Home

Waarom bevriezen veel mensen bij grote schrik of dreiging? ‘Mijn onderlijf voelde 30 kilo zwaarder’

Aan de grond genageld, seconden leken minuten, en achteraf de vraag: ‘Waarom deed ik nou niets?’ Veel mensen bevriezen bij grote schrik of ­dreiging. Hoe komt dat, en kun je je daartegen weren? En moet dat eigenlijk wel?

Het waren maar een paar tellen dat toenmalig politiechef van Enschede-Noord Leendert Lodder (74) zijn lijf niet de baas was. Maar ze leken veel langer te duren dan al die andere tellen op 13 mei 2000. Het waren de seconden direct na de derde explosie, in de grootste opslagruimte van vuurwerkfabriek S.E. Fireworks, waarbij 177 ton vuurwerk ontplofte.

‘Het was schitterend weer’, zegt Lodder, ‘en tegen drieën zat mijn vroege dienst er al op, toen ik hoorde van een brandje bij de vuurwerkfabriek. Een van mijn agenten wilde er graag op uit. Dat is goed, zei ik, dus hij ging richting de wijk Roombeek. Mijn collega vroeg: ‘Hoor jij dat vuurwerk ook?’ Dus hij ook die kant op. Er begonnen nog drie collega’s om drie uur. Gaan jullie er ook maar heen, zei ik. Op de mobilofoon werd assistentie gevraagd, om de mensen op afstand van de brand te houden.’

Toen verdichtte de tijd zich. ‘Eerst kwam er een grote knal, de tweede was al heftiger. Ik dacht: wat gebéúrt hier? De derde was ontzettend hevig. Alles trilde. De plafondplaten kwamen naar beneden, ze vielen op mijn bureau. Ik hoorde helemaal niets meer. Het was muisstil op de mobilofoon.’ Lodder werd in een flits geraakt door een onbevattelijke gedachte. ‘Ik dacht: ze zijn allemaal dood. Ik heb ze er alle vijf naartoe gestuurd en ik ben ze alle vijf kwijt, dat kan niet anders.’ Na die flits was er niets. ‘Mijn lichaam weigerde dienst. Er zat ook niks meer in mijn hoofd, niets meer dan: O mijn god nog aan toe.’

Pas toen een collega binnenkwam, kwam Lodder uit de bevriezing. Er klonk weer iets op de mobilofoon: zijn collega Henk Gerritsen. ‘Die leefde dus nog. Zijn stem sloeg over. ‘Er zijn zoveel doden hier’, zei hij. Toen kreeg ik ineens een boost. ‘Iedereen moet komen, nu nu nu!’, riep ik.’

Pas ’s avonds om half zeven belde de laatste collega van Lodder, die lichtgewond in het ziekenhuis in Oldenzaal lag. Alle agenten overleefden de vuurwerkramp, die vier brandweerlieden en negentien burgers het leven kostte. Doorwerken ondanks die onverdraaglijke gedachte dat zijn collega’s waren omgekomen, zegt Lodder, ging op de automatische piloot. Hij was dan ook al 27 jaar agent. Dat hij bevroor vindt Lodder achteraf logisch: ‘Ik ben een mens, geen robot.’

Fight, flight, freeze (ofwel vecht, vlucht, bevries): we kennen ze wel, onze overlevingsresponsen onder stress. Volgens sommige scholen horen er nog andere F’en bij, daar komen we zo op. De freeze wordt al eeuwen bestudeerd – bij dieren, althans. Al in 1646 beschreef onderzoeker Athanasius Kircher een bijzonder fenomeen bij kippen: als je voor hun snavel een streep op de grond trekt, staren ze plots in het grote niets met een doodse kippenblik.

Meer dieren bleken te bevriezen van schrik. Buidelratten, cavia’s, kikkers, herten en konijnen – zoals in het gezegde ‘als een konijn in de koplampen’, in het Engels deer in the headlights.

Ook in mensenlijven

Pas in de jaren zeventig van de twintigste eeuw signaleerden Amerikaanse psychologen dat deze functie ook is ingebouwd in mensenlijven. ‘Het heette toen nog rape paralysis, verkrachtingsverlamming’, zegt Agnes van Minnen, klinisch psycholoog en auteur van het boek Verlamd van angst. ‘Bij verkrachting komt het ook het meest voor, omdat de dader heel dichtbij is waardoor andere stressresponsen vaak niet meer mogelijk zijn.’ Volgens een Zweedse studie bevriest 70 procent van de verkrachtingsslachtoffers. De nieuwe zedenwet, die is ingegaan per 1 juli 2024, probeert daaraan recht te doen, door (in plaats van dwang) toestemming centraal te stellen. Want wie is bevroren, kan zich ook niet verzetten.

Bij die nieuwe juridische werkelijkheid plaatst advocaat Gerard Spong vraagtekens. ‘Wat mij altijd opvalt, is dat vrouwen (...) zich toch snel láten verkrachten’, zei hij in maart tegen Sunny Bergman in de documentaire Blauwe ballen en andere verkrachtingsmythes. ‘Zij geven gauw hun verzet op.’ Maar vrouwen bevriezen vaak, sputterde Bergman tegen. ‘Daarom ben ik voor een weerbare vrouw’, zei Spong, ‘die niet bevriest.’ Dat zou het aantal verkrachtingen ‘drastisch doen afnemen’.

Dat vrouwen (en mannen) kunnen bevriezen, weet Spong ook wel. Zijn opmerkingen kwamen me voor als gesar, maar ze fascineerden me ook. Massa’s mensen bevriezen immers op momenten waarop ze misschien liever slagvaardig hadden gehandeld: ambulancebroeders, militairen, politiechefs, slachtoffers van een overval. Ikzelf ook een keer, toen ik op een verlaten weggetje door een kalende knakker in een bestelbusje de berm in werd gereden, en vervolgens eindeloze seconden lang met ogen als toverballen naar een ongenode pik stond te kijken.

Het was niet zozeer die trieste vertoning die mij daarna dwarszat, maar mijn eigen onvermogen, waar ik onvrijwillig mee was geconfronteerd. Wat gebeurt er als je bevriest, en wat doet het met mensen als ze dat overkomt? En kun je je weren tegen zo’n bevriezing?

Een gedwongen pauze

‘Overval!’ hoorde Cassandra Verplak (35) haar collega gillen. Het was tegen sluitingstijd en Verplak stond achter de balie van La Place in Eindhoven, waar ze in 2012 werkte. ‘Ik zag een man mijn kant op rennen, hij moest langs mij om naar beneden te komen. Alle actiefilms die ik ooit had gezien flitsten in mijn hoofd voorbij. Ik bedacht dat ik hem met de pizzaschep op zijn hoofd zou slaan.’ Maar Verplak deed niets. ‘Ik kon me niet bewegen, ik kon niet gillen en mijn onderlijf voelde 30 kilo zwaarder. Alles leek in slow motion te gaan terwijl mijn gedachten razendsnel gingen.’

Neurowetenschapper Felix Klaassen, die het nut van bevriezingsreacties bestudeert aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, onderzocht voor zijn promotieonderzoek wat er op zo’n moment in de hersenen gebeurt: ‘Door een korte bevriezing kun je de informatie beter verwerken. Het is een soort gedwongen pauze waarin je hersenen de kosten en baten van een volgende stap kunnen afwegen, tussen bijvoorbeeld vechten en vluchten. Het helpt je beslissingen te nemen.’

‘Het is doorgaans ontzettend nuttig om te bevriezen’, beaamt psycholoog Muriel Hagenaars, die aan de Universiteit Utrecht de bevriezingsrespons bestudeert. ‘Je koopt tijd om te reageren. Je stopt met bewegen, je hartslag gaat omlaag, maar je spierspanning stijgt. Cognitief lijkt het erop dat je een soort tunnelvisie krijgt en je juist erg alert bent.’

Soms is het na die eerste freeze te laat voor je gedroomde reactie. De overvaller was al langs Verplak gerend en stak twee verdiepingen lager op de roltrap haar oudere collega neer, die geprobeerd had de overvaller tegen te houden. De collega belandde in kritieke toestand in het ziekenhuis. ‘Hij had veel bloed verloren. En het was ook nog eens vlak voor zijn pensioen.’

Verplak kreeg last van een overweldigend schuldgevoelens jegens de gewonde collega. ‘Het heeft een gevoel van minderwaardigheid in mij aangewakkerd. Aan mij heb je niks, dat idee. Als ik actiefilms zag, The Matrix ofzo, dacht ik: zó had ik het moeten aanpakken – ik was jong.’

Urenlange verlamming

In gesprekken voor dit stuk omschrijven ervaringsdeskundigen uiteenlopende ervaringen als een freeze: van een korte immobiliteit tot urenlange verlamming, en van een heel alerte toestand tot een compleet in zichzelf gekeerde staat. Wat wel en geen freeze mag heten is niet afgebakend, maar psychologen onderscheiden de freeze van tonische immobiliteit.

‘De freeze is de primaire respons’, zegt psychiater en psychotraumatherapeut Ruud Jongedijk, verbonden aan ARQ Centrum’45 voor complexe traumaklachten. ‘De tonische immobiliteit komt later, bij de grootst mogelijke dreiging. Maar dát is wat in de volksmond vaak freeze wordt genoemd.’ De fases die je doorloopt bij oplopende dreiging noemt Jongedijk de ‘verdedigingscascade’.

Die cascade loopt van 1. voorzichtige oplettendheid (de freeze), naar 2. vluchten (flight) of 3. vechten (fight), naar 4. verstijfde angst (fright, de tonische immobiliteit), naar 5. verslappen (flag of flop), en 6. flauwvallen (faint). De tonische immobiliteit, zegt Klaassen, is meer afgesloten dan die eerste freeze: ‘Dat is een laatste redmiddel, je wacht tot het voorbijgaat en hoopt er zonder veel schade af te komen.’ In deze fase kun je ook gaan dissociëren, zegt Jongedijk: ‘Dan verlaagt je bewustzijn, je komt in een soort droomstaat, en kunt ook helemaal wegvallen.’

Als het konijn of hert dat in de koplampen kijkt en na een paar seconden wegrent de freeze is, vergelijkt Hagenaars, dan is de dierenvariant van tonische immobiliteit de impala die voor dood speelt als hij door een hyena wordt gepakt. ‘Zo gauw de hyena is afgeleid, springt de impala op en rent weg. De functie is dat het roofdier hopelijk zijn interesse verliest.’

Ook die verstijving wordt beschouwd als een ingebouwd, onvrijwillig mechanisme dat onze overlevingskansen vergroot. ‘Bij een verstijving gebeuren allerlei dingen die heel mooi en nuttig zijn’, zegt Van Minnen. ‘Je bloedvaten trekken samen, als voorbereiding op een aanval. Je zult dan minder snel doodbloeden. Je lichaam verdooft ook pijn en emoties, dat is handig in het kader van overleving.’

Als vluchten of vechten niet kan, zegt Van Minnen, zie je vaak nog een andere reactie. ‘Dat noem ik ‘de vrede bewaren’. Dan ga je mee in wat een dader wil, in de hoop dat de agressie luwt.’ De afgelopen jaren wordt in het Engels vaak een vergelijkbare F aan het rijtje F’en toegevoegd: to fawn, vleien, pleasen. Er is flinke discussie onder psychologen of die er strikt genomen bij hoort. Van Minnen vindt de term fawn minder handig dan vrede bewaren. ‘Je kunt pleasegedrag ook zien als een karaktereigenschap. De vrede bewaren is situatiegebonden, dat kunnen alle dieren en mensen doen in gevaarlijke situaties.’

Gefeliciteerd

‘Ik ging mee in wat hij wilde, in de hoop er zonder kleerscheuren vanaf te komen’, zegt Lian Poelsma (31, natuurkundedocent) over de eerste ontmoetingen met de man die haar jaren zou misbruiken. Toen Poelsma in de brugklas kwam, sprak ze met een docent over het verlies van haar opa. De docent was net zijn vader verloren. ‘Ik voelde direct dat het contact niet klopte’, zegt Poelsma, ‘want hij begon intieme details te delen. Dan zei hij dat hij door mij problemen had met zijn vrouw. Hij gaf mij steeds het gevoel dat ik een schuld moest inlossen.’

Achteraf, zegt Poelsma, ziet ze haar meegaandheid als een soort bevriezing. ‘De derde keer dat ik hem sprak, zei hij mij dat ik na school naar het opslaghok naast zijn lokaal moest komen. Daar werd die bevriezing die ik al voelde één met mijn lijf, ik raakte verstijfd. Alles in me schreeuwde dat ik weg moest, maar ik wist dat als ik weerstand zou bieden, ik het niet zou overleven. Hij was veel sterker. Ik kon niets meer zeggen. Hij legde een arm om mijn nek en penetreerde mij, ik kon niets.’

Het misbruik ging door tot en met haar vijfde middelbare schooljaar, zegt Poelsma, altijd bevroor ze. Ze ging twee keer naar de vertrouwenspersoon, maar werd niet geloofd. Poelsma dissocieerde vaak. ‘Aan sommige momenten heb ik geen herinneringen. Ik heb mezelf zo in leven gehouden, zo zie ik het. Ik probeerde een veilige ruimte voor mezelf te creëren in mijn hoofd, dat heeft me veel ellende bespaard. Wat moest ik anders?’

‘Mensen schamen zich vaak voor hun reactie’, zegt Van Minnen, ‘maar zeker bij verkrachting zijn deze reacties levensreddend. Daarbij staat de dader bijna per definitie in rang of fysiek hoger dan jij, dus vechten is geen goede uitweg. Dat de ogen dichtbij zijn, triggert de hersenen ook. Die besluiten voor je: als ik doodstil blijf liggen, is mijn overlevingskans het grootst. En zo is het ook. Je kunt bijna zeggen: gefeliciteerd, je bent bevroren, goed gedaan.’

De kortetermijnuitkomsten bij seksueel geweld liggen beter voor mensen die in een freeze belanden, zeggen Van Minnen en Hagenaars. Volgens Amerikaans onderzoek lopen slachtoffers die bevriezen minder ernstige verwondingen op. Bij slachtoffers die niets zeggen, verloopt het delict ook minder ernstig. ‘Agressie lokt vaak agressie uit, dus als je niet beweegt, is je overlevingskans groter’, zegt Hagenaars.

Gewapende mannen

Dat is ook de ervaring van Karim (28, designer, deelt zijn achternaam niet omwille van zijn privacy). Achteraf heeft hij maar van één ding spijt: dat hij terug begon te praten toen hij werd aangevallen. Karim werd op een afspraak via datingapp Grindr ineens geconfronteerd met drie gewapende mannen. ‘Toen bevroor ik, tien of vijftien seconden, ik kon me niet bewegen. In mijn hoofd gebeurde veel tegelijk, en ook niets. Het was alsof ik kon uitzoomen: ik zag hen als de wolven en mijzelf als de prooi.’

De mannen wilden hem aanvankelijk afpersen met beeldmateriaal waaruit bleek dat hij homo is. ‘Ik begon terug te schreeuwen en zei dat ik al uit de kast was. Achteraf niet verstandig. Als ik dat niet had gedaan, was het anders afgelopen. Ik kreeg een snee in mijn arm, omdat ze een mes tegen me aan drukten. Toen hebben ze mij om beurten verkracht.’ Ook toen bevroor Karim, zegt hij, maar op een andere manier. ‘Mijn gedachten voerden me weg en ik ging daarin mee om er niet bij te hoeven zijn. Ik dacht alleen maar aan thuis. Maar ja, is het een keuze als er geen andere opties zijn?’

Karim is inmiddels ambassadeur van MenAsWell, een stichting voor mannelijke slachtoffers van seksueel geweld. ‘Ik denk dat het voor queer-mannen gemiddeld genomen makkelijker is om voor dit soort reacties uit te komen. De druk op heteromannen om stoer te zijn is groter, in mijn ervaring schamen zij zich meer.’

Uit onderzoek blijkt dat mensen harder oordelen over slachtoffers van verkrachting die zich niet hebben verzet – en slachtoffers kunnen ook hard over zichzelf oordelen. Over mannelijke slachtoffers van verkrachting wordt ook harder geoordeeld dan over vrouwelijke slachtoffers. Van Minnen wijst slachtoffers van seksueel geweld graag op het ‘overvalprotocol’. ‘Winkelpersoneel wordt verteld dat als je overvallen wordt, je het geld moet geven. Niet de held spelen. Mensen realiseren zich niet dat seksueel geweld ook vaak dodelijk afloopt. De hersenen reageren vanuit het idee: beter verkracht dan vermoord.’

Korte termijnwinst

‘Op de korte termijn is de freeze nuttig, maar op de lange termijn ervaren mensen vaak problemen’, zegt psychotraumatherapeut Jongedijk. Zo krijgen mensen die zijn bevroren vaker PTSS of depressie. ‘Mensen die bevroren zijn geven zichzelf vaak de schuld. Ze kunnen het aandeel van de dader bijna niet zien, omdat hun waarneming door een freeze verstoord kan zijn. Ze hebben daardoor geen realistisch beeld van de gebeurtenis.’ Jongedijk geeft deze cliënten vaak NET-therapie (narratieve exposure-therapie), een therapievorm waarover hij een boek schreef. Daarbij wordt zowel de traumatische ervaring als de context in detail doorgenomen. ‘Dan zien ze vaak ineens: goh, ik was eigenlijk nog heel klein toen die grote buurman zich aan mij vergreep.’

Helaas: als je een keer bent bevroren, is de kans groter dat het later nog eens gebeurt. Jongedijk: ‘Bij mensen die als kind getraumatiseerd zijn, zie je soms dat ze op latere leeftijd ook bij andere dreiging sneller verstijven of zelfs flauwvallen, dan wordt het verdedigingsmechanisme heel snel geactiveerd. Ze hebben geleerd dat vluchten of vechten zinloos is. Vrouwen zijn hier wat kwetsbaarder voor, omdat ze gemiddeld minder sterk zijn, maar ook vaak lager op de sociale ladder staan.’

Ook Poelsma bevriest soms nog als ze dreiging ervaart. ‘Ik had een autoritaire leidinggevende en als hij fel uit de hoek kwam, zonede ik uit. Dan moest mijn collega me wakker maken.’ Poelsma is lang in EMDR-therapie geweest om van herbelevingen af te raken die werden opgeroepen door geuren en structuren. ‘De stof van theedoeken lag voor mij bijvoorbeeld gevoelig, omdat hij mij daarmee heeft proberen te verstikken.’

‘Geuren, zoals aftershave, zijn een sterke trigger voor een freeze’, zegt Jongedijk, ‘maar het kan van alles zijn. Bij vluchtelingen die zijn gemarteld, kan het zien van een uniform hen weer doen verstijven. Dit kun je met traumatherapie afzwakken. Je leert dan dat die reacties tot het verleden behoren, toen je weerloos was. Als dat begrip er is, zal de overweldigende angst beter te hanteren zijn en zal je minder snel bevriezen.’

Knietje

‘Kijk om je heen, concentreer op je ademhaling en kom in actie.’ Op Instagram vertelt Martijn Bos, docent Krav Maga bij de Haarlemse Trojan Power Academy, wat je kunt doen om een freeze-reactie te verkorten. Bos trainde veel vrouwen die seksueel misbruik en (partner)geweld hebben meegemaakt. ‘Ik heb een vrouw getraind die zichzelf in kinderporno was tegengekomen. Ze bevroor aanvankelijk ook in de les, maar we maakten die bevriezing steeds wat korter.’

Bos weet dat het trainen van weerbaarheid bij misbruikslachtoffers gevoelig ligt. ‘Er is een groep feministen die zegt: vrouwen op zelfverdediging sturen is een vorm van victimblaming. Het kan impliceren dat vrouwen een verantwoordelijkheid hebben om van zich af te slaan. Zo verschuift de schuld. Ik snap waar dat vandaan komt, want mannen moeten hun poten thuis houden. Het punt is: dat doen ze niet.’ Volgens Bos kan het naast elkaar bestaan. ‘De aanvaller is schuldig aan de aanval, én je kunt jezelf zo goed mogelijk voorbereiden.’

We staan op de mat. ‘Ik ga nu je keel dichtknijpen, goed?’, zegt Bos. ‘Kijk, je bevriest. Intuïtief is je reactie om mijn handen los te trekken. Maar nu ga je er een knietje bij geven.’ Volgens Bos kun je reacties op aanvallen door repetitie in je muscle memory krijgen, ze tot een reflex trainen en zo je primaire respons aanpassen. Later, zegt Bos, ga je dit doen bij oplopende stress en vermoeidheid, bijvoorbeeld na tien rondjes rennen. Bos denkt dat zelfverdediging ook al ver voor een aanval preventief werkt: ‘Als je getraind bent, zul je al in een vroeger stadium mensen op afstand houden, omdat je een andere houding aanneemt. Je wordt geselecteerd als prooi vanwege je kwetsbaarheid.’

Ik blijf een beetje op twee gedachten hinken. Slaan en schoppen is onverwacht verrukkelijk, maar ik twijfel of ik in het echt ook zo’n vechtlust zal vertonen, en of de boel dan niet juist uit de klauwen loopt. ‘Jij houdt je ontzettend in, en jij bent wat, 1 meter 90, 90 kilo?’, zeg ik tegen Bos. Hij schudt zijn hoofd: ‘Ik kan van jou zo’n vechtmachine maken, dat je iemand als ik aankunt. Maar dan moet je het wel als een essentiële vaardigheid zien.’ Mijn ‘gevechtsbereidheid’ is een aandachtspunt, zegt Bos.

‘De reflex stoppen kan niet, maar we zijn ervan overtuigd dat je sneller uit een freeze kunt leren komen’, zegt Tineke van der Gulik. Als stafpsycholoog bij de Koninklijke Marechaussee is ze betrokken bij twee pilots om militairen te helpen presteren onder stress. ‘Zo oefenen mensen bij hun opleiding allerlei scenario’s, via nabootsingen of via een VR-bril, waarbij ze een pand doorzoeken waarin een zombie schuilt. Je kunt bijvoorbeeld je ademhaling gebruiken om de stressrespons onder controle te krijgen, zodat je die in echte situaties ook kunt beheersen.’

De eerste indruk is dat militairen inderdaad hun stressreactie kunnen beïnvloeden, zegt Van der Gulik: ‘Mensen kunnen sneller besluiten hoe ze verdergaan.’ Van der Gulik benadrukt dat een gewone burger dat niet per se hoeft te kunnen. ‘Hier is gevaar je beroep. Ik vraag mij af of je van niet-professionals kunt vragen dat ze zich voor allerlei scenario’s weerbaar maken. Dan denk ik: misschien moeten we iets aan die daders doen.’

Plastic pop genaamd Henk

Van Minnen vindt de belofte van zelfverdediging om bevriezing te voorkomen wat hoog gegrepen: ‘Je traint niet in een levensbedreigende situatie. Dit doe je om je beter te voelen in het hier en nu. Dat kan positief zijn, maar voorkom je daarmee dat je in een nieuwe situatie bevriest? Dat denk ik niet.’ Bevriezing kan iedereen overkomen, zegt Van Minnen: ‘Ook de best getrainde militairen. Ik zou zeggen: bevriezing moet je niet willen afleren, net zoals je niet wil afleren dat je je hand uit een kaars terugtrekt.’

Van Minnen denkt dat de focus meer op ‘verbale training’ zou moeten liggen: ‘Bij seksueel geweld is de dader in 80 procent van de gevallen een bekende. Je daartegen weren begint dus al als iemand na een date tegen je zegt: ‘Kom op, ik mag toch wel mee naar binnen voor een kopje koffie? Je hebt me al de hele avond lopen opgeilen.’

Lian Poelsma kreeg vaak tips over zelfverdediging: ‘Mijn moeder zei: je moet op krav maga gaan. Dat gaf mij bevestiging dat ik als kind niet goed genoeg was: had jezelf maar beter verdedigd, dan was dit niet gebeurd.’ Met het trainen van aanvalsscenario’s moet je ook steeds terug naar het trauma, zegt Poelsma: ‘Dan word je steeds teruggebracht naar dat moment om te bedenken wat je had moeten doen, maar daarmee verwerk je het gebeurde niet. Ik moest weer leren ruimte innemen in de maatschappij. Dat vind ik belangrijker dan tegen een plastic pop aanschoppen die Henk heet.’

‘Eigenlijk moeten we het meer over de weerbare samenleving hebben’, zegt Jongedijk. ‘De meeste mensen vinden het geweld dat hen is aangedaan niet het ergste, maar dat hun omgeving het niet erkende, en er soms zelfs aan meewerkte. Als je weet dat je ergens terecht kunt voor steun en begrip, sta je steviger in je schoenen. Als er dan tóch iets gebeurt, verwerk je het ook beter.’

Paar tientjes

‘In onze samenleving staat gecontroleerd handelen centraal’, zegt mijn schoonvader (ook al een psycholoog) als ik vertel over dit stuk. ‘Actie is is altijd van een hogere orde dan passiviteit.’ De held is altijd iemand die dóét, iemand die bovenop de overvaller duikt. Bij een bevriezing krijg je vaak dubbel straf: je hebt niet gehandeld, én moet daarna het oordeel van anderen en jezelf over dat nietsdoen verdragen. Van de drie automatische stressresponsen roept alleen bevriezing de vraag op: wat als ik dit of dat had gedaan?

Cassandra Verplak, die bij de overval bevroor, is inmiddels blij dat ze niets deed. ‘Voor die paar tientjes uit de kassa, bij zo’n groot bedrijf? Halleluja dat ik dat niet heb gedaan.’

Op een overvaller duiken kan een prijs hebben, stilstaan kan ook iets opleveren. Misschien is die fascinatie voor handeling wel onverantwoord. Misschien is dat ook onvermogen: een onvermogen om te accepteren dat we in sommige situaties niets kunnen doen om het ergste te voorkomen. Misschien zouden we wat vaker tegen elkaar mogen zeggen: gefeliciteerd, je bent bevroren.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next