In de periode april-juni 2025 zijn 305.000 werknemers in Nederland van werkgever veranderd, 3,8 procent van het totaal. Drie jaar eerder waren dat 358.000 werknemers, 4,7 procent van ’s lands werkenden. Managers veranderen het minst van werkgever. Dat heeft statistiekbureau CBS vanochtend gemeld in zijn rapport over ‘baanwisselaars’.
Volgens het CBS is het verschil met drie jaar terug te verklaren door een minder krappe arbeidsmarkt. Het aantal werklozen daalde met 4.000 ten opzichte van het eerste kwartaal van 2025. Op dit moment zijn er voor elke 100 werklozen 101 openstaande vacatures. Halverwege 2022 was de krapte het grootst in vijftig jaar: toen waren er per 100 werklozen 143 openstaande vacatures. Doordat sindsdien de tekorten op de arbeidsmarkt afnamen, daalde ook het aantal baanwisselaars, concludeert het CBS.
Werknemers in de agrarische sector (5,7 procent) stappen het vaakst over van werkgever, gevolgd door de transport- en logistieke sector (5,5 procent) en de dienstverlenende sector (5,5 procent). Managers (2,3 procent), pedagogisch medewerkers (2,6 procent) en ict’ers (2,8 procent) wisselden het minst van werkgever. Vooral werkenden in dienstverlenende en commerciële beroepen combineerden onderwijs volgen met een (bij)baan.
Bijna twee derde van de baanwisselaars (62 procent) had een flexibele arbeidsovereenkomst, bijvoorbeeld een tijdelijke contract of oproepovereenkomst, zoals een nuluren- en min/maxcontract. De overigen zegden een vaste baan op voor hun overstap.
Een overzicht van de verhalen die de economieredactie vandaag heeft gemaakt
Source: NRC