Home

Na de expositie krijgt het Russische ministerie het kunstwerk in de postbus

Tegen het Kremlin De Russische kunstenaars die zich tegen het Kremlin verzetten in een tentoonstelling in De Balie, móéten anoniem exposeren. Voor hun eigen veiligheid, ook als ze dat zelf niet willen.

Kunstenaar Daria Apakhonchich gebruikt een Russisch overheidsformulier om tegen het Kremlin te protesteren. Foto Daria Apakhonchich

‘Hallo ministerie van Justitie, zoals je weet, word ik gezocht,” staat in grote zwarte cyrillische letters geschreven, dwars over een Russisch overheidsformulier. Het negen pagina’s tellende document hangt aan de balustrade van debatcentrum De Balie in Amsterdam, als onderdeel van de expositie Artists Against the Kremlin. Individuen die door de Russische overheid tot ‘buitenlands agent’ zijn verklaard – en daarmee tot politieke vijanden van het Kremlin – moeten elk kwartaal zo’n formulier invullen met details over hun inkomsten en dagelijks leven, en het opsturen naar het ministerie.

De Sint-Petersburgse activiste Daria Apakhonchich, de eerste Russische kunstenaar die deze stempel kreeg, protesteert met dit kunstwerk tegen de onderdrukkende maatregel. „Eerlijk gezegd, maakt dat me verdrietig, daarom heb ik mijn lenteformulier niet opgestuurd,” lezen de zwarte letters verder. „Maar toen dacht ik: als Rusland wil weten waar ik ben, moet ik het haar misschien vertellen.” De resterende pagina’s zijn gevuld met persoonlijke verhalen en tekeningen. Ze sluit af met „alles is goed, bedankt, ik zal in de herfst meer schrijven”. Na afloop van de expositie krijgt het ministerie het formulier in de postbus.

120 kunstenaars

Apakhonchich is één van de 102 kunstenaars van wie werk te zien zijn in de tweede editie van Artists Against the Kremlin. In De Balie zijn meer dan 130 kunstwerken samengebracht die als ‘protestkunst’ verzet vormen tegen de oorlog in Oekraïne en het autoritarisme van het Kremlin.

De kunstwerken zijn samengebracht onder het centrale thema VIRUS: de autoritaire praktijken van het Kremlin zijn ‘besmettelijk’ en ‘verspreiden zich wereldwijd’. Propaganda, desinformatie en repressieve tactieken worden overgenomen door – nu nog – democratische regeringen en dat moet worden gestopt, luidt de boodschap.

In de Propaganda Room, meteen links van de ingang, bevinden zich meerdere installaties en schilderijen die reflecteren op de rol van media in het verspreiden van propaganda. Een muur van televisies van het anonieme kunstcollectief ‘Samozvantsy art circle’ toont in de Europese Unie verboden Russische staatstelevisie, die wegens gebrekkige wetgeving en handhaving toch kan worden uitgezonden in Europese landen. In de kamer hangt ook het werk Reading technique van Masha Bolotina (pseudoniem). Op een rood doek staat een boek geschilderd waar alle letters ‘uitgevallen’ zijn, een verwijzing naar de censuur op literatuur in hedendaags Rusland. Het werk is na de opening van de tentoonstelling toegevoegd.

„We hebben het pas net kunnen ophangen omdat het werd opgestuurd uit Rusland en de verzending wat vertraging had opgelopen”, vertelt Vladimir Shalamov (43), de curator van de expositie, terwijl hij naar het schilderij kijkt. „Voor alle kunstenaars die nog in Rusland wonen, gebruiken we pseudoniemen voor hun veiligheid, zelfs als ze dat niet willen. In het Rusland van tegenwoordig is alles mogelijk”.

Shalamov heeft na de invasie in 2022 Moskou moeten verruilen voor Berlijn, waar hij de kunstorganisatie All Rights Reversed heeft opgericht. Hij hoopt op een dag terug te kunnen naar huis, maar „ook als de oorlog voorbij is, kunnen dissidenten niet terug. Dat kan pas als het regime is gevallen”.

Tot die dag blijft Shalamov zich inzetten tegen Poetins regime door kunstenaars een platform te bieden. Met zijn organisatie heeft hij wereldwijd al exposities georganiseerd, maar de uitdagingen nemen niet af.

Antihomowetten

De tweede expositieruimte, genaamd ‘Others’, is gewijd aan degenen die door de autoriteiten tot ‘abnormalen’ en vijanden zijn gemaakt. Er hangt een foto van een protestactie van legendarische Sovjetdissidenten Yuliy Rybakov en Oleg Volkov. Links hiervan worden op een groot televisiescherm beelden getoond van de bruisende Moskouse LHBTQ+-scene van nog geen twintig jaar geleden, die in het licht van Poetins huidige antihomowetten uit een andere wereld lijken te komen.

Nog onwenniger, dystopisch bijna, voelen de beelden van gehackte bewakingscamera’s in restaurants en kantoren in Rusland van Helena Nikonole, bovenin het pand. Uit de speakers van de beveiligingssystemen liet ze anti-oorlogsteksten komen, waarop de nietsvermoedende luisteraars verschillend reageren: sommigen schrikken en lopen snel weg, anderen proberen het geluid uit te zetten, terwijl velen het simpelweg negeren. Tegenover het scherm hangt een aluminium rellenschild met ACAB (All Cops Are Bastards) erin gekrast van Nadya Tolokonnikova, medeoprichter van de anti-Poetin-punkband Pussy Riot en één van Ruslands bekendste activisten.

Hoewel de expositie al ruim een week geopend is, blijft Shalamov sleutelen aan de ruimtes. Woensdagmiddag arriveerde er nog een pakket uit Montenegro, met werken die de curator ter plekke in elkaar moest zetten. Zo groeit de tentoonstelling stukje bij beetje verder, en juist de nog-niet-definitieve staat geeft de ruimtes een dynamische energie die past bij het kunstenaarsverzet: in beweging.

Source: NRC

Previous

Next