Van grappige, clowneske maten tot weemoedige sprankelpop: dit zijn de beste albums van dit moment.
Het bandgeluid op Private Music (★★★★☆) is vertrouwd en grijpt terug naar de vroege jaren nul, toen de band metal, shoegaze en hardcore liet samensmelten tot iets nieuws en moois. De zang van Chino Moreno schakelt van gepijnigde schreeuw naar mijmerende melancholie en zijn stem komt vaak vanuit verre echo’s aangezeild: emotioneel en vol overgave. Dat zijn de uit duizenden herkenbare riffs van gitarist Stephen Carpenter ook, dankzij de lage stemming van de snaren en het zuigende geluid. Lees de recensie.
De zeven stukken op That Wasn’t A Dream (★★★★☆) zijn het resultaat van improviserende zoektochten. Mills en Palladino dagen elkaar voorzichtig uit. Er zit meer rust in de composities waarin Mills een speciaal voor hem gebouwde gitaar uitprobeert zonder dat het een demonstratie in virtuositeit wordt, en waarin Palladino nergens meer melodische baslijnen uitzet dan nodig. Mooi hoe ze met zo weinig noten zo veel spanning genereren. Lees de recensie.
Het BBC Philharmonic Orchestra en de Finse dirigent John Storgårds namen samen Sjostakovitsj: Symfonieën 1 en 3 (★★★★☆) op. De Derde symfonie uit 1929, bijgenaamd ‘1 mei’, hoor je zelden. Het arbeideristische loflied tot slot voelt als giftige folklore. Maar de klarinetsolo waarmee de symfonie opent, smelt prachtig. En grappig, de clowneske maten die je zo onder een satirisch verslag van een 1-meimars kunt plakken. Lees de recensie.
Dertien liedjes telt Hickey (★★★★☆), en ze zijn allemaal charmant en mooi, vaak met harmonieuze falsetzang. Jongensvriendschap, adolescentie, lange en warme zomers, feestjes, blauwtjes, zwemmen bij zonsondergang, vakantieherinneringen verpakt in aangenaam lijzige, weemoedige sprankelpop. Lees de recensie.
Het wakkerste slaaplied ooit werd in de 17de eeuw gecomponeerd door de Italiaan Tarquinio Merula. De sopraan Alice Foccroulle zingt het slaaplied warm en ingetogen. Ook in de andere tracks op Tarquinio Merula: Concerti spirituali (★★★★☆) laat het Belgische ensemble InAlto horen waarom Merula een avant-gardist was. In Merula’s kamermuziek duikt de cornetto op, het houten blaasinstrument met een geluid dat als olijfolie de oren in druppelt. Lees de recensie.
Hayley Williams dropte in een keer 17 losse singles, met de voorlopige verzamelnaam Ego (★★★★☆), die in eerste instantie alleen op haar eigen site waren te beluisteren. Eerder een playlist dan een album, en zo staat die ook vermeld op de streamingdiensten. Williams toont zich op de officieuze derde een eclectische popzangeres die meer terrein verkent dan de folkachtige pop van haar tweede album. Lees de recensie.
De transparante maar gelaagde muzikale taal van Tania León (★★★★☆) zuigt je meteen mee. Haar muziek is onmiskenbaar eigentijds, tegelijkertijd roepen de ritmische vitaliteit en mysterieuze natuurklanken tijdloze krachten op. In Horizons leidt een dartelende fluit ons steeds dieper een woud in van aanlokkelijke arpeggio’s en beangstigende akkoorden. Lees de recensie.
Op Amaarae’s nieuwe album Black Star (★★★★☆), dat ongetwijfeld haar grote doorbraak gaat worden, is de dansvloer de uitvalsbasis. In haar muziek haakt ze Zuid-Afrikaanse amapiano en Ghanese highlife aan enigszins gedateerde stijlkenmerken van de Europese dance uit de jaren negentig. Alleen die mix is al opwindend. Dat is haar stem ook. Amaarae laat een zuivere, zijdezachte zangstem vaak in dialoog gaan met een hoog zweverig heliumstemmetje, dat ook nog door de autotune is gehaald. Het levert hallucinante dancetracks op. Lees de recensie.
Componist Anqi Liu, afkomstig uit de Chinese regio Binnen-Mongolië, maakt abstracte klanklandschappen, soms angstaanjagend, soms hartverscheurend mooi. In haar composities spoken de geluiden van haar voorouders rond. Haar debuutalbum, Veiled Erosion (★★★★☆), heeft zo’n vertelkracht dat iedereen er eigen verhalen in herkent – maar verwacht vooral geen traditionele volksmuziek. Lees de recensie.
Smib, het vriendencollectief uit de Amsterdamse Bijlmermeer dat vorige maand het tienjarig jubileum vierde, biedt op Eendraght Maeckt Maght (★★★★☆) krachtige maar humoristische hiphop, speels en grimmig tegelijk, met dreigende, diepe beats die op je middenrif stompen. Het gaat van licht en poppy tot stevig door het midden en weer terug. Gaandeweg ga je het beseffen: dit is een van de beste Nederlandse hiphopalbums van de laatste tijd. Lees de recensie.
De partita’s van Bach zijn intens en grensverleggend.
De Franse klavecinist Céline Frisch verandert de Partita’s (★★★★☆) in schitterende verhalen. Haar versieringen zijn weelderig, haar tempi perfect afgewogen. Frisch speelt met een levendige souplesse. Lees de recensie.
Een van de wonderlijkste popsamenwerkingen van de laatste jaren is die tussen voormalig R.E.M.-gitarist Peter Buck en het idiosyncratische, vileine buitenbeentje van de Britpop, Luke Haines. Ze weten zelf ook niet precies waarom het zo goed werkt, maar Going Down to the River... to Blow My Mind (★★★★☆) is al hun derde trans-Atlantische duo-album sinds 2020. Het is pakkend, het is eigenzinnig, het is hartstikke goed, maar gek genoeg hoor je zelfs R.E.M.-fans en Britse indie-afficionado’s zelden fluisteren over de wondere, geheime wereld van Haines & Buck, die daar vermoedelijk niet erg van wakker liggen. Lees de recensie.
Tubaspeler Theon Cross speelde niet eerder zo krachtig en fel als tijdens dit vurige en aan alle kanten dampende concert dat gelukkig is vastgelegd op Affirmations - Live at Blue Note New York (★★★★☆). Alsof hij echt iets te bewijzen had, en zijn bandleden laten hem soms minutenlang soleren voordat ze hem van repliek dienen. En dan gebeurt er ook echt wat. Je voelt je als luisteraar soms echt in het oog van de orkaan, die op die 3 juli 2023 door de New Yorkse jazzclub waaide. Lees de recensie.
Het album Heather & Hearth (★★★★☆) is een verborgen juweel. McNeill viert zijn liefde voor klassieke, mooi gezongen en zuiver gespeelde progressieve rock en avontuurlijke proto-metal uit de jaren zeventig. Hij soleert watervlug maar glashelder naast zijn eigen, jubelende zang en toetsen, op Hammond-orgel en een Minimoog. Luister naar de eerste, driftige minuten van het openingsnummer, naar de gitaarriffs en jankende toetsen die in paniek om elkaar heen rennen, en weet dat ook u iets moois heeft ontdekt. Lees de recensie.
Op A Dark Flaring (★★★★☆) speelt het Duitse Signum Quartett muziek van hedendaagse, Zuid-Afrikaanse componisten die de verscheurde geschiedenis van hun vaderland en de wereld hebben verweven met eigentijdse stijlen. Het strijkkwartet laat de rouw hartroerend resoneren. De dood van zijn moeder betreurend laat componist Matthijs van Dijk de cello scheuren als een heavymetalgitaar. De violen slaken schrille wanhoopskreten, tot alle strijkers elkaar vinden in een gezamenlijke, minimalistische klaagzang. Lees de recensie.
Headlights (★★★★☆) is niet eens per se beter of toegankelijker dan eerdere albums van Alex G, want goed en toegankelijk was hij al langer. Alex G is een productieve schrijver van liedjes die vaak luchtig en charmant nonchalant klinken, maar zich in je geheugen nestelen en daar ontkiemen. Maar met Headlights hangt er iets groters in de lucht. Dit is jouw jaar, Alex G. Lees de recensie.
Het is onmogelijk om het begin van zijn celloconcert niet te horen als een opmaat naar de beroerte die componist Alfred Schnittke tijdens het schrijven kreeg. De cello neuriet een elegische melodie à la Brahms, het orkest legt er aanvankelijk een mysterieuze glans omheen, maar ontploft binnen drie minuten in een kakofonie. Jankend en jammerend glijdt de geweldige cellist Matt Haimowitz op Schnittke: Cello Concerto No. 1 (★★★★☆) de afgrond in. Lees de recensie.
Op Takkuuk (★★★★☆) wordt de filmische, melodieuze dance van het Noord-Ierse duo Bicep gedragen door vocalisten uit Groenland en delen van Scandinavië, en wel de oorspronkelijke bewoners van het arctische gebied. Dus horen we bijvoorbeeld die bekende, expressieve keelzang, die de dance van Bicep weidse perspectieven geeft. Lees de recensie.
De bard Timotheüs bezingt de heldendaden van Alexander de Grote en wordt bijgestaan door een koor van hovelingen. Zo’n setting is een kolfje naar de hand van Georg Friedrich Händel, de componist die er in 1736 in Londen zijn oratorium Alexander’s Feast aan wijdde. Bacchanaal of treurzang, de Italiaans-Nederlandse barokhoboïst en dirigent Alfredo Bernardini haalt ze in deze live-opname (★★★★☆) knisperend uit zijn ensemble Zefiro. Lees de recensie.
Ford’s Fuzz Inferno maakt in de zelfverkozen marge lekker vuige, maar altijd melodieuze garagepunk, die soms klinkt alsof de tijdmachines van jarenzestiggarage en jarentachtighardcore frontaal op elkaar zijn geknald. Ultimate Fuzz Frequencies (★★★★☆), hun tiende plaatuitgave, is een minialbum van negen projectielen waarop iets van de psychedelica van weleer in het bandgeluid terugkeert en Hans F. Ford en de zijnen als songschrijvers in blakende vorm steken. Lees de recensie.
Het ging voortvarend met de band Easy Life, totdat de Britse multinational EasyGroup besloot de band aan te klagen voor inbreuk op het auteursrecht. De band lag twee jaar op zijn gat, maar heet nu heel toepasselijk Hard Life. Het heeft de pret niet mogen drukken, want hoewel frontman Murray Matravers op Onion (★★★★☆) vaak genoeg zing-rapt over zijn tekortkomingen, is elk nummer gedoopt in vloeibare zonneschijn. Lees de recensie.
Geen ontspanningsafspeellijst is compleet zonder Gnossiennes en Gymnopédies van Erik Satie, die honderd jaar geleden stierf. Op het album Satie: Discoveries (★★★★☆) , een must voor Satie-fans, onthult pianist Alexandre Tharaud iets nieuws: 27 onlangs herontdekte, nauwgezet gereconstrueerde pianostukken. Het zijn allemaal korte opnameprimeurs, maar ze tonen de veelzijdigheid van deze originele componist. Lees de recensie.
Zestig jaar geleden nam Rita Reys onder leiding van dirigent en componist Oliver Nelson een van haar beste albums op: Rita Reys Meets Oliver Nelson. Als eerbetoon komt het Jazz Orchestra of the Concertgebouw nu met The Second Time Around (★★★★☆), een eigen bewerking waarvoor het gebruik kon maken van de onlangs teruggevonden originele arrangementen. Het resulteert in een prachtig eerbetoon. Lees de recensie.
Muziek van Pierre Boulez (1925-2016) luisteren is als het sausen van een wand: pas na meerdere beurten wordt de kleur duidelijk. In het complexe tweeluik Eclát-Multiples (★★★★☆) borrelt een Franse kleurenpracht op – een resonerende mandoline, het gonzen van de piano, een wervelende altfluit – maar het kost mogelijk een paar luisterbeurten om die te kunnen ervaren. Lees de recensie.
Na zestien jaar zijn de rappende broers Pusha T en Malice weer samengekomen voor het voortreffelijke Let God Sort Em Out (★★★★☆). Het is nog steeds een geweldige combinatie, de twee even venijnig als soepel rappende broers laten opnieuw horen over grandioze technieken te beschikken. Hun rhymes en flows stellen die van toch niet de minste gasten als Tyler, The Creator en zelfs Kendrick Lamar in de schaduw. Lees de recensie.
Componist Henriëtte Bosmans kreeg de kritiek niet vernieuwend en te wild te zijn. Maar die grilligheid van stemmingen definieert Bosmans juist. Zoals de finale van het Tweede celloconcert: het dromerige viool-celloduet verdwijnt in dreigende strijkers en pauken waarop de cello fel uithaalt. Behalve de oriëntalistische tamboerijn (nee, niet vernieuwend) is Bosmans’ orkestratiekunst (★★★★☆) echt het luisteren waard. Lees de recensie.
Op Landscape from Memory (★★★★☆) horen we doorwrocht gecomponeerde elektronische muziek, die je bijna ‘klassieke dance’ zou kunnen noemen. Elke track is een bouwwerk met een eigen sfeer en soms haast kinderlijke melodieën, die toch een symfonische kracht krijgen. En dat vooral vanwege de apparaten die producer Rival Consoles laat praten. Zijn analoge synths sputteren en ademen als organische wezens, en geven de muziek een warme en menselijke lading. Lees de recensie.
Een familie-album (★★★★☆) om je aan te laven: religieuze koormuziek van broer en zus Felix en Fanny Mendelssohn, door het Rias Kammerchor en de Kammerakademie Potsdam onder leiding van Justin Doyle. Fanny componeerde haar minicantate Lobgesang voor de eerste verjaardag van zoon Sebastian. Zijn naam is geen toeval. In Lobgesang resoneert de klank van Johann Sebastian Bach; in de wiegende Pastorale en de fugatische koren, maar dan geïnjecteerd met weelderige romantiek. Doyle laat koor en orkest dan ook vol en romig klinken, zonder aan luchtigheid in te boeten. Lees de recensie.
Een van de dingen die Burna Boy, de Nigeriaanse koning van de ‘afrofusion’, interessant maakt, is dat zijn albums een verhaal vertellen. Op No Sign of Weakness (★★★★☆) stelt hij zich kwetsbaar op en lijkt hij soms de tol van de roem te bezingen. Burna Boy zingt hier veel. Fijn, want dat kan hij goed. Vrijwel álles heeft schwung en hitpotentie. Lees de recensie.
Je moet ook voor dit vierde album About Ghosts (★★★★☆) van het Amaryllis Sextet goed gaan zitten om alle details in je op te nemen, want de acht stukken zijn ingewikkeld van structuur. Maar haar muziek blijft altijd transparant en op een merkwaardige manier toch lichtvoetig. Heel fraai is het ensemblespel van de vier blazers in het titelstuk, met een mooie balans tussen minutieus uitgeschreven composities en improvisatie. Lees de recensie.
Op haar album Tropicoqueta (★★★★☆) laat de zangeres uit Medellín haar muziek veel dieper graven dan de soms wat oppervlakkige ‘pop urbano’, en eert zij decennia aan Spaanstalige popcultuur, uit meerdere werelddelen. Het eerbetoon van de zangeres voelt overal warm en welgemeend, en het zet harde reggaeton- en traptracks in een mooie, historische tijdlijn. Die verrassende veelzijdigheid maakt de vijfde van Karol G een van de leukste latinpopplaten van het moment. Lees de recensie.
Het Chianti Ensemble kreeg in 2022 de Kersjesprijs à 50 duizend euro, een stimulans voor uitzonderlijk talent in de Nederlandse kamermuziek. Nu verschijnt er een dubbel debuutalbum 1921 (★★★★☆), met sleutelwerken uit 1921. Alles is vloeiend en warm in hetTweede pianokwintet van Fransman Gabriel Faurémuziek die zwenkt tussen Wagnerbewondering en Franse lichtvoetigheid. Lees de recensie.
Meer muziek? Bekijk hier ons volledige archief van albumrecensies.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant