Home

‘Schrijf er een boek over’, zei de kapper, alsof ik daarmee het meisje kon helpen

Terwijl mijn kapper mij in zijn appartement aan het knippen was – hij knipt sinds een paar jaar in zijn appartement – zei hij: ‘Een cliënt van mij gaat trouwen. Een niet bijzonder mooi meisje. Joods. Russisch. Rijk. Redelijk orthodox.

‘De bruidegom is de zoon van een zakenpartner van haar vader. Een mooie jongen. Ook rijk. Een paar weken geleden zei hij tegen haar: ‘Ik moet je iets vertellen, ik zal je kinderen geven, van je houden en voor je zorgen, maar ik ben verslaafd aan dure prostituees en ik kan die verslaving niet opgeven.’

‘De moeder is gebroken, de vader denkt alleen aan zijn zakenpartner, het meisje zegt: ‘Het kan me niets schelen, ik hou van hem.’ En nu ben ik niet alleen uitgenodigd voor de cocktailparty, maar ook voor het diner, maar ik wil daar niet bij zijn. Na de cocktailparty glip ik weg.’

De kapper keek somber terwijl hij mijn nek uitschoor.

‘Wat voor toekomst gaat dat meisje tegemoet?’, vroeg hij. ‘Misschien vinden ze een modus vivendi, geld maakt veel geld.’

Daarna ging hij verder met mijn zoon.

‘Schrijf er een boek over’, zei hij nog, alsof dat het meisje zou helpen.

De dag erop vertrokken mijn zoon en ik naar Ocean Grove, hij wilde per se naar het strand. Niet naar heuvels, niet naar bossen noch naar meren. Strand! We bouwden zandkastelen en ik verbrandde prompt mijn rug. Een detail vergeleken bij het lot van het meisje.

Ik vroeg me af waar dat boek over moest gaan. Over de vraag met welke verslavingen je kunt leven en met welke niet? Over koppigheid en de gevolgen daarvan? Over de eeuwige vermenging van geld en liefde?

Toen had mijn zoon genoeg van het strand. We sloten ons op in de hotelkamer en vertelden elkaar verhalen. Ik hield het kuis.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next