Witwasboete De Nederlandsche Bank oordeelt maandag hard over de manier waarop de Amsterdamse onlinebank bunq in 2021 en 2022 dubieuze klanten controleerde. Ondertussen is het onrustig in de raad van commissarissen van de bank.
Bunq gaat in beroep tegen de boete en zegt „de rechtszaak hierover met vertrouwen tegemoet te zien”.
Onduidelijke miljoenentransacties met Rusland, honderden overschrijvingen en cash-opnames van een minderjarig meisje dat wordt verdacht van datingfraude. De controles bij onlinebank bunq op witwassen en andere financiële criminaliteit rammelden in 2021 en 2022. Schimmige klanten hadden hierdoor vrij spel: onder meer een verkoper van tweedehands horloges en juwelen met meer dan drieduizend gekke deals en een cryptohandelaar naar wie een politieonderzoek loopt en die ondertussen hoge bedragen rondpompt.
Dat staat in de onderbouwing van de bestuurlijke boete van 2,6 miljoen euro die De Nederlandsche Bank (DNB) maandag publiceerde. Het 74 pagina’s dikke document, waarin vier verdachte klantdossiers als voorbeeld worden besproken, schetst het gebrek aan controles bij de onlinebank.
Maar dat niet alleen: het rapport van de toezichthouder suggereert ook dat er veel af te dingen valt op de claim van bunq dat de bank dankzij slim gebruik van artificiële intelligentie (AI) met relatief weinig mensen haar rekeninghouders goed in de gaten kan houden. Tijdens een eerdere rechtszaak in 2023 tussen bunq en DNB hield die claim van de onlinebank grotendeels stand.
Andere banken zullen het ‘Besluit tot het opleggen van een bestuurlijke boete’ aan bunq met veel belangstelling lezen. Ook zij werden de afgelopen jaren beboet door DNB vanwege tekortschietende controles en hebben sindsdien miljarden geïnvesteerd en honderden gespecialiseerde medewerkers aangenomen om het gedrag en de risico’s van hun klanten en hun betalingsverkeer in de gaten te houden, zoals de ‘Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme’ voorschrijft.
Het monitoren van klanten met behulp van AI is goedkoper en minder bewerkelijk dan met zwaar bezette afdelingen vol compliance-medewerkers. Maar deze bunq-methode schoot in de onderzochte periode ernstig tekort, staat in het DNB-rapport.
Neem ‘cliënt 1’, een internationaal opererende bloemenhandelaar die veel zaken doet met Rusland, Belarus, Kazachstan en Oekraïne. Bij het openen van zijn zakelijke rekening bij bunq gaf de handelaar aan dat er maandelijks enkele tienduizenden euro’s via bunq zouden worden overgemaakt, maar in werkelijkheid ging het om circa 1,5 miljoen euro per maand.
Hoewel de bloemenhandelaar een „ongebruikelijk hoog transactievolume” had, met „activiteiten in hoogrisicolanden”, stelde bunq de klant slechts één keer, kort nadat die zich bij de bank had aangemeld, vragen over diens „activiteiten, tegenpartijen en financiële verwachtingen”. Het systeem van bunq markeerde veel meer overboekingen van de handelaar als verdacht, maar de bank deed daar nauwelijks onderzoek naar.
Bij twee verdachte overboekingen naar de bloemenhandelaar noteerde bunq nog wel dat die in orde waren aangezien „de klant de rekening gebruikt voor reguliere uitgaven zoals kantoor- en telecommunicatiekosten en salarissen”. DNB daarover: „De transacties zijn inkomend en geen uitgaven. Deze toelichtingen lijken niet te kloppen.”
Ook bij andere, in de onderbouwing geanonimiseerde klanten trof de toezichthouder gebreken in de controlesystemen van bunq aan. Zoals bij cliënt 2, een minderjarig meisje over wie een ‘signaal’ bij de bank was binnengekomen dat zij betrokken was bij datingfraude. Het meisje deed bijvoorbeeld 2.124 transacties en nam meer dan 8.000 euro cash op.
Toen bunq haar benaderde met vragen over het gebruik van haar rekening, antwoordde zij dat zij iemand had leren kennen „die haar vrijwillig geld gaf”. Ze zei ook dat zij vermoedde dat er een klacht was ingediend nadat iemand bij haar „om foto’s had gevraagd die ze niet had verstrekt”. Ze stuurde bunq daarna een aantal screenshots die haar verklaring zouden onderbouwen, waarna de bank het onderzoek sloot en haar rekening weer vrijgaf.
Veel transacties van het meisje, die volgens DNB een indicatie vormen voor bijvoorbeeld „loverboyproblematiek (mensenhandel), drugshandel, fraude en/of witwassen” werden niet opgepikt door het systeem van bunq. De toezichthouder vindt eveneens het onderzoek dat de bank deed naar aanleiding van de verdenking van datingfraude, ontoereikend.
Het gaat niet alleen om kleine klanten, staat in het DNB-rapport. Zo is de verdachte cliënt 3 een handelaar in „luxe tweedehands horloges en juwelen” wiens bedrijf online onvindbaar was, maar die wel een – volgens bunq – verwacht transactievolume had van „1 tot 5 miljoen euro per maand”.
Mede omdat bunq de rekeninghouder zelf had aangemerkt als „hoog risico” had de bank diens betaalgedrag veel gedetailleerder moeten bekijken, vindt de toezichthouder. Datzelfde geldt voor cliënt 4, een cryptohandelaar achter wiens naam in de bunq-systemen de opmerking „politie-onderzoek” was opgenomen, nadat de autoriteiten navraag hadden gedaan bij de bank.
Het bunq-systeem genereerde honderden ‘alerts’ over de cryptohandelaar, waarvan er 194 „niet zichtbaar” werden beoordeeld. Alles in het dossier had voor bunq volgens DNB „aanleiding moeten vormen voor een uitgebreid en diepgaand onderzoek naar de transacties van Cliënt 4 en de bron van de middelen van Cliënt 4.” Maar: „Dat heeft zij echter nagelaten.”
Een woordvoerder van bunq laat via de mail weten dat de bank in beroep gaat tegen de boete en „de rechtszaak hierover met vertrouwen tegemoet ziet”. „Bunq neemt haar rol als poortwachter heel serieus. Daarom maken we gebruik van de meest geavanceerde technologieën en voeren we continu verbeteringen door – ook naar aanleiding van deze vier gevallen uit 2021-2022”, aldus het statement.
Bij de naderende rechtszaak tegen DNB kan bunq niet langer leunen op de expertise van president-commissaris Gisella Eikelenboom, die in het verleden onder meer bij DNB werkte. Eikelenboom was sinds 2020 commissaris bij bunq en fungeerde sinds de zomer van 2024 als interim-president-commissaris, nadat haar voorganger voortijdig was opgestapt.
Eikelenboom, wier benoeming volgens het bunq-jaarverslag door zou lopen tot 2028, doet dat nu ook. Zij laat NRC weten dat zij „een paar weken geleden is opgestapt als president-commissaris ad-interim”. Dat houdt volgens haar „geen verband met deze boete”. Eikelenboom heeft „de redenen gedeeld met mijn collega’s van bunq, DNB en de aandeelhouders”.
De woordvoerder van bunq laat weten dat de passage in het bunq-jaarverslag over de benoemingstermijn van Eikelenboom niet klopt en dat dat „in het volgende jaarverslag wordt aangepast”. Zij wordt opgevolgd door Ronald Latenstein, die ooit topman was van SNS Reaal. Latenstijn „heeft de bestuurstoetsing van DNB succesvol afgerond en het proces om hem bij de Kamer van Koophandel aan te melden is in gang gezet”.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC