Home

Plastictop mislukt: steun VS aan olielanden bleek nekslag

Vervuiling Het lukt landen in Genève niet tot overeenstemming te komen voor een akkoord. Nadat de Verenigde Staten zich bij een kamp tegenstanders aansloten, werd een beoogde deal uitgehold.

Foto Jana Rodenbusch/Reuters

We produceren meer dan tweehonderd keer zoveel plastic als in 1950. (Micro-)plastics vervuilen oceanen, de lucht, bodem, ons lichaam en de placenta’s van de ongeboren baby in de buik. Plastic draagt steeds sterker bij aan klimaatverandering. Toch is het niet gelukt om een ambitieus akkoord te sluiten tegen plasticvervuiling.

Diplomaten van 184 landen onderhandelden sinds vorige week dinsdag in het Zwitserse Genève met de bedoeling een akkoord te sluiten. Namens Nederland is staatssecretaris Thierry Aartsen (VVD, IenW) aanwezig. De gestelde deadline was donderdag, maar het lukte niet tot overeenstemming te komen. Momenteel praten landen nog met elkaar over hoe ze nu verder gaan.

Woensdag werd uit een tussentijds voorstel van de Ecuadoriaanse voorzitter duidelijk dat er geen ambitieuze deal op komst was. Zowel schadelijke chemicaliën in plastic als het inperken van (toekomstige) productie van plastic werden niet geadresseerd. De Franse president Emmanuel Macron noemde het voorstel op X „zwak” en „onacceptabel”. Milieuclub Greenpeace noemde de tekst „een cadeau aan de petrochemische industrie en verraad van de mensheid”.

In 2022 spraken landen met elkaar af een deal te sluiten om de „hele levenscyclus” van plastic te adresseren; een formulering die de deur openzette om ook de productie van plastic aan te pakken. In vijf onderhandelingsrondes zou dat moeten gebeuren, waarbij nummer 5 in Zuid-Korea afgelopen december mislukte – in Zwitserland was de herkansing.

Bijna honderd landen (inclusief Nederland) hadden ervoor gepleit afspraken te maken over het beteugelen van de productie van plastic. Door de massaproductie en goedkope prijs van nieuw plastic is recycling veelal economisch oninteressant. Bovendien maakt het plastic aantrekkelijk om voor wegwerpproducten te gebruiken.

Volgens wetenschappers moet, om vervuiling echt terug te dringen, de wereldwijde plasticproductie omlaag. Als er geen beperking wordt opgelegd aan productie, kan het plasticafval dat in het milieu terechtkomt in 2050 verdubbelen (tot 121 miljoen ton), zo stond eind vorig jaar in wetenschapsblad Science. Een van de onderzoekers noemde het eerder in NRC „van alle onderzochte interventies de meest effectieve manier om de broeikasgassen die worden uitgestoten door plastic te verminderen”.

Landen zijn vooral bezorgd dat de productie van plastic nog veel harder zal groeien. Volgens de Oeso (economisch samenwerkingsverband) kan zonder politiek ingrijpen de plastic productie en gebruik in 2040 nog eens met 70 procent gegroeid zijn (gemeten vanaf 2020). Minder dan 10 procent van het afvalplastic wordt gerecycled.

Toch was al duidelijk dat een aantal landen een limiet aan plasticproductie niet zou steunen. Tegenstand kwam vooral van olie- of plasticproducerende landen als Saudi-Arabië, Rusland, Iran en Maleisië. Een onderhandelaar zei tegen nieuwssite Climate Home dat openlijk werd uitgesproken dat een verdrag export niet in de weg moest staan. De afgevaardigde van Koeweit zei zaterdag tijdens plenaire onderhandelingen dat een eventueel verdrag wel hun „belangen en ontwikkelingspraktijken” zou moeten beschermen.

Olielanden verwachten al een verminderde vraag door de elektrificering van auto’s. Plastic is naar verwachting de grootste toekomstige groeimotor van de vraag naar olie. Deze landen wilden een verdrag dat zich alleen zou focussen op afvalmanagement. Zij kregen daarin bijval van olie- en chemische bedrijven. Volgens Greenpeace waren er bij de top vier keer zoveel lobbyisten van dit soort bedrijven aanwezig als wetenschappers.

Machtige bondgenoot

Bovendien kreeg dit kamp deze onderhandelingsronde een machtig bondgenoot met de Verenigde Staten. Waar vorig jaar nog uitlekte dat de regering-Biden een deal met productiebeperkingen zou willen steunen, waren de kaarten onder de regering-Trump heel anders geschud. Persbureau Reuters onthulde dat de Verenigde Staten brieven rondstuurde waarin ze waarschuwden een wereldwijde deal met het beperken van plastic productie en/ of bepaalde chemische toevoegingen niet te gaan steunen. Ook diende het een formeel voorstel in om het onderhandelingsdoel alsnog te beperken tot het management van plasticafval. De VS zijn na China de grootste producent van plastic, dankzij de overvloed aan goedkoop schaliegas in het land.

Nederland pleitte met de rest van de Europese Unie, Canada, Australië, Peru, Chili en veel Afrikaanse landen zoals Ghana en Nigeria voor een zo ambitieus mogelijk akkoord. Landen als Indonesië, Japan en Zuid-Afrika waren niet zo uitgesproken, maar opperden teksten zoals dat landen moesten „samenwerken om duurzame consumptie en productie van plastic gedurende hun levenscyclus te bevorderen”, of dat landen de consumptie en productie van plastic zouden moeten „managen”.

De onderhandelingen leken dagenlang hopeloos. Olielanden blokkeerden ingrijpende afspraken, terwijl ambitieuze landen juist waarschuwden dat ze liever géén akkoord mee naar huis namen dan een slecht akkoord. Zo zei de vertegenwoordiger van Panama over een mogelijk akkoord zonder de inperking van plasticproductie: „De slechtste uitkomst voor Panama is niet dat men het oneens blijft, maar dat er een akkoord komt dat niks zal veranderen.”

Een van de discussies tijdens de top ging over of er een akkoord moest komen op basis van consensus, of een stemming. Dat zou eigenlijk al in 2023 besloten zijn, maar dat lukte toen niet en het bleef sindsdien een discussiepunt. Olielanden als Saudi-Arabië hamerden op consensus, net zoals ze al jaren doen bij de reguliere klimaattoppen (waarbij ze vervolgens alle ambitie uit een akkoord proberen te houden).

Bondgenoot Koeweit benoemde tijdens de onderhandelingen het belang van de volgende generatie. Niet om ze te beschermen tegen een wereld vol plasticvervuiling, maar omdat juist voor hen naar het standpunt van olielanden moet worden geluisterd. Want, aldus Koeweit, „kinderen is verteld dat inclusie betekent respect voor alle meningen en perspectieven. Het tot zwijgen brengen van welke stem dan ook zou dit principe verraden.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Economie

Een overzicht van de verhalen die de economieredactie vandaag heeft gemaakt

Source: NRC

Previous

Next