Home

Niels bedreigt uitsmijters met mes - Omroep West

DEN HAAG - 'U praat heel snel, dan denkt u misschien ook heel snel. Is er bij u wel eens naar ADHD gekeken?' De rechter heeft al een paar keer opgemerkt dat Niels zo snel praat dat de griffier het niet kan bijhouden. Maar ADHD? Nee, dat hebben ze bij hem nog niet vastgesteld. Maar hij wil graag meewerken aan onderzoek daarnaar.

Dit is een verhaal in onze serie Bij de Politierechter

Het is haast onvoorstelbaar dat niemand eerder op dat idee is gekomen. Niels, 25 jaar, klein, tenger gebouwd, zit geen seconde stil, trilt met zijn linkerbeen, schuift heen en weer, en ratelt aan één stuk door.

Bijvoorbeeld over de eerste beschuldiging, dat hij tijdens een avondje stappen uit de disco is gezet en toen twee uitsmijters heeft bedreigd met een mes.

Zijn jas lag nog binnen en die wilde hij hebben. Dat mocht niet, dus toen werd hij boos. Volgens de bewakers trok hij toen een mes en maakte stekende bewegingen, terwijl hij ondertussen dingen zei als: 'Ik maak je kankerdood'.

De uitsmijters waarschuwden de politie, maar dat bracht de jongeman niet tot bedaren. Hij ging keihard door, zelfs toen er vier mensen op hem lagen. 'Ik heb best wel lang last van mijn ribben gehad en bloed gespuugd', zegt hij daarover.

Hij zegt nog veel meer, maar de griffier is niet de enige die het niet kan bijbenen. De rechter leest voor uit het politierapport. 'Terwijl ze op u liggen gaat u wel een kwartier door met doodsbedreigingen. En u spreekt dertig minuten in een kwartier, dus dat zijn heel wat bedreigingen.'

'En als u dan eenmaal in het politiebusje zit beukt u net zo lang met uw hoofd tegen een ruit tot die barst.' Niels, binnensmonds, maar nog steeds snel: 'Jadaweekniemeer.'

'Daar maak ik me het meeste zorgen over', zegt de rechter, 'dat u het niet meer weet.' Hij wil weten hoeveel de verdachte gedronken had. Ook dat weet Niels niet meer precies. 'Wel twintig. Eerst glazen, maar ook flesjes. meer dan ooit'.

Een tweede incident weet hij nog wel. Hij werd in de Haagse Doubletstraat door agenten gevraagd naar zijn ID-kaart. Hij vond dat ze daar het recht niet toe hadden en ging volledig uit zijn plaat. Ook daar waren er vier agenten nodig om hem in bedwang te houden.

'Ik had het bij me en ik wilde het best laten zien maar waarom vroegen ze het? Ze hadden geen enkele reden, dus ik zei: goedendag en ben weggelopen maar ik had het wel bij me.'

'Maar als een agent je ID-kaart vraagt moet je die gewoon laten zien', zegt de rechter. 'Jawel, maar het ging om de manier waarop', werpt Niels tegen.

'Maar dat is misschien wel het probleem', zo denkt de rechter hardop, 'het is elke keer dat u zich aangevallen of bedreigd voelt en dan gaat het plof en is het ineens een heel groot ding en dan zit u weer hier. Terwijl, met die beveiligers had u ook gewoon weg kunnen lopen.'

'En de Doubletstraat is voor volwassenen. Die meiden zijn niet gediend van kinderen op stepjes die komen kijken en als een agent dan om uw ID vraagt om te bewijzen dat u ouder dan achttien jaar bent gaat u meteen van één naar honderd. U zit als een soort Max Verstappen meteen bij de tweede bocht.'

De rechter wil weten of Niels zelf een rode draad ziet. De jongeman zit hier namelijk al voor de vierde keer voor een geweldsincident. En ja, die rode draad ziet de verdachte natuurlijk wel.

'Mijn middelengebruik', omschrijft hij het eufemistisch. En na aandringen van de rechter: 'Alcohol, alcohol, alcohol. En soms een beetje cocaïne en blowen. Uitgaan is meestal niet een succes voor mij.' Het is het enige zinnetje dat Niels langzaam uitspreekt. Het brengt de rechter tot zijn vraag over de ADHD.

Ook wil de rechter weten hoe het nu gaat met de verdachte, die inmiddels drie maanden in voorarrest zit. 'Binnen kan je niet drinken natuurlijk', stelt de rechter vast. 'Blowen wel? Dat is meestal wel te krijgen binnen, toch?' Niels geeft schoorvoetend toe: 'Ja, een beetje.'

Wat gaat hij doen als hij weer buiten komt? 'Als u me alsnog een kans wil geven? Ik werk hard. Vijf dagen per week. Het is niet dat ik niks bijdraag aan de samenleving. Ik ben met mijn moeder en de reclassering echt bezig dat het niet weer gebeurt. Ik ga ook geen klusjes meer doen voor alcohol.'

Dat hij weer bij zijn moeder terecht kan is belangrijk voor de rechter. Niels is namelijk een paar maanden geleden door zijn moeder uit huis gezet, omdat ze klaar was met zijn wangedrag.

De politie pakte hem daarna weer op, omdat hij met een weekendtas vol kleding in het stadspark zat, lurkend aan ballonnetjes. Hij had 2,5 kilo lachgas bij zich en een mes van veertig centimeter. Daarom zit hij nu weer achter de tralies. Dat mes kan hij zich niet herinneren.

De officier van justitie van het Openbaar Ministerie vindt alles bewezen. Ze kijkt naar de sociale omgeving van Niels. 'Blijkbaar willen allerlei mensen u een tweede kans geven. Uw baas, uw moeder, de reclassering. Maar die laatste vraagt zich wel af of u alles echt gaat doen.'

Ze eist 120 dagen cel, waarvan dertig dagen voorwaardelijk. Daarnaast moet Niels zich laten behandelen voor zijn middelengebruik, desnoods in een kliniek. Ook vindt ze dat één van de bedreigde uitsmijters recht heeft op een schadevergoeding van 500 euro.

De advocaat van Niels vindt de eis te hoog, en vindt dat ook de schadevergoeding achterwege moet blijven. Niels zelf wil graag zeggen dat het hem allemaal spijt, dat hij zich schaamt tegenover zijn moeder en dat hij echt aan zichzelf wil werken.

'Echt waar?' Wil de rechter weten. 'Want bij mij is ja zeggen ook ja doen.' Niels verzekert hem dat hij echt overal aan gaat meewerken.

Dan is de uitspraak niet moeilijk meer. De rechter vindt alles bewezen. In de Doubletstraat had Niels zijn ID moeten laten zien. 'U ziet er jonger uit dan achttien jaar en dan mogen ze daarom vragen.' En de bedreiging van de uitsmijters is natuurlijk ook strafbaar.

'Met een getrokken mes op iemand aflopen en zeggen ik ga je doodmaken, daar staat normaal gesproken maanden cel op. En dan ook nog 2,5 kilo verdovende middelen.'

De rechter vindt de eis van de officier prima. Die 120 dagen cel, waarvan dertig voorwaardelijk, met alle voorwaarden erbij, en de schadevergoeding voor de beveiliger.

Er komen ook nog 47 dagen cel bij die Niels de vorige keer voorwaardelijk heeft gekregen.

De rechter legt uit: 'Die heeft mijn collega je de vorige keer gegeven, dus daar kom ik niet onderuit. Het kan eventueel aansluitend aan wat u nu zit, dan komt u dus niet morgen vrij, maar het kan ook later. Dat ligt aan de uitvoering.'

Niels knikt, uitgepraat nu, en gaat met de parketpolitie mee terug richting zijn cel.

De naam van Niels is gefingeerd.

Source: Omroep West Den Haag

Previous

Next