Home

Schnitzels zonder Gucci-tas dus niet voor de elite

Leidt deze smalle grensweg door het bos echt naar het Duitse restaurant dat tot ver in Nederland wordt aangeraden? Dan verwacht je toch meer drukte, veel meer begerige Hollandse toeristen? Maar dan zien we een bord tussen de bomen: ‘Nur noch 500 meter bis zum Brotzeit’. Brotzeit is een hartige Beierse snack van kaas en vlees. We zitten goed!

Beim Schweinswirt (bij de varkensboer) in Uelsen komt in zicht. De gasten zitten er in een tot restaurant omgebouwde varkensstal aan zware tafels onder dikke houten balken. Licht valt binnen door vakjesramen in de bakstenen muren. Muurschilderingen van berglandschappen. Zuid-Duitsland, maar dan net over de grens bij Ootmarsum.

De menukaart torst vooral schnitzels. Die worden geserveerd in braadsledes, met verschillende sauzen en gebakken aardappelen. Grote porties, maar met schnitzels van een kilo zijn ze gestopt. Je kunt ook overdrijven. Populair is het draadjesvlees uit oma’s sudderpan, met aardappelen en rode kool. En de runderrollade. Bij elk gerecht krijg je een pul bier van een halve liter.

Honderden klanten per maand komen er, vooral Nederlanders. Ze zijn in de buurt op vakantie, ze hebben net over de grens goedkoop getankt of geshopt. Anderen hebben er een flinke autorit voor over. Het gaat van mond tot mond: de luxe van een mooi stuk vlees voor een fatsoenlijke prijs! Waar krijg je dat nog? In Nederland nergens meer, zeggen Anne (64) en Jenny (61) uit Coevorden.

Zij gaan regelmatig naar Uelsen. Sowieso gaan ze graag over de grens uit eten, de prijs-kwaliteit ligt gunstiger, leggen ze uit. Wim (68) en Greet (65) uit Ede zijn in de buurt op vakantie en komen hier voor het eerst, op advies van vrienden. Zij aten beiden een Jägerschnitzel, die werkelijk geheel naar hun zin was.

Eigenaresse Esther Lelieveld (53) komt niet uit de horeca maar rolde erin toen zij en haar toenmalige echtgenoot hun melkveeboerderij in Oost-Duitsland verkochten. Deze plek kwam op hun pad, ze begonnen hier in 2009. Een adviseur voor horecaconcepten had gezegd: geen standaard menukaart. Je moet gasten een belevenis bieden.

Het werd een Beierse belevenis. Een schnitzelparadijs. En een familierestaurant. Opa, oma, de hond, iedereen moet zich welkom voelen. Kinderen hoeven niet aan tafel te blijven, maar kunnen buiten en binnen spelen.

Het duurde drie jaar voordat het ging lopen. Ze hielden vol. Het vlees komt van leveranciers uit de buurt. „Ik wil geen vlees uit Polen waarvan ik niet weet wat ermee is gebeurd.”

Ze zijn er niet voor de elite. Esther noemt dat de categorie Gucci-tas. Als klanten vragen of er een wijnkaart is, is het antwoord: ‘Nou, nee.’ Tegen de meisjes met hun geblokte bloesjes met pofmouwtjes zegt ze: ‘Het maakte me niets uit of je over links of over rechts serveert, als je maar vriendelijk bent tegen de mensen.’

Buiten, naast het terras, scharrelen de Bentheimer varkens Rudy en Roxy in een stukje weiland met modderpoel. Het zijn mijn mascottes, zegt Esther, ze zijn heel slim. Ze kunnen kunstjes. Als je zegt ‘zit’, dan gaan ze zitten. De gasten kunnen zo zien waar hun schnitzels vandaan komen. Nou ja, symbolisch dan. Want Rudy en Roxy worden niet opgegeten. Nooit, zegt Esther.

Source: NRC

Previous

Next