is journalist en columnist voor de Volkskrant.
Een polemiek voer je per definitie met anderen. Kun je ook een polemiek aangaan met jezelf, vraag ik me af. Ooit typeerde een baas mij als een man uit één stuk. Ik aanvaardde het compliment, maar wist wel beter. Mijn innerlijk leven is een broeinest van tegenstrijdige impulsen en gedachten. Ik heb een vastomlijnd wereldbeeld en stellige overtuigingen, ben daar doorgaans trouw aan, op het eigenwijze af. Toch is er daarnaast altijd de twijfel, de emotie, het besef dat alles een andere kant heeft en de werkelijkheid niet eenduidig is. Daarop mag ik anderen graag wijzen, maar het geldt ook voor mij. Daarom een twistgesprek met mezelf over Gaza. Een polémique intérieure.
Een van mijn diepste instincten is mijn steun voor Israël. Zijn bewoners zijn niet beter of slechter dan anderen. Maar wat het land voor mij uitzonderlijk maakt, is de loodzware last die het met zich meedraagt, geboren als het is uit de grootste misdaad uit de geschiedenis. Die last bepaalt zijn handelen, zijn steevast gestaalde reactie op alles wat het ziet als een bedreiging. Die weerbaarheid is geen luxe in een vijandige omgeving. Maar dat beladen verleden leidt er tegelijkertijd toe dat er voor dat handelen strengere maatstaven gelden. Een volk dat zo geleden heeft, mag anderen niet doen lijden. Het maakt Israël extra kwetsbaar voor kritiek in de wiebelige dans op de slachtoffer-daderschaal, waartoe het vanaf zijn oprichting veroordeeld is.
Israël moet bekritiseerd kunnen worden. Daarover geen misverstand. Maar inmiddels zijn er van alle zonden van de wereld nog maar weinig die niet van toepassing op het land worden verklaard. Het wordt in verband gebracht met kolonialisme, racisme, apartheid, rassenoorlog, genocide, fascisme en Holocaust. Zijn dit niet simpelweg te veel belastende etiketten om allemaal waar te zijn? Israël was altijd al klein in omvang en groot in symboliek, maar het wordt hier wel erg groot gemaakt.
Het is niet meer louter een land in oorlog dat hard van zich afslaat, het wordt neergezet als de verpersoonlijking van het kwaad in vele gedaanten. Intuïtief heb ik daar moeite mee. Is dit nog wel gewone Israël-kritiek? Is die optelsom van al die zonden, niet een impliciete afwijzing van Israëls bestaansrecht? Wordt er rekening mee gehouden dat het de enige democratie in de regio is, dat er ook een ander, zelfkritisch Israël bestaat?
Maar dan is er een andere stem in mij. Wat zich in Gaza afspeelt, is vreselijk. Dat zeg ik zonder enig voorbehoud. De beelden zijn overbekend. Er wordt gediscussieerd over wie wat manipuleert, over wie waarvoor verantwoordelijk is, maar dat doet er niet toe. De verwoesting, de honger en het menselijk leed zijn echt. Ik zie een video waarin een menigte Gazanen uit elkaar stuift, ergens voor op de vlucht als opgejaagde dieren. Het landschap is een zandvlakte, dor, desolaat en post-apocalyptisch als in een Mad Max-film. De mensen zijn op hun nietigst, alsof ze al bezig zijn tot stof weder te keren. Dit moet ophouden, denk ik. Het is al schokkend genoeg, ook zonder die trits belastende etiketten.
Het maakt me woedend op Israël. Het had het nooit zover mogen laten komen. Die harde koppen van die ultrarechtse ministers, die niet minder hard zijn dan de koppen van hun islamistische Hamas-tegenhangers. Het benepen opportunisme van Netanyahu, die de oorlog laat voortduren. Die gewelddadige kolonisten, die niet terugschrikken voor moord in hun expansiedrift. Israël is niet beter of slechter dan anderen, maar in hen toont het zijn lelijke gezicht.
Stop met de oorlog, zeg ik al enige tijd. Ook betoog ik al jaren dat Israël niet moet denken dat het conflict met de Palestijnen met militaire macht alleen kan worden opgelost, of beheersbaar kan worden gehouden. Het heeft in de Gaza-oorlog zijn militaire overmacht andermaal bewezen en Hamas zware klappen toegebracht. De strijd is in essentie gestreden. Zoals normaal in oorlogen, is het dan tijd voor het politieke eindspel.
Doorgaan met de oorlog betekent nog meer verwoesting, nog meer leed, nog meer kritiek in de wereldopinie. Het kan de militaire overwinning doen verkeren in een moreel failliet. En dat moet Israël niet willen. Het genereert toch al veel haat. Met voortzetting van de oorlog dreigt het meer te verliezen dan te winnen.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant