Nationale Herdenking 15 augustus
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Deze vrijdag staat Nederland met de Nationale Herdenking bij het Indisch Monument in Den Haag stil bij het feit dat het keizerrijk Japan tachtig jaar geleden capituleerde. Daarmee kwam definitief een eind aan de Tweede Wereldoorlog. En dat maakt 15 augustus 1945 ook zoveel jaar later nog steeds een datum om te vieren.
Het is echter een ambigue herdenking. Ja, de Japanse nederlaag betekende de redding voor Nederlandse onderdanen die in de voormalige kolonie Nederlands-Indië door Japan onder moorddadige omstandigheden waren geïnterneerd. De redding ook voor de Indonesische bevolking, met name op Java waar ten gevolge van de Japanse bezetting twee miljoen mensen omkwamen van de honger.
Maar tegelijkertijd was die Japanse overgave afgedwongen door twee atoombommen die de Verenigde Staten hadden afgeworpen boven Hiroshima en Nagasaki. Enkele honderdduizenden inwoners werden daarbij gedood, meer zouden later bezwijken door stralingsziekte en kanker. En zo was een nieuw tijdperk ingeluid waarbij totale nucleaire vernietiging van de mensheid een reële mogelijkheid was geworden. De oorlog die Rusland nu voert tegen Oekraïne op het Europees continent is mede daardoor zo extreem gevaarlijk.
Een herdenking is doorgaans een gelegenheid waarbij de blik achterwaarts is gericht. In dit geval was het einde van de ene oorlog ironisch genoeg het begin van een volgende: Nederland tegen de Republiek Indonesië. Die werd op 17 augustus, twee dagen na de Japanse capitulatie, geproclameerd door Soekarno en Mohammad Hatta. Al tientallen jaren streden verschillende groeperingen in de kolonie tegen de Nederlandse repressie en voor onafhankelijkheid. De snelle nederlaag van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger (KNIL) tegen de Japanse troepen in 1942 en de daaropvolgende bezetting hadden de facto een eind gemaakt aan de kolonie Nederlands-Indië.
Deze dag worden ook de duizenden slachtoffers herdacht van opstandige jongeren en moorddadige bendes die in 1945 aanvankelijk tijdens de zogeheten Bersiap iedereen die met het koloniale regime werd geassocieerd naar het leven stonden. De Nederlandse militairen die sneuvelden tijdens de koloniale oorlog worden eveneens herdacht. Maar ook de zeker honderdduizend Indonesiërs die het slachtoffer werden van ‘structureel extreem geweld’, ofwel oorlogsmisdrijven, van Nederlandse zijde.
Dit jaar zal voor het eerst de koning spreken bij de herdenking. Eerder heeft hij al terecht zijn excuses uitgesproken in Jakarta voor het Nederlands optreden. Bij monde van voormalig minister-president Rutte heeft de regering eerder ook verontschuldigingen in breedste zin uitgesproken aan iedereen die te lijden heeft gehad onder falend optreden van de Nederlandse politiek en van ‘de strijdkrachten als instituut’.
Dit is echter ook een dag om vooruit te kijken, naar de toekomst van de Indonesisch-Nederlandse relaties, bijvoorbeeld. Steeds meer wordt duidelijk dat vasthouden aan de idée fixe dat Nederland in december 1949 Indonesië zijn soevereiniteit heeft ‘geschonken’ berust op een koloniale misvatting. Voor een volwassen en voorspoedige relatie tussen beide landen is het noodzakelijk dat de Nederlands regering eindelijk ook erkent dat Indonesische staat niet alleen moreel, cultureel of als feestdag ook gewoon de jure bestaat sinds de proclamatie van de Republiek op 17 augustus 1945.
Source: NRC