Het leven: wat dachten we, wie waren we en hoe is het allemaal zo gekomen? Stella Bergsma stond als kind graag in de belangstelling, en dat is eigenlijk nog steeds zo. ‘Dat is gewoon wie ik ben, wat ik leuk vind en waar ik goed in ben.’
Grote verwachtingen is een zomerrubriek van Volkskrant Magazine waarin bekende Nederlanders uit hun fotoalbum putten en praten over hun verwachtingen.
Naam: Stella Bergsma
Leeftijd: 54
Is: schrijver, opiniemaker en zangeres
Bekend van: ze schreef de boeken Pussy Album en Nouveau Fuck, ze schrijft voor o.a. de Volkskrant, LINDA., en Humo, maakte de documentaire Sorry voor de tieten en verzorgde met Saskia Noort de theatervoorstelling Unbeschreiblich Weiblich.
‘Ik kon geen foto vinden van ons drieën: mijn vader, moeder en ik. Dat vind ik veelzeggend voor hoe wij als gezin waren. Met zijn drieën vormden we niet echt een happy family. Mijn ouders waren veel met zichzelf bezig. Voor een groot deel ben ik opgevoed door mijn oma. Zij paste drie keer per week op en ik logeerde vaak bij haar.
Mijn moeder was danseres, mijn vader kunstenaar. Hij had moeite om zijn weg in het leven te vinden. Vanaf mijn 7de kreeg hij driftaanvallen. Zijn boosheid reageerde hij af door mij te slaan. We hadden een moeizame band, maar creativiteit was iets dat we deelden. Hij leerde me naar jazzmuziek luisteren en naar schilderijen kijken. Op dat vlak was het een interessante man, maar het was niet zo’n toffe vader. Als kind vroeg ik weleens aan mijn moeder of ze van hem kon scheiden. Ik heb altijd gedroomd van zo’n vader die tegen mensen zei: ‘Dit is mijn prinsesje.’ Het had me enig geleken om zijn oogappeltje te zijn.
Nu klinkt het allemaal wel heel negatief. Mijn moeder leeft nog, zij vindt het heel naar als ik dit soort dingen zeg. Ze is ook echt een leuke, goede moeder, met wie ik het heel goed kan vinden. Maar het zijn gewoon geen mensen die geboren waren voor het ouderschap – ik zie ze als leuke, artistieke mensen die een kind kregen.’
‘De foto helemaal bovenaan dit artikel is mijn lievelingsfoto. Mijn geluk, mijn vreugde, mijn drang naar vrijheid en expressie waren groter dan mijn gezicht. Die blijdschap moést eruit. Dit is gewoon wie ik ben. Ik was een vrolijk kind – sowieso ben ik blij en zonnig van aard. De zee en het strand heb ik altijd geassocieerd met vrijheid. De wind in mijn haren, die grote ruimte, je kunt daar lekker schreeuwen of zingen in de wind, zonder dat iemand last van je heeft. Urenlang kon ik spelen, dansen en zingen in de branding.
De foto is gemaakt door mijn moeder, we gingen altijd naar Zandvoort als het mooi weer was. Ik was erg outgoing. Als kind ging ik in restaurants en in de trein met wildvreemden praten. ‘Hallo, ik ben Stella, wie zijn jullie?’ Overigens ben ik op de originele foto helemaal naakt. Toen ik hem op Facebook postte, vroegen mensen: ‘Ben je niet bang voor pedo’s?’ Nadat ik mijn vaginaatje eraf had geknipt, vroegen mensen hetzelfde, terwijl je toen alleen maar tieten zag die nog geen tieten zijn. Later mocht dat ook niet meer van Facebook. Deze foto toont de oprukkende preutsheid.’
‘Als kind wilde ik al actrice of zangeres worden. Ik was dol op toneelspelen, bedacht tv-shows waarin ik de hoofdpersoon was en de theme song zong. Met een vriendin had ik een band waarmee we liedjes en acts bedachten. We probeerden op te treden à la ABBA. Daar waren we fan van. Op deze foto heb ik een opgerold papiertje in mijn mond. Bij onze act deden we alsof we een sigaret rookten. Als we begonnen, drukten we die zogenaamd uit met onze hoge hakken. Dat vonden we cool.
Ook op school zat ik in allerlei bandjes. Ik dacht altijd: ik wil optreden, ik wil op dat podium. Entertainen was mijn lust en mijn leven. Ik heb het altijd leuk gevonden om in de belangstelling te staan. Die ‘sigaret’ kun je je nu natuurlijk niet meer voorstellen. Maar het waren de jaren zeventig, mijn ouders vonden sowieso alles goed. Een meisje in de buurt mocht ’s avonds na zevenen niet meer uit de tuin. Ik weet nog dat ik een keer tegen mijn ouders zei: ‘Mag ik ook een keer iets niet?’ Voor mij geeft dat aan dat een kind houvast nodig heeft. Regels geven je ook het gevoel dat je ouders om je geven.’
‘Een vriendinnetje en ik deden mee aan een talentenjacht in onze buurt in Naarden. Het was de eerste keer dat ik optrad. Niet voor ouders of vriendinnetjes, maar voor publiek. Het was heel anders dan ik had verwacht. Ik was gewend om succes te hebben. Op school kreeg ik bij toneelstukken altijd de hoofdrol. Daar ging ik vanuit. Als dat niet zo was, was ik gekrenkt in mijn ego. Ik heb altijd een groot ego gehad, maar niet op een kwaadaardige manier.
Ik dacht dat we zouden winnen, maar we wonnen niet en we kwamen ook niet goed uit de verf. We zongen een discoliedje en deden heel overdreven. Het was een soort spot, ‘Disco, wiehoeeee!’. Maar mensen hadden niet door dat het spot was. Ze dachten waarschijnlijk gewoon dat we domme huppelkutjes waren. Het was een confrontatie die ik nog steeds weleens heb: niet alles komt over zoals je het bedoelt. Op dat moment leerde ik dat optreden voor een publiek een vak apart is.’
‘In deze periode raakte ik opgesloten in mezelf. Die enorme drang tot expressie en dat gevoel van vrijheid voelde ik niet meer. Ik weet nog dat ik dacht: waarom ben ik niet meer zoals ik daarvoor was? Misschien was het hormonaal, ik kwam in de puberteit. Ik werd verlegener en was bang dat mensen me niet leuk vonden. Het voelde als een schisma: eerst was ik vrij en blij en ineens was dat over.
Misschien kwamen de dingen waar ik in mijn jeugd mee zat, dat mijn vader me sloeg, toen naar boven. Maar eigenlijk weet ik het gewoon niet. Ik schreef zware gedichten over hoe ik me voelde. Van jongs af aan hield ik een dagboek bij: ik heb zo’n vijf- à zeshonderd dagboeken. Schrijven was als ademen. Ik was steeds maar bezig met actrice worden, terwijl schrijven eigenlijk altijd is geweest waar ik het beste in was. Maar ik heb dat nooit serieus genomen. Grappig eigenlijk, denk ik nu: het ging me zo makkelijk af dat ik dacht dat het niet bijzonder was. Het was gewoon niet mijn ambitie. Als ik liedjes of een toneelstuk schreef, vond ik het schrijven het saaiste deel van het proces. Het ging mij om het optreden.’
‘Hier ging ik door een intellectuele ontwikkeling. Ik begon filosofen te lezen, Sartre enzo. Ik ging serieus nadenken over het leven, kreeg angstige gevoelens en had af en toe gevoelens van vervreemding. Ik vond mezelf nooit knap of mooi, maar op deze foto wel. Terwijl ik nu een angstig, verdrietig meisje zie dat helemaal niet zo stoer is als ze dacht en deed voorkomen. Ik was onzeker. Ik had last van puistjes, vond mijn kont te dik en ik vond mijn vriendin mooier.
Mijn vriendinnen hadden meer succes met jongens. Zij konden zich beter lief en bescheiden opstellen en ik was emotioneel afgesloten. Tegelijkertijd deed ik stoer door te zeggen dat ik niet in liefde geloofde en dat onzin vond. Uitgaan was heel belangrijk. De eerste keer dat ik alcohol dronk, was liefde op het eerste gezicht. Die liefde is nooit meer helemaal weggegaan. Met alcohol verdween de geremdheid. Alleen in de kroeg, met een biertje op, durfde ik met jongens te praten. Het duurde lang voordat ik normaal met het andere geslacht kon omgaan, ik was ook wantrouwig tegenover mannen. Eigenlijk was ik gewoon rijp voor therapie – daar komt het op neer. Maar dat kwam pas toen ik 20 was.’
‘Op deze foto was ik net geslaagd. Iedereen had een vlag met een rugzak buiten hangen, mijn vader had een kunstwerk gemaakt van mijn proefwerken. Dat vond ik superleuk en origineel. Dat zijn goede herinneringen.
Ik zat lekker in mijn vel, was over die stille periode heen. Dat kun je ook wel op de foto zien. Dit was mijn absolute lievelingsjurk, die had ik van mijn moeder gekregen. Ik was blij dat ik was geslaagd, want ik had het niet makkelijk op school. Ik had veel problemen. Docenten zeiden altijd: ‘Je bent heel slim, maar je lult te veel en je let niet op.’ Ik werd er vaak uitgestuurd.
Achteraf denk ik: dat is ADHD. Nu zou je daar speciale aandacht voor krijgen, maar toen werd ik gezien als rebels. Ik heb heel lang gedacht dat ik rebels was, of dat ik niet wilde deugen. Terwijl: aan veel dingen kon ik niets doen. Het waren allemaal slordigheidsdingen, die ik niet expres deed. Voor een toets had ik de verkeerde stof geleerd, waardoor ik bleef zitten, maar ik was al een keer blijven zitten. Toen werd ik van school gestuurd. Uiteindelijk ben ik geslaagd op een dag- en avondcollege.’
‘Deze foto is gemaakt in Brussel, tijdens een interrailvakantie met een vriendin. Ik was heel blij, al was ik enorm onzeker. Vooral over mijn figuur. In die tijden wilden we allemaal een klein kontje. Ik zag niet hoe schitterend ik was. Als ik deze foto nu zie, denk ik: waarom was ik geen fotomodel? Dat schaamhaar was toen geen issue. Dat was normaal. Als ik nu een foto met lichaamshaar deel, krijg ik kotsemoji’s.
Vlak na deze vakantie deed ik auditie bij meerdere toneelscholen. Ik werd niet aangenomen, dat was een klap in mijn gezicht. Ik ben filosofie gaan studeren aan de Universiteit van Amsterdam. Dat vond ik heel leuk, maar toen ik op kamers ging wonen, kreeg ik het zwaar. Ik kreeg last van angstvallen en durfde de deur niet meer uit. Op mijn 20ste moest ik weer thuis gaan wonen. Daarna ben ik zeven jaar in therapie gegaan.
Op mijn 27ste ontmoette ik Steven. Eerst hebben we twee jaar lang geneukt en daarna zijn we samen muziek gaan maken, met de band Einsteinbarbie. Ik was een aardige zangeres, maar niet de beste van de wereld. Ik denk dat ik niet opviel door mijn zang, maar door de liedjes die ik schreef. Toen werd ik benaderd door een uitgeverij en ben ik gaan publiceren.
Veel van wat ik wilde is uitgekomen, maar niet alles. Ik wilde vooral beroemd worden. Het maakte niet uit waarmee, als het maar iets creatiefs was. Mensen hebben de neiging om te denken: je bent een aandachtsjunk, je wil in de belangstelling staan. Alsof dat iets negatiefs is. Maar het is ook gewoon wie ik ben, waar ik goed in ben en wat ik leuk vind. Ik moet en wil anderen inspireren. Daarvoor ben ik voorbestemd.
Ik ben wel bekend geworden, maar het liefst wil ik internationaal bekend worden. Ik wil dat het boek dat ik nu schrijf wordt vertaald en verfilmd, zodat ik geld heb om een huis te kopen in Spanje voor mij en Steven. Ik vond geld altijd saai, maar ik zou wel rijker willen zijn dan nu. Nu heb ik bijna niets, omdat ik aan mijn boek aan het werken ben. Mijn diepste verlangen, naast beroemd worden, was de liefde van mijn leven vinden. Die heb ik gevonden. En ik wilde goede vriendschappen en die heb ik ook. Liefde en kunst – daar gaat het om in het leven.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant