Home

Toen de steppevolkeren uit het oosten kwamen, ging de touwbekercultuur juist náár het oosten

Archeologie Hebben culturen zich in Europa verspreid door migratie? Of zijn het „fenomenen die elkaar kruisen”? Een grote archeologische analyse wijst op het laatste.

Een archeoloog bij een graf uit de touwbekercultuur in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt.

De migratie van de zogenoemde Yamnaya-steppevolkeren uit Oekraïne in het derde millennium voor Christus ging niet samen met de verspreiding van nieuwe culturen over Europa, zoals wel vaak wordt verondersteld. Uit analyse van bijna duizend C14-dateringen over heel Europa blijkt dat de culturen die met die Yamnaya-migratie worden verbonden zich juist onafhankelijk van het steppe-dna over Europa verspreiden, zelfs vaak tegen de richting van die migratie in.

Dit schrijft een team van archeologen onder leiding van Quentin Bourgeois (Universiteit Leiden) deze week in Science Advances. De ontdekking van de omvangrijke verspreiding van het Yamnaya-dna over Europa leidde de afgelopen tien jaar tot herleving van het oude idee dat culturen zich vaak door migraties verspreiden. Het huidige onderzoek ondergraaft die overtuiging weer.

In het derde millennium voor Christus verspreidde vanuit de steppe bij de Zwarte en Kaspische Zee het herdersvolk van de Yamnaya zich eerst naar het westen, naar Europa, en later ook naar het zuidoosten, naar India. Zij waren waarschijnlijk de eerste sprekers van het Indo-Europees. Deze migratie is in de afgelopen tien jaar in talloze analyses van genetische patronen in oude botten teruggevonden en heeft er onder meer toe geleid dat de meeste Europeanen ongeveer 50 procent van hun verre voorouders kunnen vinden onder deze Yamnaya.

Zichtbare scheiding

De expansie van deze pastorale steppevolkeren wordt ook altijd verbonden met twee culturen die zich in ongeveer dezelfde tijd verspreidden over vrijwel heel Europa: de touwbekercultuur en de klokbekercultuur. Overigens viel al in een van de eerste opzienbarende onderzoekingen naar het Yamnaya-dna op dat juist bij de oudste sporen van de klokbekercultuur, in Spanje, nog vrijwel geen Yamnaya-dna werd aangetroffen. Die toen al zichtbare scheiding tussen migratie en cultuurverspreiding wordt nu bevestigd door het onderzoek van Bourgeois c.s.

„Het is niet zo dat er geen verband is tussen de steppevolkeren en deze culturen, maar we hebben ze hiermee wel losgemaakt van elkaar”, zegt Bourgeois in een telefonische toelichting. „De verspreiding van dat dna en de verspreiding van deze culturen moet je zien als twee aparte fenomenen die elkaar kruisen. Dat hebben antropologen en archeologen wel vaker betoogd, maar wij zijn nu de eersten die dat onderbouwen met een duidelijke chronologie.” Met een lachje legt hij uit waarom dat zo is: „Niet iedereen gaat duizend artikelen uit zitten pluizen op de C14-dateringen, we zijn er twee jaar mee bezig geweest.”

De touwbekercultuur en de klokbekercultuur ontlenen hun naam aan het karakteristieke aardewerk, versierd met de afdruk van een touw respectievelijk in de vorm van een kerkklok. Ze kenmerken zich verder door typerende begrafenisgewoonten, met vuurstenen strijdhamers en dolken bij de touwbekercultuur, en bijvoorbeeld juist een koperen dolk bij de klokbekercultuur.

Een opvallende uitkomst van de nieuwe chronologie van de twee culturen is ook dat touwbeker- en klokbekercultuur vrijwel gelijktijdig zijn ontstaan. De oudste touwbekervondsten komen uit Bohemen en de Baltische staten, in beide gebieden van ongeveer 2950 v.Chr. De oudste klokbekervondsten zijn slechts een fractie jonger, uit ongeveer 2900 v.Chr. aan de westelijke Middellandse Zeekust (Noordoost-Spanje en Zuidoost-Frankrijk).

Deze vroege klokbekergraven hebben al wel het karakteristieke aardewerk, de typische koperen dolken en halfgebogen lichaamshouding, maar nog niet de grote verschillen tussen mannen- en vrouwengraven van de latere klokbekergraven. Die is mogelijk pas ontstaan na contact met de touwbekercultuur in het Rijngebied, ca. 2600 v.Chr. „In de touwbekercultuur werden vrouwen op de linkerzij gelegd met het hoofd naar het oosten en mannen op de rechterzij met het hoofd naar westen. In de klokbekercultuur werd dat juist precies andersom gedaan, nadat de twee met elkaar in contact kwamen”, legt Bourgeois uit. „Dat moet een heel bewuste keuze zijn geweest.”

En het belangrijkste: in de vroegste klokbekergraven is dus geen Yamnaya-dna te vinden, in Spanje verschijnen sporen van die afkomst zelfs pas tegen 2000 v.Chr. In de vroegste touwbekergraven in Bohemen en de Baltische staten is al wel Yamnaya-dna te vinden, maar in die graven liggen ook mensen zonder enige steppeafkomst. Die vroegste touwbekersporen ontstaan in een „grote genetische diversiteit, die zelfs groter is dan de verschillen onder de huidige Europeanen”, zo schrijven de onderzoekers.

Een andere opvallende uitkomst is dat de touwbekercultuur zich vervolgens naar het óósten uitbreidt, tegen de richting in van de westwaartse steppemigratie, die zich tegelijkertijd afspeelt. De jongste vondsten zijn het verst naar het oosten in Europa gevonden.

Piekperiodes

Die onafhankelijkheid van de migratie wordt ook teruggevonden in een algemene analyse van de plekken en periodes waarin de twee culturen regionaal hun grootste verspreiding hebben gehad. Die blijkt niet samen te hangen met wat bekend is over de verspreiding van het Yamnaya-dna over Europa. Bourgeois: „Soms verschijnen sporen van die afkomst een paar honderd jaar voor die cultuur, soms pas een paar honderd jaar later. Je mag de twee fenomenen niet op één hoop gooien.”

De twee culturen verspreiden zich aanvankelijk langzaam over Europa, maar in de ‘piekperiodes’ gaat het wel snel, voor de touwbekercultuur ligt die piek tussen 2600 en 2400 v.Chr., voor de klokbekercultuur is dat 2400 tot 2200 v.Chr. Bourgeois en zijn collega’s zien die periodes als tijden van grote Europa-brede culturele veranderingen op een schaal die nooit eerder vertoond is. Daarna, in de periode 2200-2000 v.Chr, is er direct alweer een snel verval van de klokbekercultuur, precies op het moment dat er een nieuwe Europa-brede handel in tin en brons ontstaat.

Dat begin van de Bronstijd is ook al weer zo’n grote culturele verandering waarin er juist weer relatief grote regionale verschillen in cultuur ontstaan. „Al die processen volgen elkaar op en lopen door elkaar, de verspreiding van het Yamnaya-dna over Europa is één van die fenomenen, over een periode van duizend jaar vol grote veranderingen”, aldus Bourgeois.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Source: NRC

Previous

Next