Afgelopen oktober kondigden Haas en Toyota een samenwerking aan waarbij ze "kennis en middelen zouden delen voor wederzijds voordeel". Een royale portie corporate jargon, maar zonder veel inhoudelijke details. Al snel werd duidelijk dat een van de prioriteiten van de nieuwe samenwerking het ontwikkelen van een nieuwe driver-in-the-loop-simulator is – een cruciale infrastructuur die Haas momenteel nog mist. Zulke simulatoren stellen teams niet alleen in staat om al voor aankomst op het circuit een basisafstelling te bepalen, maar kunnen ook tijdens een raceweekend worden gebruikt om alternatieve afstellingen te evalueren.
En nu de Formule 1 zich opmaakt voor een nieuw reglement in 2026, met actieve aerodynamica, smallere auto's en een grotere inzet van elektrische aandrijving, zal de simulator een essentieel hulpmiddel worden voor het coachen van coureurs. "Het [energiebudget van de aandrijflijn] is zó met alles verweven, veel meer dan tot nu toe het geval was", zegt Haas-teambaas Ayao Komatsu tegen onder meer Motorsport.com. "De handelingen van de coureur hebben veel grotere gevolgen – positief én negatief – vanwege de beperkingen in energieterugwinning en -verbruik. Het is dus heel, heel belangrijk."
Ayao Komatsu weet dat de simulator een belangrijke rol gaat spelen voor het F1-seizoen 2026.
Foto door: Peter Fox / Getty Images
Het probleem voor Haas is dat het nog steeds afhankelijk is van het gebruik van Ferrari's simulator, terwijl de eigen simulator in het hoofdkwartier in Banbury nog in aanbouw is. Dit is om meerdere redenen suboptimaal – en niet alleen vanwege de extra reiskosten in een tijdperk van budgetlimieten. De tijd in Ferrari's simulator is beperkt en het proces vereist input van de engineers aan de baan, wat betekent dat mensen die al tot wel 24 races per jaar doen, nóg meer tijd van huis zijn.
Toyota beschikt over een simulator in zijn vestiging in Keulen, maar het gebruik daarvan zou met dezelfde praktische uitdagingen gepaard gaan. Wat Haas wél wint met de samenwerking met Toyota, is het versnellen van het bouw- en inbedrijfstellingsproces van hun eigen simulator. Zo'n simulator vereist namelijk specifieke bouwkundige en elektrische voorzieningen in het gebouw waarin hij staat, de hardware is zeer gespecialiseerd, en het bereiken van een goede correlatie tussen de simulatie en de werkelijke prestaties is zowel uitdagend als tijdrovend.
Daarom noemde teambaas Komatsu de simulator ook "zeker een van de topprioriteiten waar we [Haas en Toyota] aan werken". Eerder dit jaar gaf Aston Martins nieuwe managing technical partner Adrian Newey openlijk toe dat de simulator van zijn team "zwak" was en "momenteel niet goed correleerde". Deze zomer haalde hij zijn voormalig Red Bull-collega Giles Wood binnen om de leiding te nemen over simulatie en modellering.
"Zeker, we lopen achter", geeft Komatsu toe. "Maar we zijn daar niet blind voor. Natuurlijk proberen we dat op te lossen. De simulator komt eraan, maar hij is er nog niet. Als we kijken naar de voorbereiding voor volgend jaar, is dat absoluut een nadeel voor ons, maar dat is nu eenmaal de realiteit. We proberen zo snel mogelijk alles op poten te zetten, maar we zijn er nog niet. Het wordt zonder twijfel een belangrijk element voor volgend jaar."
Haas F1 moet nog geduld hebben, maar weet ook dat het op de lange termijn zal lonen.
Foto door: Glenn Dunbar / Motorsport Images
De uitdaging waar Haas voor staat, is dat de simulator waarschijnlijk pas volgend jaar klaar zal zijn voor gebruik – volgens Komatsu is het tweede kwartaal "optimistisch". Dus hoewel de voordelen zich op de lange termijn zullen uitbetalen, moet Haas zich voor 2026 voorbereiden met de huidige middelen. "Wat betreft de voorbereiding op 2026, zijn we nog volledig aangewezen op wat we nu hebben, namelijk het gebruik van Ferrari's simulator", aldus Komatsu. "Dat is zeker een beperking. Ik zeg niets slechts over de Ferrari-simulator, maar puur qua locatie, toegang, het aantal uren dat we kunnen gebruiken, kosteneffectiviteit, enzovoort. Qua kosten is het veel beter als je het in eigen huis hebt. Deze krachtbron is een enorme uitdaging op het gebied van energieterugwinning en -afgifte. Dat betekent dat de coureur daar volledig bij betrokken is. Dan speelt de simulator een veel grotere rol. Op dat vlak lopen we achter."
Source: Motorsport