Home

Waarom sommige tennissers meer waarde hechten aan de wereldranglijst dan een grandslamtitel

In het tennis gaat het vaak over de nummer 1-positie op de wereldranglijst. Maar wat betekent die eigenlijk voor tennissers? En wat vinden zij belangrijker: het winnen van een grandslamtoernooi, of de ranglijst aanvoeren?

is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, zwemmen en tennis.

Als Wesley Koolhof de afgelopen maanden een tennisbaan opstapte, klonk altijd dezelfde aankondiging door de speaker: ‘De voormalig nummer 1 van de wereld.’

Daarna werd pas – soms – zijn Wimbledontitel genoemd, maar even vaak bleef die prestigieuze overwinning achterwege. Koolhof: ‘Zo’n ranking heeft op sommige plekken toch meer status.’

Voor het eerst in lange tijd staat zowel bij de mannen als bij de vrouwen de nummer 1-positie op de wereldranglijst weer op het spel. Bij de US Open, het laatste grandslamtoernooi van het seizoen, dat zondag in New York begint, kan Carlos Alcaraz de koppositie overnemen van zijn grote rivaal Jannik Sinner.

Ondertussen voelt Aryna Sabalenka, inmiddels bijna een jaar ranglijstaanvoerder maar dit seizoen nog zonder grandslamtitel, de druk van haar vrouwelijke concurrenten.

Maar wat betekent de nummer 1-positie eigenlijk voor tennissers? En wat is belangrijker: het winnen van een grandslamtoernooi, of de wereldranglijst aanvoeren?

Simpel

Voor dubbelspecialist Koolhof, die afgelopen december stopte met proftennis, was het ooit simpel. Toen hij eind 2022 voor het eerst de ranglijst aanvoerde, zei hij tegen de Volkskrant: ‘Voor mij betekent dit meer dan het winnen van een grandslamtitel.’ Maar als hij nu wordt geconfronteerd met die uitspraak, twijfelt hij en is zijn eerste reactie: ‘Toen had ik nog geen grand slam gewonnen.’

De ATP-ranking werd in 1973 geïntroduceerd, en inmiddels hebben 29 mannen in het enkelspel de ranglijst aangevoerd. Carlos Alcaraz werd in 2022 op zijn 19de de jongste nummer 1 ooit.

De WTA-ranking, de wereldranglijst van de vrouwen, werd twee jaar later ingevoerd en telt ook 29 verschillende namen op de nummer 1-positie. In de afgelopen tien jaar stonden er bij de mannen zeven verschillende namen bovenaan; bij de vrouwen zijn dat er elf.

Tot een paar weken geleden trainde Wesley Koolhof af in de Bundesliga, het hoogste niveau van de Duitse tenniscompetitie. ‘In Duitsland heeft die nummer 1-positie toch meer impact dan bijvoorbeeld mijn Wimbledontitel, of het winnen van Roland Garros in het gemengd dubbel’, zegt hij, op basis van de aankondiging van de speaker als hij de baan betrad.

‘Het zegt dat je een heel goed, stabiel seizoen hebt gehad, in plaats van een uitschieter in een redelijk seizoen.’

Punten over 52 weken

De WTA- en de ATP-ranking rangschikken spelers op basis van hun prestaties over het afgelopen jaar. De punten die zij in de voorgaande 52 weken op toernooien hebben behaald, worden bij elkaar opgeteld. Punten die meer dan 52 weken eerder zijn behaald, komen te vervallen. De meeste punten zijn te winnen bij grandslamtoernooien: 2.000 voor de winnaar, 1.300 voor de verliezend finalist.

Alcaraz, die een jaar geleden op de US Open verrassend in de tweede ronde verloor van Botic van de Zandschulp (en daarmee slechts 50 punten voor de ranglijst bij elkaar sprokkelde), hoeft dit jaar in New York maar 50 punten te halen om er per saldo niet op achteruit te gaan.

De regerend US Open-kampioen Sinner, sinds juni 2024 nummer 1 van de wereld, kan de komende weken hooguit op hetzelfde puntentotaal uitkomen, maar dan moet de Italiaan het toernooi wel winnen (om opnieuw die 2.000 punten voor de winnaar binnen te halen). Bij elk ander resultaat gaat zijn huidige puntentotaal omlaag.

Toonbeeld van consistentie

Bij de vrouwen nam Aryna Sabalenka vorig jaar oktober de koppositie over van Iga Swiatek. De Belarussische lijkt in 2025 het toonbeeld van consistentie, maar heeft dit seizoen nog geen grandslamtitel gewonnen.

Swiatek is de vrouw in vorm: ze schreef Wimbledon op haar naam en was afgelopen maandag nog de beste in Cincinnati. Daardoor klom ze op de wereldranglijst naar plaats 2; eerder dit jaar was ze na teleurstellende prestaties nog gekelderd naar plaats 8.

Het draait bij de wereldranglijst om prestige – veel meer dan in het voetbal, waar de ranking weliswaar van invloed is op de loting voor toernooien, maar de positie van een land niet vaak wordt genoemd.

‘Bijna iedereen heeft ooit wel eens geroepen de beste te willen worden in wat-ie doet’, zegt Koolhof. Hij refereert aan Novak Djokovic. De Serviër is recordhouder: 428 weken stond hij op nummer 1, tegenover respectievelijk 63 en 36 weken voor Sinner en Alcaraz. Djokovic was amper 7 jaar oud toen hij voor een camera zei de beste van de wereld te willen worden. Koolhof zelf riep het als kind eveneens.

‘Ik heb het nooit uitgesproken’, zegt oud-prof Kiki Bertens daarentegen. ‘Ik dacht altijd dat het te ver weg lag.’

Doelen afvinken

Bertens kwam tot plaats vier op de wereldranglijst, waarmee ze de beste Nederlandse tennisster ooit is in het enkelspel. ‘Natuurlijk wilde ik vroeger de beste worden, maar dat als doel stellen werkte voor mij niet. Dat zou te veel druk geven. Ik stelde eerder doelen waarvan ik wist dat ik ze kon afvinken. Dan kon een hogere plaats op de ranking vanzelf komen.’

Hoog staan op de wereldranglijst brengt voordelen met zich mee, niet alleen voor de loting – de nummer 1 en 2 worden altijd zo in het speelschema van een toernooi geplaatst dat ze elkaar pas in de finale kunnen treffen. Een hoge ranking heeft ook commerciële waarde. Toernooien bieden startgeld aan de hand van iemands palmares. Sponsorcontracten, bijvoorbeeld met kledingmerken, hanteren bonussystemen, vertelt Bertens.

‘Hoe verder je komt in de grand slam of op de ranking, des te hoger je waarde.’

Ook tennissers zelf hechten veel waarde aan de ranking, zo merkte Bertens. ‘Het doet echt wat: je krijgt een beker vanuit de WTA, er is vaak taart en er zijn bloemen als iemand de beste van de wereld wordt in een sport die mondiaal zo groot is.’

Extra zenuwen

Ooit speelde Bertens voor de koppositie op de wereldranglijst. ‘Ik hoorde het achteraf, toen ik al uit het toernooi lag. Dat vond ik wel fijn, het had anders alleen maar voor extra zenuwen gezorgd.’ Vierde van de wereld worden voelde ‘heel bijzonder’, stelt ze ook. ‘Een gevoel dat niemand mij ooit meer afneemt, al hoop ik dat een Nederlandse die prestatie ooit verbetert.’

Het kan ook een last zijn om aan de top te staan, zo ondervond de Deense Caroline Wozniacki. Zij stond in 2010 maandenlang bovenaan de ranglijst en kreeg op een gegeven moment steeds de vraag: je bent nummer 1 van de wereld, maar hebt nog nooit een grandslamtoernooi gewonnen. Vind je dat je die positie verdient? Toen ze in 2018 de Australian Open won, viel er een last van haar schouders.

Koolhof: ’Nummer 1 van de wereld worden zonder een grandslamtitel is heel knap.’

Vraag Bertens wat meer status heeft, nummer 1 staan of een grandslamtitel winnen, en ze antwoordt na kort twijfelen: ‘Je hebt tennissers die net in de top 10 staan, maar die de twee weken van hun leven hebben op een grandslamtoernooi en daar kampioen worden. Terwijl het echt heel knap is om twaalf maanden steady te presteren. Maar ik denk dat een grand slam voor mij toch net iets hoger staat. Dat brengt meer teweeg.’

De ontlading

Koolhof kiest uiteindelijk ook voor het winnen van een grandslamtitel. ‘Ik weet mijn reactie nog op Wimbledon, de euforie op de baan, de ontlading. Dat is anders dan toen ik na een gewonnen kwartfinale nummer 1 van de wereld werd, maar nog midden in het toernooi zat.

‘Maar als ik mezelf zou moeten voorstellen, zou ik ook eerder zeggen dat ik de voormalig nummer 1 van de wereld ben.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next