’). Ze jagen op veelal kwetsbare kinderen via gameplatforms als Roblox en Minecraft om die vervolgens af te persen en te dwingen tot seksueel misbruik en geweld. Zowel de FBI als Interpol en Europol doen momenteel onderzoek naar de Com-beweging.
Ook denktank The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) waarschuwt in een zondag verschenen rapport voor dit soort online extremisme onder kinderen. HCSS signaleert dat de geradicaliseerde daders nu nog vaak buiten beeld van de opsporingsinstanties blijven.
„Het is afschuwelijk om te lezen hoe deze criminelen precies weten hoe ze kwetsbare jongeren in een fuik krijgen”, laat Kamerlid Barbara Kathmann (GroenLinks-PvdA, Digitale Zaken) weten via een woordvoerder. „De dynamiek van zo’n online gemeenschap moeten we met z’n allen veel beter in de vingers krijgen, pas dan kunnen we daar wat aan doen.” D66-Kamerlid Hanneke van der Werf vindt het „onacceptabel dat kinderen blootgesteld worden aan dit soort gevaarlijke online omgevingen”.
Van der Werf benadrukt ook dat techbedrijven de verantwoordelijkheid hebben om minderjarigen op hun platforms te beschermen. „Dat betekent standaard strenge privacy-instellingen, leeftijdsverificatie en beperkingen zodat niet zomaar iedereen contact kan opnemen met kinderen.” Ook NSC-Kamerlid Jesse Six Dijkstra noemt leeftijdsverificatie als middel om kinderen te beschermen. Via die verificatie zouden platforms een minimumleeftijd beter kunnen handhaven.
Daarnaast zegt Six Dijkstra een gecoördineerde aanpak via de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en de Autoriteit online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM) te steunen. De voorzitter van het ATKM, dat is opgericht om terroristische online content te signaleren en offline te halen, opperde in NRC dat het NCTV de regie zou kunnen nemen.
Ook Kathmann pleit voor „een breed nationaal programma” om online extremisme aan te pakken. Ook ziet ze een rol weggelegd voor een netwerk van preventiepartijen en opspoorders, waaronder het Netwerk Mediawijsheid, Stichting Offlimits, het ATKM en de NCTV.
In het rapport Van meme tot moord: hoe online extremistische broedkamers een nieuwe generatie van geweld kweken signaleert HCSS dat toezichthoudende instanties onder meer tegen juridische grenzen oplopen wanneer ze digitale netwerken zoals Com willen onderzoeken. Ze stuiten bijvoorbeeld op de AVG, een relatief strenge interpretatie van de Europese privacywetgeving, vertelt hoofdauteur van het rapport Gerben Bakker. „Daardoor zijn Nederlandse autoriteiten terughoudend in het downloaden en verwerken van veel data van sociale platforms om terroristische inhoud automatisch te identificeren.”
Een ander knelpunt is de juridische bescherming van hostingdiensten, die onder Europese richtlijnen niet pro-actief hoeven te monitoren op illegale content op hun servers. Bij de huidige wetgeving is al snel sprake van een rechtsstatelijk dilemma, zegt Bakker. „Aan de ene kant wil je de persoonsgegevens van burgers goed beschermen, aan de andere kant wil je dat autoriteiten op online platforms een vinger aan de pols kunnen houden als het gaat om dit soort extremisme.”
De VVD vindt dat de politie makkelijker moet mee kunnen kijken in besloten appgroepen zoals Telegram, reageert een woordvoerder van Kamerlid Ingrid Michon (VVD). In een motie na de geweldsincidenten gericht tegen Israëlische voetbalsupporters in Amsterdam, in november vorig jaar, riep partijleider Dilan Yesilgöz al op dat de politie daartoe meer mogelijkheden zou moeten krijgen.
In plaats van een gecoördineerde aanpak van online extremisme door de NCTV, zou Bakker liever zien dat wordt geïnvesteerd in specialistische kennis aan de opsporingskant: de politie en – wanneer het om de nationale veiligheid gaat – de AIVD. „Voor het begrijpen van de taal en de memes van deze jongeren, heb je specialisten nodig die zijn opgeleid in OSINT [Open Source Intelligence]. Het zegt veel dat de informatie over de Com-beweging nu van journalisten en burgers komt die hierin gespecialiseerd zijn.”
Source: NRC