Home

Opinie: Geert Wilders roept, maar wie luistert naar de stemmen van Marokkaanse Nederlanders?

In Nederland doen de ervaringen, wensen en verhalen van Marokkanen er niet toe – tenminste, niet op hun eigen voorwaarden, betoogt Yasmina Ahamiane.

Geert Wilders roept het al jaren: dat Marokkanen een probleem vormen in Nederland en dat het land beter af zou zijn zonder hen. Denk aan zijn beruchte ‘Minder Marokkanen’-uitspraak in 2014, of recenter, tweets waarin hij Marokkaanse Nederlanders in één adem verbindt met criminaliteit en overlast.

Maar het gaat verder dan zijn woorden. Het Nederlandse onderwijssysteem draagt hier stilzwijgend ook aan bij door kinderen met een Marokkaanse achternaam structureel lager te adviseren dan hun prestaties rechtvaardigen –zoals herhaaldelijk aangetoond is in onderzoeken van SCALIQ en de OESO.

Ook in de literaire wereld en media lijken Marokkanen vooral interessant wanneer zij zich publiekelijk afzetten tegen de islam, hun cultuur of tradities. Boeken worden gelauwerd, talkshowplekken aangeboden – vaker aan wie hun achtergrond afwijst dan aan wie hun identiteit omarmt. Schrijvers en kunstenaars die islamitische of Marokkaanse tradities vieren, blijven vaak buiten beeld.

En daar sta ik dan. Telkens aan de overkant, roepend dat het niet waar is dat wij alleen waardevol zijn als we onze wortels verloochenen. Mijn stem wordt zelden gehoord, en mijn geduld raakt op.

Over de auteur

Yasmina Ahamiane is schrijver, theatermaker en onderwijzer. Ook is zij oprichter van Lettertypes, een broedplaats met workshops voor kinderen waarbij fysieke en gesproken taal centraal staan.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Handelsmerk Wilders

Het zal niemand zijn ontgaan. Geert Wilders plaatste een tweet met links een gelikt beeld van een blonde vrouw met blauwe ogen, onder de letters ‘PVV’, en rechts een angstaanjagend beeld van een vrouw in hijab, met ‘PvdA’ eronder. Het beeld was zorgvuldig gekozen om polarisatie te voeden en groepen over één kam te scheren. Het is zijn handelsmerk.

Ik dacht: dat kan ik ook. Als geboren en getogen Marokkaanse Amsterdammer, creatief en ervaren met pestkoppen, maakte ik het omgekeerde: links een onflatteuze foto van Wilders met ‘PVV’, rechts een aantrekkelijke Noord-Afrikaanse man met een warme glimlach, en onder de tekst ‘Je gemiddelde Marokkaan die werkt, opgeleid is en geen vlieg kwaad doet.’

Ik plaatste het via mijn werkaccount op Instagram, als leerkracht van kinderen van allerlei achtergronden, onder wie veel Marokkaanse. Mijn boodschap aan die kinderen was: jij doet ertoe. Je bent bekwaam, competent en waardig. En laat geen pestkop je iets anders wijsmaken.

De post sloeg aan: duizend likes, applaus-emoji’s, hartjes, en vooral persoonlijke berichten van leerlingen die zich gezien voelden. Voor hen voelde het als een hand die ik naar hen uitstak – een stille, krachtige boodschap: ik lijk op jou en ik geloof in jou, ook als de rest van de wereld dat niet lijkt te doen.

Witte filmmaker

Toen gebeurde het. Een witte filmmaker nam mijn post over, zonder bronvermelding. Hij zette het op zijn eigen Instagram, haalde mijn woorden weg en gaf er zijn eigen politieke draai aan – niet meer over mijn leerlingen of onze waardigheid, maar over zijn standpunt. Het resultaat? Drie keer zoveel likes, drie keer zoveel reacties en lof voor hém.

En dit is geen incident. Het past in een bredere trend waarin gebruiken, ideeën en verhalen van minderheden worden overgenomen, witgewassen en geprezen – zonder erkenning voor de oorspronkelijke makers of gemeenschappen.

Kijk naar de Ramadan. Jarenlang werd het vasten in de islam weggezet als wreed en ongezond. Maar zodra een hippe witte influencer aan intermittent fasting doet – zestien uur niets eten voor ‘detox’ of ‘zelfdiscipline’ – wordt het plots gepresenteerd als inspirerend en bewonderenswaardig.

Of neem matcha. Eeuwenlang onderdeel van Japanse theeceremonies, werd het in Nederland nauwelijks begrepen of zelfs raar gevonden. Totdat een bekende beautygoeroe er felgroene lattes mee ging maken voor sociale media. Plots was het een ‘superfood’ dat je móést drinken voor je gezondheid en status.

Dit patroon gaat niet over één filmmaker. Het is een cultuur waarin onze verhalen, tradities en prestaties pas waarde krijgen als ze door een dominante groep worden overgenomen en gepresenteerd op een manier die voor hen comfortabel voelt.

Seizoensgebonden solidariteit

We leven in een tijd waarin solidariteit seizoensgebonden is. Als Gaza trending is, dragen mensen rood. Als Black Lives Matter trending is, verschijnt er een zwart vierkant op Instagram. Als de Amazone brandt, zijn we ineens allemaal natuurbeschermers. De dag erna verschuift de aandacht weer naar dierenrechten, duurzame avocado’s of de volgende hype.

Maar wat gebeurt er als de likes opdrogen en de spotlight verdwijnt, terwijl de pijn blijft?

In Nederland doen de ervaringen, wensen en verhalen van Marokkanen er niet toe – tenminste, niet op onze eigen voorwaarden. We mogen er zijn, maar alleen zolang we passen in het plaatje van de vooroordelende blik van de meerderheid. Samen de iftar vieren? Gezellig. Maar vrij vragen voor het Offerfeest? Lastig.

Gekke oom Geert

Als Wilders iets over Marokkanen roept, halen veel mensen hun schouders op: Ach, dat is je gekke oom Geert. Maar als Marokkanen zeggen zich hierdoor niet meer thuis te voelen, klinkt het steevast: ga dan terug naar je eigen land.

Zolang je de waarde van andere mensen blijft afmeten aan hoe goed ze in je eigen verhaal passen, blijft de boodschap simpel: jullie doen er niet toe.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next