Waar lopen de correspondenten van de Volkskrant tegenaan in hun dagelijkse leven? Vandaag: Patrick van IJzendoorn blijft deze zomer in Londen, waar het warmer én droger is dan in Utrecht.
is correspondent Groot-Brittannië van de Volkskrant.
White City. East Acton. North Acton... met elke halte van de Central Line lijkt het kwik een graad te stijgen. De passagiers van deze Londense metrolijn, een snelle oost-westverbinding, baden in het zweet. Het ruikt naar oksel. Uit de luidsprekers komt de mededeling om een fles water mee te nemen op deze tropische dag. Het moet dik in de 30 graden zijn geweest, rond de 100 graden Fahrenheit voor de Engelssprekenden. Dat is hoger dan de maximaal toegestane temperatuur bij een veetransport. Bij station Hanger Lane kunnen we de rammelende broeikas verlaten.
Zelden neem ik de metro in Londen. De drukte, het lawaai en de kosten houden me tegen. Maar uitgerekend op een van de warmste dagen van het jaar was er geen ontkomen aan omdat ik mijn zoon en zijn vriendjes moest vergezellen voor een feestelijk potje footygolf, de combinatie van voetbal en golf. Tot overmaat van ramp waren we aangewezen op de Central Line, die bij Londenaren bekendstaat als de warmste ‘tube’ van hun stad, al is uit officiële statistieken gebleken dat de Victoria Line nog iets warmer is. De Central Line is oud, remt veel en loopt voor een groot deel bovengronds.
Op hete dagen is het Londense metronetwerk, het oudste ter wereld, een oven. Dat was niet altijd het geval. ‘De Ondergrondse is de enige comfortabele plek op hete dagen – het is koel onder de grond’, zo luidde bijna honderd jaar geleden de boodschap op een poster. In een nieuw aangelegde tunnel bedraagt de temperatuur aanvankelijk zo’n 14 graden, maar dat stijgt door de jaren als gevolg van intensief gebruik en matige ventilatie. Tijdens een ‘scorcher’, zoals de Britten een snikhete dag noemen, is het dan ook prima uit te houden in een nieuwe lijn als de Elizabeth Line, die in 2022 door de naamgever werd geopend.
Wat weleens wordt vergeten is het feit dat Londen een droge en warme stad is, hetgeen niet past bij het cliché dat het in Engeland ‘altijd regent’. In de hoofdstad valt gemiddeld tussen de 550 en 600 millimeter regen per jaar. Ter vergelijking: in Utrecht ligt dat aantal boven de 800. Warmer is het ook – de stad ligt dan ook zuidelijker. Twee keer in de afgelopen kwart eeuw is het kwik in Londen de magische grens van 40 graden gepasseerd, op 10 augustus 2003 en op 19 juli 2022. Omdat de stad omringd is door heuvels, met name ten noorden en ten zuiden, blijft de hitte er lang hangen.
Waar in de winter bij vorst reeds wordt gesproken over Siberische omstandigheden, worden hier in de zomer vergelijkingen gemaakt met de Sahara wanneer het warmer dan 30 graden is. De stad is niet berekend op hittegolven die tegenwoordig meer regel dan uitzondering zijn. Oudere flats hebben geen balkons, langs de straten staan te weinig bomen en sommige wachters van het koningshuis dragen nog steeds, ook in de zomer, berenmutsen. Er is hoop. Begin jaren dertig komt er geld voor nieuwe metrowagons met airco, heeft Transport for London beloofd.
Op zoek naar Cool Britannia herontdekken de Londenaren langzaam maar zeker het water, waarmee ze voorbeeld volgen van de stedelingen in Wenen, Basel en Parijs. De Theems is door de jaren schoner geworden, behalve op dagen wanneer het private nutsbedrijf Thames Water overtollig rioolwater loost. Aan de westzijde van Putney Bridge, stroomopwaarts, mag worden gezwommen. Aan de oostelijke kant van de stad, waar deze getijdenrivier verraderlijk kan zijn, moeten ‘wildzwemmers’ het doen met een duik in de dokken van de Docklands, tussen de wolkenkrabbers.
Echt wild is dat laatste trouwens niet. Zwemmen tussen het geld kost 8 pond.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant