is natuurkundige, oud-politicus en columnist van de Volkskrant.
Zes jaar geleden adviseerde ik u vanaf deze plek om alvast 25 maart 2027 prominent in uw agenda te noteren, want dat beloofde een buitengewoon feestelijke dag te worden: de eerste dag ooit waarop er méér duurzame energie dan extra energievraag bijkomt. Op die dag heeft de wereld dus voor het eerst sinds 1760 mínder fossiele brandstoffen nodig dan de dag ervoor.
Zes jaar geleden was er daarvoor nog een heel lange weg te gaan, want de wereldwijde energievraag nam toen vier keer zo snel toe als de hoeveelheid duurzame energie, dus ik zou er zomaar een paar jaar naast kunnen zitten, zo luidde de winstwaarschuwing. Wie weet wat er in de wereld allemaal nog zou gebeuren.
In zes jaar tijd hebben we vervolgens een pandemie, een oorlog en Trump voor de kiezen gekregen. Je kunt je voorstellen dat de wereld wel wat anders aan zijn hoofd heeft gehad, dan zorgeloos een paar zonnepanelen neerleggen. Mijn voorspelling zat er dus inderdaad een paar jaar naast. Die feestelijke dag komt namelijk twee jaar eerder!
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Huh? Jazeker, ondanks covid, Oekraïne en Amerikaanse gekkigheid is de groei van duurzame energie de afgelopen jaren alleen maar versneld. Het gaat dus dit jaar al gebeuren. De exacte dag is natuurlijk niet vast te stellen, daarvoor is de wereldgemeenschap te grillig, maar ergens dit jaar komt die dag dat de CO2-uitstoot voor het eerst in de moderne geschiedenis begint te dalen. Een mijlpaal waarvan we lang vreesden die nooit te zullen bereiken.
Dit heuglijke moment is overigens geen reden tot verpozen. Niet alleen duurzame energie is aan een opmars bezig, klimaatverandering helaas ook. Als de mensheid de race met het klimaat alsnog wil winnen, zal de CO2-uitstoot hierna heel snel moeten dalen. De ontwikkeling van duurzame technologie moet dus nóg harder gaan.
En gelukkig gáát het hard. Adembenemend hard. Alleen al in de maand mei van dit jaar werd er in China maar liefst 900 vierkante kilometer aan zonnepanelen neergelegd. Dat zijn zevenduizend panelen per minuut, 24/7. In dit tempo produceert China volgend jaar meer schone zonnestroom dan de gehele elektriciteitsvoorziening van de EU. Ook andere duurzame bronnen gaan als een speer. De komende vier jaar wordt er naar verwachting wereldwijd net zoveel windvermogen bijgeplaatst als in de afgelopen zeventig jaar bij elkaar.
En voor de sombermansen die sippen dat je dan geen stroom hebt in een windstille nacht, de productie van batterijen vertienvoudigde in de afgelopen vijf jaar en de kosten daalden sinds 2010 met 90 procent. Batterijen zijn daarmee op dit moment de snelst groeiende commerciële technologie op aarde. Die batterijen overbruggen stroompieken en dalen van enkele uren, voor de grijze windstille winterweken is er waterstof als energiedrager. De projecten die daarvoor in Europa op de tekentafel liggen en deels al worden gebouwd zullen die schone brandstof met een factor 25 vergroten tussen nu en 2030. Overal doet de vooruitgang je duizelen.
Behalve dan in Nederland. Daar besloot de regering deze zomer om de doelstelling voor offshore windenergie voor de komende vijftien jaar met maar liefst 30 procent te verlágen. Ze legde uit dat dat nodig is omdat de Nederlandse industrie langzamer dan gedacht overschakelt van fossiele brandstoffen naar schone elektriciteit of waterstof en noemde het nieuwe doel ‘realistischer’. Ammehoela.
Een paar weken eerder had minister Sophie Hermans haar pogingen om de Nederlandse industrie te verduurzamen gestaakt, nadat de coalitie haar budget had geplunderd. Dat realisme is dus niets anders dan een zelfgecreëerde werkelijkheid. Erger nog dan deze drogredenering is dat zulke strapatsen de concurrentiekracht van Nederland grote schade toebrengen. Wie langer blijft hangen in fossiele brandstoffen, blijft langer afhankelijk van dure en onbetrouwbare import van elders. Niet voor niets beveelt Mario Draghi in zijn rapport De toekomst van Europese concurrentiekracht aan om de verduurzaming van de energievoorziening en industrie juist te versnellen.
Enige tijd gold het energie- en industriebeleid van deze coalitie als een beleidsterrein dat nog enigszins ongeschonden uit de destructieve formatie was gekomen. De VVD was er maar wat trots op. Eén jaar Schoof blijkt helaas net lang genoeg om ook dit dossier op de brandstapel met vastgelopen dossiers te laten belanden. Nederland stelt het feestje dus nog even uit.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant