In het verkiezingsprogramma van NSC staat het raamwerk van oprichter Pieter Omtzigt nog overeind. Daarmee lijkt de partij vooral een veilige weg te hebben gekozen. De vraag is of de kiezer daar ook voor warmloopt.
is politiek verslaggever van de Volkskrant
Wat is NSC zonder oprichter en voormalig partijleider Pieter Omtzigt? Sinds zijn vertrek uit politiek Den Haag in april dit jaar, vanwege onvoldoende herstel van een burnout, hangt die vraag nog altijd in de lucht. Omtzigt liet de partij enigszins verweesd achter. Niet alleen gold hij als politiek uithangbord, ook zette hij de inhoudelijke koers van de partij neer. Nu de partij zich tegen wil en dank opmaakt voor een nieuwe verkiezingsstrijd, dient de vraag zich aan hoeveel overblijft van de politieke ideeën waarmee Omtzigt de partij oprichtte.
Veel, zo blijkt na lezing van het conceptverkiezingsprogramma dat NSC zaterdag naar de leden heeft gestuurd. Het raamwerk dat Omtzigt twee jaar geleden met zijn mede-oprichters neerzette, is overeind gebleven. Dat is ook niet zo gek, het programma van 2023 gold als basis voor het nieuwe verkiezingsprogramma.
Bovendien koos NSC na het definitieve vertrek van Omtzigt doelbewust en nadrukkelijk voor een voortzetting van zijn koers. Zo droeg het partijbestuur demissionair minister van Sociale Zaken en vicepremier Eddy van Hijum voor als nieuwe partijleider. Van Hijum geldt als vertrouweling van Omtzigt en hielp hem zowel bij de oprichting van de partij als bij de kabinetsformatie na de vorige verkiezingen.
Nog altijd ziet NSC zichzelf dan ook vooral als de partij die zich hard maakt voor ‘bestaanszekerheid’ en ‘goed bestuur’. Net als bij de vorige verkiezingen rept de partij over het ‘herstellen van vertrouwen in de overheid’. De partij wil vechten voor ‘verandering, een betere en betrouwbare overheid’. Dat NSC als coalitiepartij afgelopen jaar zelf aan de knoppen zat en deel uitmaakte van een kabinet dat het vertrouwen ook niet heeft weten op te krikken, doet daar volgens Van Hijum niets aan af. Te midden van ‘alle tumult’ heeft NSC wel degelijk gewerkt aan het herstel van vertrouwen, aldus de lijsttrekker in het voorwoord.
Toch valt onder de noemer ‘goed bestuur’ ook direct op wat er allemaal niet is gelukt. In het hoofdstuk worden de welbekende plannen van Omtzigt over het constitutioneel hof en een nieuw regionaal kiesstelsel van stal gehaald. Juist die plannen belandden afgelopen jaar op een dood spoor. Het geld dat voor het constitutioneel hof was gereserveerd, wordt gebruikt voor extra gevangenispersoneel. Onder meer NSC stemde daar voor.
Wat wel opvalt, zijn de kleine speldenprikjes die in het programma worden uitgedeeld aan voormalig coalitiegenoot PVV. Zo wil NSC dat Kamerleden ‘hun werk serieus nemen en aanwezig zijn’, een verwijt dat juist de PVV-fractie ten deel viel. NSC wil kijken of er sancties kunnen komen voor Kamerleden die onvoldoende aanwezig zijn.
Maar los daarvan lijkt goed bestuur na de ontnuchtering van de kabinetsdeelname iets minder hoog op de prioriteitenlijst te staan. Onder Van Hijum zet NSC nog nadrukkelijker dan de vorige keer in op bestaanszekerheid. Het hoofdstuk daarover leest bovendien deels als een uiteenzetting van beleid dat de partijleider in zijn rol als minister van Sociale Zaken inzette.
Op het onderwerp vaart NSC een opvallend linkse koers. Het meest in het oog springende plan van de bestaanszekerheidsagenda is de stapsgewijze verhoging van het minimumloon naar 18 euro per uur (nu nog 14,40 euro). Daarmee sluit de partij aan bij de SP, al willen de socialisten de verhoging direct doorvoeren.
NSC koppelt bestaanszekerheid ook aan de wooncrisis, maar komt op dat gebied met een mix aan linkse en rechtse plannen. Aan de ene kant moet speculatie op de woningmarkt worden aangepakt, bijvoorbeeld door een heffing voor doorverkoop binnen drie jaar. Aan de andere kant laat NSC de hypotheekrenteaftrek ongemoeid, terwijl onder meer de De Nederlandsche Bank waarschuwde voor het prijsopdrijvende effect daarvan.
Migratie is ten opzichte van het vorige verkiezingsprogramma wat verder naar de achtergrond verdrongen, iets wat ook al opviel in het programma van de VVD. Bij NSC komt het onderwerp pas aan bod op de helft van het lijvige document.
Op dat gebied wordt de eerder door Omtzigt ingezette koers vastgehouden. Net als twee jaar geleden wil NSC een ‘migratiesaldo’ van 50 duizend migranten. Dat is fors minder dan het huidige saldo van jaarlijks 70- tot 110 duizend. Om dat te bereiken, richt NSC zich vooral op arbeidsmigratie: de grootste groep migranten.
De grote vraag blijft wel hoe NSC de plannen precies wil bekostigen. Zaken als de verhoging van het minimumloon, het hervormen van het arbeidsongeschiktheidsstelsel en de introductie van een versnellingsfonds voor de woningmarkt, lopen al snel in de vele miljarden.
NSC wil de kosten ‘eerlijk’ over de samenleving verdelen, maar hoe dat er precies uitziet is onduidelijk. Toch zal de partij daar wel degelijk een plan voor moeten hebben. In tegenstelling tot twee jaar geleden, laat NSC het verkiezingsprogramma dit jaar wel doorrekenen door het Centraal Planbureau.
Met de voortzetting van de koers van Omtzigt lijkt NSC vooral voor een veilige weg te hebben gekozen. Maar de grote vraag is in hoeverre de kiezer daardoor wordt getrokken. Velen die de vorige keer het vertrouwen aan de partij gaven, deden dat toch vooral in de hoop dat Omtzigt zijn plannen zelf kon waarmaken.
Alles over politiek vindt u hier.
Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant