Onbekende doden De mortuaria in Mexico liggen vol ongeïdentificeerde lichamen. De VN en Europese landen helpen Mexico deze forensische crisis te bestrijden. „Deze botresten neem ik mee naar Duitsland.”
Gekromd hangt de hand langs de metalen tafel, de rest van het dode lichaam ligt onder een zwarte lijkenzak. De aarde zit nog onder de nagels. De penetrante geur van de dood heerst in de steriele gangen van het mortuarium in de stad Zacatecas, in het hart van Mexico. „Je went eraan”, lacht directeur Rubi Sánchez Noriega.
Ze pakt de hand even vast, alsof die aan een goede vriend toebehoort. Haar assistent pakt een apparaat met een zwart scherm, veegt de aarde van de vingers en drukt ze een voor een op het scherm, tot alle vingerafdrukken zijn genomen. De hand wordt bij de rest van het lichaam gelegd, de zak wordt dichtgeritst. En het lichaam wordt weggereden, tot duidelijk is wie deze man is.
Acht scanners ontving dit mortuarium in Zacatecas een jaar geleden van het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties (UNFPA). Apparaatjes waarmee de vingerafdrukken van lichamen snel en efficiënt kunnen worden afgenomen. Deze vingerafdrukken worden vervolgens naar het Mexicaans kiesregister gestuurd, de enige plek waar de afdrukken van vrijwel alle volwassen Mexicanen in zijn opgenomen.
„Dit lichaam was in goede staat, en we kunnen dan zonder moeite een volledige vingerafdruk maken”, zegt Sánchez Noriega. Ze noemt de donatie van de VN een droom voor een forensisch expert. „Het biedt dezelfde mate van zekerheid als een dna-profiel. De nauwkeurigheid is 99,9 procent, de test is veel sneller en bovendien goedkoper.”
Door vingerafdrukken af te nemen kunnen sommige lichamen snel geïdentificeerd worden.
Het mortuarium in Zacatecas is voorloper in het gebruik van moderne technologie om het hoofd te bieden aan de forensische crisis in Mexico. In het Noord-Amerikaanse land staan ruim 130.000 mensen geregistreerd als vermist. Verreweg de meesten van hen zijn omgekomen in de drugsoorlog die al jaren in het land woedt. Zeker 50.000 vermisten zijn al lang gevonden, alleen nog niet geïdentificeerd.
Als autoriteiten of zoekende nabestaanden lichamen vinden, worden ze naar publieke mortuaria gebracht. In veel staten is een gebrek aan ruimte, personeel en middelen om deze lichamen goed te bewaren, laat staan te identificeren. Lichamen liggen soms maandenlang en amper gekoeld in vuilniszakken opgeslagen, voordat ze in anonieme massagraven op publieke begraafplaatsen begraven worden, terwijl hun nabestaanden blijven zoeken.
Gebrekkige registratie en administratie is een ander probleem: er is geen nationale databank voor dna-monsters, waar forensisch experts dna-materiaal kunnen uploaden om te vergelijken met de monsters die wanhopige ouders achterlaten. Alleen sommige Mexicaanse staten hebben zo’n databank. Ook is de registratie van de anonieme massagraven, waar lichamen op zijn minst tijdelijk in worden achtergelaten, ondermaats. Autoriteiten weten soms niet eens hoeveel lichamen in die graven liggen.
Begin juli werd in Ciudad Juárez, aan de grens met de VS, duidelijk hoe groot de forensische crisis in Mexico is. Autoriteiten stuitten na klachten van omwonenden over een lijkengeur op een crematorium, waar 383 niet-geïdentificeerde lichamen lagen. Op elkaar gestapeld in de tuin van het crematorium, en sommige lichamen waren in zo’n verregaande staat van ontbinding dat het geslacht niet meer kon worden vastgesteld.
Directeur Rubi Sánchez Noriega aan het werk in het mortuarium.
Grace Fernández zoekt al zeventien jaar naar haar broer Daniel, die op een nacht verdween in het noorden van Mexico. Volgens Fernández is de forensische crisis in Mexico te wijten aan slechte samenwerking en gebrek aan interesse van de autoriteiten. „Vanaf het begin dat mijn broer vermist raakte, stelden autoriteiten de verkeerde vragen. Ze vroegen of hij drugs gebruikte, schulden had. Ze gingen er gelijk vanuit dat hij een crimineel was”, zegt Fernández, de woede nauwelijks verholen in haar stem.
„Er verdwijnen meer dan vijftig mensen per dag in Mexico. Veel van die mensen worden teruggevonden, al zijn ze dood. Denk je dat de regering die cijfers niet heeft? Waarom zorgt ze dan niet voor de middelen om die gevonden lichamen te identificeren”, zegt Fernández. Ze zal altijd blijven zoeken naar haar broer, zegt ze, al kan het zijn dat hij ergens in een andere staat in een massagraf ligt. „Forensisch experts willen wel, maar werken soms op plekken waar niet eens stromend licht of adequate verlichting is.”
Inmiddels werken steeds meer openbaar aanklagers, die verantwoordelijk zijn voor publieke mortuaria in hun staat, samen met het VN-programma waarbij ook het mortuarium in Zacatecas is aangesloten. De cijfers zijn veelbelovend: in 2024 werden via de scanners van de VN de vingerafdrukken van ruim 13.500 niet-geïdentificeerde lichamen naar het kiesregister gestuurd. In bijna de helft van de gevallen kon worden achterhaald wie de overleden persoon was.
In het mortuarium werken forensisch experts aan de identificatie van anonieme doden.
Max Murck is coördinator van het VN-programma. „Ik vind het geen crisis, want Mexico doet er echt veel aan om het op te lossen. Het probleem is dat, hoewel er steeds meer lichamen wordt geïdentificeerd, er ook nog steeds heel veel bijkomen door de vele moorden die in Mexico gepleegd worden, dus het is een vicieuze cirkel”, zegt Murck.
Mexicaanse mortuaria hebben baat bij de internationale samenwerking, waaraan ook de Duitse en Noorse regeringen miljoenen bijdragen. Andersom wordt ook veel geleerd van Mexico, zegt Murck. „Sommige lichamen zijn verbrand, of het zijn botresten die gevonden worden, waardoor het afnemen van vingerafdrukken onmogelijk is. Die resten worden onder meer naar de universiteit van Frankfurt gestuurd, waar forensisch experts proberen een dna-profiel samen te stellen en dat vergelijken met ingestuurd materiaal van zoekende nabestaanden. Dat is een leerschool zoals we die in Europa niet hebben”.
In Zacatecas kan Noriega Sánchez het nut van die samenwerking beamen. Ze opent twee gele koffers die in haar kantoor staan. „In deze enveloppen zitten botresten die we gevonden hebben. Die neem ik mee in het vliegtuig naar Duitsland”, zegt ze.
Naast de samenwerking met internationale instanties is er nog iets wat volgens Noriega Sánchez het forensisch werk anders maakt in Zacatecas. „Het gaat allemaal om de prioriteiten die een aanklager stelt. In onze staat heeft de nieuwe aanklager bij zijn aantreden gezegd dat het identificeren van gevonden lichamen bovenaan zijn lijst staat.”
Er liggen volgens de forensisch expert nog zo’n tweehonderd lichamen in de koelcellen in haar mortuarium, en zo’n tweehonderd dozen met botresten. „Het teruggeven van een lichaam aan een familie, of een deel van dat lichaam, zorgt voor rust bij mensen die vaak al jaren zoeken naar antwoorden. Het geven van die antwoorden is het mooiste aan dit werk”, zegt Noriega Sánchez met een hand op een schedel op de tafel naast haar. Er zit nog een plukje haar op, dat ze even streelt.
Een schedel in het mortuarium van Zacatecas
Source: NRC