Het Smithsonian Instituut moet voortaan ‘het Amerikaanse verhaal’ vertellen op een manier die de regering-Trump behaagt. Acht grote musea die deel uitmaken van het Smithsonian krijgen 120 dagen de tijd om zich aan te passen. Alle curatoren moeten verplicht op gesprek.
In zijn ambitie om de Amerikaanse cultuur naar zijn hand te zetten, heeft president Donald Trump een nieuwe stap gezet met een aankondiging in te grijpen bij acht grote musea in Washington D.C. In een brief getiteld ‘Internal Review of Smithsonian Exhibitions and Materials’ krijgen de musea 120 dagen de tijd om hun koers, hun collecties en plannen en al hun publieke communicatie aan te passen aan de wensen van de regering-Trump.
De musea dienen inhoudelijke correcties door te voeren en ‘verdeeldheid zaaiende, ideologisch gedreven taal te vervangen door verenigende, historisch accurate en constructieve beschrijvingen’. De doorlichting moet leiden tot een ‘vernieuwde curatoriale visie geworteld in de kracht, breedte en prestaties van het Amerikaanse verhaal’.
Het gaat vooralsnog om acht van de 21 musea van het Smithsonian Instituut, die behoren tot de grootste musea van de Verenigde Staten, instellingen als het National Museum of American History, het National Museum of Natural History, het National Museum of the American Indian en het National Air and Space Museum.
Volgens de brief moet er verandering komen op verschillende terreinen, zoals publieksinformatie, tentoonstellingsplannen en de ‘narratieve standaard’, dus of de vertellingen in lijn zijn met de beoogde visie. Ook moeten alle curatoren op gesprek komen.
Het schrijven is gericht aan de secretaris van de musea, Lonnie Bunch III, en volgt op een presidentieel decreet dat Trump in maart uitvaardigde, ‘Restoring Truth and Sanity to American History’. Daarin schreef hij dat de Smithsonian-musea onder invloed zijn gekomen van een ‘verdeeldheid zaaiende, op ras gebaseerde ideologie’ die ‘Amerikaanse en westerse waarden voorstelt als inherent kwetsend en onderdrukkend’.
Sinds dit decreet heeft president Trump de directeur van de Smithsonian National Portrait Gallery willen ontslaan (zij nam daarop zelf ontslag) en heeft het Smithsonian verschillende aanpassingen gedaan. Zo sloot het instituut zijn afdeling voor inclusie en diversiteit, en paste het Museum of American History vorige week museumteksten aan: informatie over Trumps onjuiste uitspraken over de verkiezingsuitslag in 2020 en over zijn uitspraken die leidden tot de bestorming van het Capitool werden verwijderd.
Eind juli trok bovendien de veelgeprezen kunstenaar Amy Sherald, bekend van het portret dat zij maakte van Michelle Obama, haar geplande overzichtstentoonstelling in de National Portrait Gallery terug. Het museum had overwogen haar schilderij Trans Forming Liberty (2024), een voorstelling van een zwarte trans vrouw in de houding van het Vrijheidsbeeld, niet in de tentoonstelling op te nemen.
Het werk, een portret van het Amerikaanse trans model Arewà Basit, hangt nu op Sheralds tentoonstelling in het Whitney Museum in New York en werd vorige week prompt door het magazine The New Yorker op de cover geplaatst. ‘Vrijheid ligt niet vast’, zei Sherald in een reactie. ‘Zij transformeert en wij moeten meeveranderen. Mijn schilderij is een confrontatie met die werkelijkheid.’
De zorgen dat de regering-Trump met deze nieuwe eisen de geschiedenis wil herschrijven, zijn groot. Smithsonian-expert Samuel Redman noemt het in The New York Times een ‘frontale aanval op de autonomie van alle afdelingen van het Smithsonian Instituut’.
Susan Legêne, hoogleraar politieke geschiedenis aan de VU en expert op het gebied van museale collecties, koloniale geschiedenis en erfgoed, noemt de brief desgevraagd ‘ernstig en verontrustend’: ‘Er waren al veel schoten voor de boeg gegeven door Trump. Maar dit gaat stappen verder.’ Vooral aangekondigde revisie van tentoonstellingsplannen noemt Legêne ‘regelrechte censuur’.
De Smithsonian-musea zijn begin 19de eeuw opgericht door de rijke Engelsman James Smithson, met als doel kennis te bevorderen en te verspreiden. Met zijn aandacht voor wetenschap en de prille democratie werd het Smithsonian Instituut onderdeel van de identiteitsvorming van het land. De meeste musea staan aan de Mall, het parkgebied tussen het Capitool en het Washington Monument.
Het instituut wordt geleid door onafhankelijke bestuurders, onder toezicht van het Amerikaans Congres. Volgens de Amerikaans-Nederlandse historicus James Kennedy, hoogleraar moderne geschiedenis aan de Universiteit Utrecht, is daarmee gewaarborgd dat het instituut niet zomaar een speeltje van elke nieuwe president kan zijn. ‘Maar Trump kan wel het bestuur vervangen door zijn eigen vrienden, zoals hij eerder bij het Kennedy Center heeft gedaan.’ De historicus maakt zich zorgen over de gevolgen van de nieuwe eisen: ‘Wie gaat controleren of teksten en plannen goed zijn? Als een politieke hotemetoot komt kijken wat er wel en niet mag, betekent dat een deprofessionalisering van de instituten en een ondermijning van hun expertise.’
Dat Trump nu zijn pijlen richt op het Smithsonian, heeft te maken met de verbondenheid van het instituut aan de federale overheid, zegt Kennedy. ‘Het gaat over wie en wat Amerika is. Trump laat hiermee ook zien dat hij de hoofdstad Washington D.C. geheel naar zijn hand wil zetten.’
Ook Legêne wijst erop dat Trump hiermee poogt te herschrijven wat Amerika bindt: ‘Geschiedenis is een belangrijk bindmiddel en Trump lijkt hiervoor terug te willen keren naar de geschiedenis van het vestigingskolonialisme en de pioniersgeest van de witte Europeanen die er neerstreken. Dat is verontrustend, want dit was ook de tijd van het verdrijven van de inheemse bevolking, van de slavernij en van het innemen van land van Mexico en het marginaliseren van latino’s.’
Je zou het ook een uiting kunnen noemen van roofdierkapitalisme, zegt Legêne, waarbij de macht expliciet in handen wordt gelegd van een kleine groep die alles naar haar hand wil zetten. Het is, hoe dan ook en in weerwil van James Smithsons oorspronkelijke ambities, ‘zeker een anti-democratische tendens’.
Hoewel het Smithsonian al veranderingen heeft doorgevoerd, vindt Susan Legêne niet dat het kompas van secretaris Lonnie Bunch wankelt: ‘In wat hij zegt, hoor ik dat hij principieel blijft. Hij probeert de waarden en prestaties van de afgelopen jaren, zoals de oprichting van het succesvolle Museum of African American History and Culture, overeind te houden door zich steeds op het instituut als geheel te richten.’ Of de concessies die het instituut tot nu toe heeft gedaan verstandig zijn of juist niet, is moeilijk vast te stellen, zegt zij: ‘Sommige mensen zullen zeggen dat elke concessie leidt tot erger, maar je ziet ook het omgekeerde: als je niet reageert, kan er nog rigoreuzer worden ingegrepen.’
Beide experts verwachten niet dat de musea zullen sluiten. Maar er kan wel schade optreden: al bij kleine aanpassingen verliest het publiek vertrouwen, donoren en sponsoren kunnen zich terugtrekken, en als er grote aanpassingen komen en personeel wordt vervangen, is de reputatieschade niet te overzien, zegt Kennedy: ‘Als evenwichtige kennis en een open en kritische blik op het verleden niet meer mogelijk zijn, wordt het een plek van propaganda.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant